Droomfietsen

Op een expositie is te zien dat de fiets zich blijft ontwikkelen. „Nederland heeft een naam hoog te houden.”

De Okes van Reinier Korstanje Designhuis

Wat is het? Een speelhuisje op wielen voor kinderen, een karretje voor huisdieren, of zomaar een attribuut om de tentoonstelling op te fleuren? Meteen als je het designmuseum in Eindhoven binnenkomt, zie je het staan. Je nadert, je kijkt door het tentdoek, en je ziet twee matrassen liggen. Dan wordt het duidelijk: dit is een caravan om achter de fiets te hangen.

Het is een ontwerp van Thijs Bouman die er een prijs mee won in het tv-programma Het Beste Idee van Nederland. „Eigenlijk was het een hele serie van eureka-momentjes”, zegt hij er achteraf over. „Het idee dat het leuk zou zijn om ’s avonds naar de sterren te kijken. Dat we dus een dakraampje moesten maken. De ingeving was dat we de caravans aan elkaar konden koppelen.”

De tentoonstelling met onder meer Boumans fietscaravan heet kortweg Fiets. Het was curator Leonne Cuppen er niet om te doen een historisch overzicht van de fiets te geven. „Daar is het Nationaal Fietsmuseum in Nijmegen voor”, zegt ze. „Ik heb vooral een beeld willen schetsen van de eigentijdse, goed vormgegeven fiets. En daarbij leg ik de nadruk op Nederlandse exemplaren. Nederland heeft een naam hoog te houden als het gaat om het ontwerpen van tweewielers.”

Het Designhuis wil laten zien hoe een prozaïsch vervoermiddel als een fiets zich blijft ontwikkelen. „Gemotiveerd door wensen en behoeften van consumenten of door eigen ervaringen en ingevingen, vinden designers in een ‘gewoon’ gebruiksvoorwerp als de fiets telkens weer inspiratie voor nieuwe vormen, functies en materialen”, zo heet het in de museumprospectus. „Juist de kruisbestuiving tussen de creatieve industrie en de maakindustrie blijkt een vruchtbare voedingsbodem op te leveren voor vernieuwing”. Cultuur, lifestyle, individualisering, zijn de sleutelwoorden.

In de zaal Proffiets fonkelt het paradepaardje waarop Theo Bos in Peking een gouden medaille hoopt te halen op het onderdeel sprint. Carbon is wat de klok slaat. De racefiets is door Koga-Miyata ontworpen in samenwerking met onder meer TNO en het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium. In sportkringen is het veelbesproken project beter bekend als het Kimera Project. Het resultaat wordt door kenners likkebaardend geprezen. Toch menen de ontwerpers dat er veel meer uit te halen was geweest, als ze niet gehinderd waren door de reglementen van de Internationale Wielerunie op het gebied van vorm, afmetingen en gewicht. Maar als je de fiets vergelijkt met het in dezelfde zaal opgestelde exemplaar waarop Leontien van Moorsel in 2003 het werelduurrecord verpulverde, dan is duidelijk dat er op materiaalgebied een revolutie plaatsvindt.

Vondsten uit de wereld van de topsport vinden hun weg snel naar de productiefiets. Ook dat laat het Designhuis overvloedig zien. Dezelfde gewichtbesparende materialen zijn op dezelfde stijfheid verhogende wijze toegepast in stadsfietsen, toerfietsen, ligfietsen, enzovoort.

Niet gehinderd door welke sportreglementen dan ook zijn sommige ontwerpers aan de slag gegaan om de fiets van de toekomst te definiëren. Een aantal ideeën is alleen nog maar als video-animatie te zien. Bijzonder is het ontwerp van Hansen en Hoepner, de zogenaamde Bowl Bike met zijn hubless wielen. Van wielen met spaken en naven is geen sprake meer. Eerder kun je spreken van bollen. Volgens de ontwerpers zijn de holle ruimtes te gebruiken als bagagedepots. Fantaserend bij het beeld zie je er ook een fiets in die over water kan rijden.

Een andere toekomstfiets – wel live aanwezig – is de Velocity van Adam Roestenburg, waarvan het idee is gebaseerd op de wetenschap dat bij een normale trapbeweging ongeveer het eerste kwart van de draaicirkel benut wordt voor de voortbeweging. Roestenburg gebruikt extra lange trapstangen die slechts een deel van de cirkel beschrijven. Voor de vorm betekent dit dat het vehikel er, misschien onbedoeld, uitziet als een reusachtige bidsprinkhaan op wielen. Maar dat doet zeker geen afbreuk aan het idee.

Opvallend vaak experimenteren designers met alternatieve aandrijfmechanieken. In de zaal Droomfiets tonen de ontwerpers Arnout Visser en Juul Jacobs een aantal prototypen waarbij de voorwaartse energie respectievelijk geleverd wordt door gewichtsverplaatsing, door ‘lopen’ op tredplanken of door trekbewegingen met de armen. Overigens bestaan er al seriematig gebouwde fietsen, ook te zien op de tentoonstelling, die gebruik maken van tredplanken, of de trekbeweging. De roeifiets van Thys is een voorbeeld van de laatste. En die heeft al verschillende continenten bevaren.

De ligfiets met de snijdende naam Whike van ontwerper Fredjan Twigt, heeft behalve conventionele trappers een heus zeil. Snelheden tot 60 kilometer per uur zijn niet uitgesloten. De Whike is toegestaan op de openbare weg en op fietspaden.

Fietsen over het water, het is net al genoemd. Onder Droomfietsen, opnieuw, bevindt zich de di-cycle, een amfibie. Het concept is ontwikkeld voor een Brabantse ontwerperswedstrijd. De ontwerpers hebben een soort wittefietsenplan voor ogen waarbij mensen actief betrokken worden bij de stad Helmond. Een goede infrastructuur van wegen en kanalen zou de komst van de di-cycle mogelijk maken. Wellicht dat de klimaatsverandering een en ander versnelt.

Wat zegt een fiets over de persoonlijkheid van zijn berijder? Veel, volgens Reinier Korstanje, de ontwerper van Okes, een rijwiel waarvan het frame gefreesd is uit Ardenner eik. „Eikenhout leeft en verandert mee met het gebruik en lifestyle van de gebruiker”, schrijft Korstanje op zijn website. Licht is de Okes niet te noemen, zo leert een snelle, handmatige weging. Maar door het contrast van hout en metaal is hier bijna sprake van een sculptuur, een museumstuk.

Bijna haaks op de mooie Okes staat het houten kinderfietsje Kid Balance. Maar is het wel een fietsje? Niels Smeltink stond een ontwerp voor ogen waarbij kinderen op speelse wijze hun evenwichtsmotoriek ontwikkelen. Het ‘dingetje’ is te gebruiken als step, loopfiets en fietsje. Gebruikerssporen zijn onontkoombaar.

De tentoonstelling Fiets in Het Designhuis in Eindhoven is tot 5 oktober te bezichtigen.