De Keltische tijger is aangeslagen

Toen vrijwel heel Europa nog groeide, kromp de Ierse economie al. De expansie die Ierland van een van de armste tot een van de rijkste Europese landen maakte, is voorbij. Wat is er in die paar jaar gebeurd?

Huizen in aanbouw in Loughrea, in de county Galway aan de westkust. Geen sector groeide in Ierland zo duizelingwekkend snel als de bouw, totdat de markt instortte. Foto Bloomberg Houses under construction in Loughrea, County Galway, Ireland, Thursday, August 31, 2006. In Ireland, where almost eight in 10 dwellings are owner-occupied, the frenzy for property is forcing many buyers to scrimp after prices quadrupled in a decade. The Irish central bank is warning about a potential collapse as interest rates rise, pushing debt costs higher. That may leave western Europe's fastest-growing economy vulnerable to a slowdown. Photographer: Sean Dwyer/Bloomberg News BLOOMBERG NEWS

De droom van Orwell Motors, die als slagzin ‘living the dream’ hanteerde, is voorbij. De glanzende BMW’s en Mercedessen blinken nog in de showroom, maar klanten zijn er niet meer bij deze luxe-autodealer aan de rand van Dublin. In plaats daarvan loopt er een, in toepasselijk zwart gehulde, man rond die namens de curator inventariseert wat er nog geveild kan worden uit de failliete inboedel.

Oorzaak? De consumenten zijn plotseling flink op de rem gaan staan, nu het economische tij in Ierland in korte tijd is gekeerd. Het land dat in het afgelopen decennium tot de snelste groeiers in Europa behoorde stevent plotseling op een recessie af. En dan wordt er al snel beknibbeld op dingen als luxe automobielen.

Zelfs de heel rijken houden zich in. Bij de befaamde paardenraces van Galway in het westen van het land, de Ierse uitgave van het Engelse Ascot, waar geslaagde zakenlui zich graag met hun vrouwen vertonen, signaleerden waarnemers vorige maand een veelzeggende trend. In plaats van nieuwe, voor de gelegenheid gemaakte creaties hadden sommige dames dit jaar hoeden uit de kast opgediept die ze al eens eerder hadden gedragen, listig opgelapt met nieuwe linten. Bovendien arriveerden er minder bezoekers met de eigen helikopter en werd er aanmerkelijk minder gegokt dan vorig jaar.

De waarde van alle Ierse bezittingen is de laatste twaalf maanden met 1 miljard euro per week afgebrokkeld, hebben Ierse economen berekend: 32.600 euro per huishouden. De economie is volledig ingezakt. Een onafhankelijk onderzoeksinstituut (ESRI) in Dublin voorspelt dat de economie dit jaar met 0,4 procent zal krimpen tegenover nog een robuuste groei van 4,5 procent vorig jaar. Feitelijk kromp in het eerste kwartaal de economie al met 0,2 procent vergeleken met het laatste kwartaal van het vorige jaar, terwijl bijna heel Europa nog van kwartaal op kwartaal groeide. De bond van beursmakelaars in Dublin houdt het voor dit jaar zelfs op 1,6 procent krimp. Anderen zijn minder pessimistisch, maar iedereen erkent dat de gouden jaren voor Ierland voorbij zijn.

De gevolgen van de Ierse neergang zijn overal zichtbaar. In de meubelzaak Home Stores, in het centrum van Dublin, is halverwege de middag geen klant te bespeuren. „Vorig jaar om deze tijd was het hier tjokvol”, zegt verkoper Andrew Broderick, die graag een praatje aanknoopt in de stille winkel. „Tegenwoordig zijn we al blij als we voor de lunch één item verkopen. We hadden onze deuren waarschijnlijk al moeten sluiten als de eigenaar dit pand niet zelf in eigendom had.”

De stagnatie valt ook aan een heel andere graadmeter af te lezen: er klinkt plotseling nog maar weinig Pools op straat. „Ze zijn voor een groot deel naar huis gegaan”, zegt Pauline Wren, die met haar man het café Zagloba in het centrum van Dublin drijft. Nog maar een jaar geleden viel overal op straat in Dublin Pools te horen. Velen werkten in de bouw, anderen in fabrieken, de horeca of in winkels. In supermarkten werden speciale vakken met Poolse producten aangebracht. Er werden zelfs speciale kranten voor Polen in Ierland gedrukt. Zolang het Ierse werkloosheidspercentage op een bescheiden 4,5 procent stond, hoorden de Oost-Europeanen hun gastheren niet klagen. Zo waren er in totaal op een gegeven moment ruim 230.000 Polen op 4,3 miljoen inwoners. „Het was in veel opzichten een symbool voor het Ierse economische succes”, zegt Alan Barrett, econoom bij het ESRI. Ierland, eeuwenlang emigratieland, was veranderd in een immigratieland.

Betrouwbare cijfers over de vertrekkende buitenlanders zijn er niet, ook omdat veel Polen zich na aankomst niet lieten registreren. Maar het aantal Polen dat zich nieuw inschrijft daalt. Zo fungeren de buitenlanders enigszins als een buffer die de terugslag in de Ierse economie opvangen. „Vroeger vervulden de Ieren zelf die rol”, zegt Barrett. „Zodra het minder met de economie in eigen land ging, migreerden ze in groten getale naar het buitenland.”

Ook nu nog maken sommige Ieren zich daartoe trouwens al weer op. De eens drukke Poolse clientèle van Pauline Wren beperkt zich nu tot een handjevol mannen. Ze kunnen nauwelijks meer werk vinden. „Gisteren nog hadden we hier een Pool, die totaal aan de grond zat. We hebben hem maar 25 euro gegeven om in een bed & breakfast te gaan”, zegt Wren. Zij en haar man overwegen zelf een verhuizing naar Polen, waar de economie het nu relatief goed doet.

In een café in de arme buurt Ballymun in het noorden van Dublin vertelt Martine (ze wil haar achternaam niet geven) dat zij en haar man binnenkort naar Australië vertrekken. Hij is stukadoor maar is de laatste jaren aan de kost gekomen als taxichauffeur. Door de lage tarieven van de Polen kwam hij in zijn eigen vak niet meer aan bod. In Australië kan hij weer aan de gang als stukadoor.

„Het leven is hier ook veel te duur”, klaagt Martine. Enige vriendinnen vallen haar bij. Veel families in de buurt hebben door de hogere brandstofprijzen en de hogere uitgaven voor levensmiddelen grote moeite de touwtjes aan elkaar te knopen. „Gisteren was er een 24-jarige vrouw die een einde aan haar leven heeft gemaakt door van het balkon van haar flatgebouw te springen”, vertelt een van de vrouwen. „Ze had een kind en kon het financieel niet meer bolwerken.”

Hoe komt het dat een van de best presterende economieën in Europa zo plotseling in het slop is geraakt? Economen wijzen zonder uitzondering naar de bouw. Geen sector is de laatste jaren zo duizelingwekkend snel gegroeid als juist deze. Doordat de welvaart toenam en Ierland over een relatief grote groep jonge ouders met kinderen beschikte groeide de behoefte aan goede woningen snel. En daarmee de prijzen. Voor bouwbedrijven het signaal om op grote schaal nieuwbouwprojecten te beginnen.

In het recordjaar 2006 werden er zo bijna 90.000 nieuwe woningen opgeleverd. Zo groot was de Ierse bouwwoede dat op een gegeven moment 12,5 procent van de beroepsbevolking in deze sector en aanverwante bedrijfstakken werkzaam was, meer dan het dubbele van andere Europese landen.

De prijzen bleven tot vorig jaar torenhoog. Voor de eenvoudigste woningen in Dublin moest al 400.000 euro worden neergelegd. „Mijn zoon en zijn vrouw kunnen zich geen kinderen permitteren omdat ze hard moeten werken om hun hypotheek af te lossen”, zegt Freddy Daly, een gepensioneerde gemeentelijke ambtenaar die in een park een krant zit te lezen.

De stijging kon echter niet eeuwig aanhouden. „Het was op zichzelf geen verrassing dat die markt op een gegeven moment moest inzakken”, stelt Michael Crowley, econoom van de Bank of Ireland, een particuliere bank. Verrassend was alleen het tempo waarmee dat de afgelopen maanden is gebeurd. Dit jaar zullen er amper 40.000 nieuwe woningen bijkomen en de huizenprijzen gaan steil naar beneden, vooral in Dublin. Volgens Aoife Brennan, taxateur bij de grote makelaarsfirma Lisney, zijn de huizenprijzen in Dublin de laatste achttien maanden met zeker 20 procent gedaald.

Dit wil niet zeggen dat er niet meer wordt gebouwd. In delen van Dublin en omgeving, goed voor een derde deel van de bevolking van Ierland, wemelt het nog van de hijskranen en daveren de drilboren. Vooral in het voormalige havengebied in het oosten van Dublin staan nog veel glimmende kantoor- en woontorens in aanbouw. Een deel is al gereed, maar bij vele staan borden met ‘te huur’.

De neergang van de bouwsector in Ierland heeft ook ingrijpende consequenties voor makelaars. „We hebben een paar maanden geleden allemaal een salarisverlaging van 10 procent moeten aanvaarden”, zegt Aoife Brennan in Lisney’s hoofdkwartier in het hart van Dublin. „Er gebeurt op het moment bijna niets meer op de woningmarkt.”

Ook veel banken, die nauw betrokken waren bij de bouwsector via leningen en hypotheken, zijn in zwaar weer terechtgekomen. Sommige banken hebben sinds begin dit jaar 70 procent van hun beurswaarde verloren. Ook de Bank of Ireland valt in die categorie. „Het is tijd de helmen te voorschijn te halen”, waarschuwde Richard Burrows, voorzitter van de raad van bestuur, aandeelhouders vorige maand. Zijn bank verloor die dag 9 procent van haar beurswaarde. De klap voor de banken kwam extra hard aan omdat die samenviel met de internationale kredietcrisis.

De Ierse industrie is er vooralsnog tamelijk goed uitgesprongen, maar de hoge eurokoers speelt haar wel parten, temeer omdat de Ieren vanouds veel exporteren naar Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Zowel het Britse pond als de Amerikaanse dollar is fors gedaald ten opzichte van de euro – al lijken de rollen nu omgekeerd, en de euro daalt ten opzichte van de dollar.

Als gevolg van de economische stagnatie neemt voor het eerst sinds jaren ook de Ierse werkloosheid toe. In juli stonden er 238.000 mensen geregistreerd als werklozen, liefst 36,5 procent meer dan een jaar geleden. Dat betekent dat de overheid honderden miljoenen euro’s extra kwijt is aan werkloosheidsuitkeringen. Daardoor en door sterk teruglopende belastinginkomsten raakt de regering in het nauw. Ze heeft al bezuinigingen op de overheidsuitgaven aangekondigd, vooral op de gezondheidszorg. Door deelname aan de euro is de regering verplicht het begrotingstekort niet boven de 3 procent te laten stijgen. „Dit jaar zal ze nog wel binnen de limiet blijven”, voorspelt econoom Barrett, „maar volgend jaar zit ze echt met een dilemma: flink bezuinigen of riskeren dat de Europese Commissie op de deur klopt.”

Nu wreekt zich dat de Ierse regering in goede tijden niet spaarzamer is geweest. Daardoor ontbreken middelen om de economie een impuls te geven. Dat kan premier Brian Cowen ook zichzelf aanrekenen. Tot mei was hij minister van Financiën.

Bij alle problemen komt bovendien nog de inflatie die is gestegen naar 5 procent. Geen wonder dat de regering er alles aan doet om de lonen in de hand te houden. De vakbonden zijn echter niet van plan genoegen te nemen met een loonsverhoging die achterblijft bij de inflatie. Maar hoe hoger de lonen, hoe geringer de kans dat de export de eigen economie helpt aanjagen. En toch moet het herstel volgens economen vooral van de export komen.

De Keltische tijger, zoals Ierland in de jaren negentig wegens zijn Chinese groeicijfers werd gedoopt, is aangeslagen. Maar niet iedereen is somber over de vooruitzichten. „De economie beweegt zich nu eenmaal in cycli en voor de middellange termijn ben ik tamelijk optimistisch over het herstel”, zegt econoom Michael Crowley. „Maar wanneer het bergafwaarts gaat, vrees je al gauw het ergste.”