Baanwielrenners blokkeren in Peking

De baanwielrenners begonnen gisteren slecht in in Peking. Theo Bos klaagde over spanningen en onvoldoende snelheid. Het niveau moet de komende dagen drastisch omhoog.

De Nederlandse baanwielrenners hebben de afgelopen jaren internationaal een reputatie opgebouwd als wielernatie in opkomst. Maar Nederlandse fans die gisteren naar de Laoshan Velodrome in Peking waren gekomen voor de eerste olympische schermutselingen op de baan, zagen vooral onzekere, geblokkeerde of nerveuze Nederlandse renners, die de verwachtingen geen moment waarmaakten.

De een, olympisch debutant Jenning Huizenga, bleek voorafgaand aan de Olympische Spelen drie weken niet te hebben kunnen trainen omdat hij „niet fit” was. De ander, oud-wereldkampioen sprint en keirin Theo Bos, het boegbeeld van de Nederlandse baanrenners, erkende na de uitschakeling van de teamsprinters dat hij „matig tot slecht” had gereden en dat hij „pure snelheid” miste. Het klonk weinig hoopvol.

Bondscoach Peter Pieters was de Spelen vorige week zelf ook al onfortuinlijk begonnen met een pijnlijke botsing met een van zijn renners tijdens de baantraining. Maar hij probeerde na de dramatische eerste dag van zijn ploeg de moed erin te houden. „Het is wel eens vaker niet goed gegaan op de eerste dag, bijvoorbeeld met een wereldbeker. Op de tweede dag rijden er weer andere jongens. Het kan zomaar omslaan.”

Maar op basis van het laatste grote toernooi voor de Spelen, de WK in Manchester vier maanden geleden, had ook hij vermoedelijk meer verwacht dan een vroegtijdige uitschakeling van twee van de medaillekandidaten.

Het grote talent Huizenga uit Franeker reed in Manchester naar een indrukwekkende tweede plaats op de individuele achtervolging, waar hij een wereldtijd neerzette voordat hem in de finale een halt werd toegeroepen door de sterke Brit Bradley Wiggins. Gisteren reed de Fries in Peking liefst twintig seconden langzamer dan destijds in Manchester. Hij werd bovendien al na 2.600 meter ingehaald door zijn Nieuw-Zeelandse tegenstander Hayden Roulston.

„Schlemielig”, noemde Jenning Huizenga zijn uitschakeling. „Ik ben de afgelopen vier weken niet in orde geweest, al voordat we naar Peking reisden. Ik heb dat nooit verteld. Ik weet niet wat ik had, ik was niet fit. Als je als topsporter vijf procent minder bent, is het al niet goed.”

Hij wilde er verder niet over uitweiden. „De laatste dagen voelde me ik me wel weer goed. Maar blijkbaar was mijn lijf niet goed genoeg voor een inspanning als deze. Al na een kilometer ging het licht uit. Belachelijk dat ik twintig seconden langzamer rijd dan in Manchester. Dan is er duidelijk iets niet goed.”

Bondscoach Peter Pieters had niet overwogen de jonge renner aan de kant te houden. „Jenning heeft die plek verdiend. Hij reed deze week op de training een geweldige tijd, dus dit is een beetje een raadsel.”

Hij vermoedde dat de druk van de Spelen te groot was. „Die jongen komt uit het niets, wordt tweede op de WK en iedereen denkt dat hij olympisch kampioen wordt. Hij heeft zijn tijd nodig. Hij is jong. Het is een harde leerschool, maar we moeten kijken of hij deze klap kan opvangen en of hij er over vier jaar wél staat.”

Voor Theo Bos en Teun Mulder had de teamsprint de opwarmer moeten zijn voor hun deelname aan de sprint en de keirin, maar samen met Tim Veldt hoopten zij ook hun bronzen medaille van de WK te verbeteren. Zorgwekkend was vooral de tegenvallende prestatie van kopman Theo Bos, winnaar van het zilver op de olympische sprint in Athene (2004). Na een alleenheerschappij van drie jaar werd Bos in april voor het eerst weer eens verslagen op zijn specialiteit, door de Schot Chris Hoy, die gisteren op de teamsprint het eerste Britse goud bij het baanwielrennen binnensleepte.

Tim Veldt, wiens Spelen alweer voorbij zijn, voelde onderweg al dat Bos niet op zijn best was. „Als Theo hard rijdt, voel ik dat meteen. Nu niet. We waren er al een beetje bang voor dat de spanning te groot zou zijn. In het verleden hebben we ook wel eens meegemaakt dat iemand daardoor blokkeerde.”

Ook Bos, die zijn dominantie op de baan dit jaar heel snel zag afbrokkelen, gaf ruiterlijk toe dat hij „heel gespannen” was voor de eerste wedstrijd. „Dat je pure snelheid tekort komt, is een vervelende conclusie op de eerste dag van de Olympische Spelen. Ik wil het graag verklaren, maar ik weet echt niet waarom het niet ging. Ik ben hier wel heel teleurgesteld over.”

Bos zei dat hij zich geen zorgen wilde maken over zijn vorm voor de rest van het toernooi. „Je houdt rekening met dit soort scenario’s. Ik moet nu de knop omzetten en elke dag volle bak rijden.”

Vandaag staat voor hem en Mulder in Peking het keirin op het programma en dinsdag volgt de sprint. Voor Bos zijn de Britten favoriet. „Die mag je allemaal op schrijven voor de keirin en de sprint.”