12.500 euro voor kleiner klasje

Maandag begint een particuliere school in Bussum, als begin van een landelijke keten. „Het is een reactie op de kwaliteit van het huidige onderwijs.”

Peter van Kranenburg, de oprichter van Florencius. Foto Evelyne Jacq Europa, Nederland,Bussum, 14-08-2008 Peter van Kranenburg, oprichter, directeur van de particuliere basisschool 'Florencius' met een klas van max.8 leerlingen. foto: Evelyne Jacq Jacq, Evelyne

Lodewijk (9) is de tweede zoon van Petra Vriens en Theo Janssen uit Bussum. Een slim mannetje, zegt zijn moeder. „Een gangmaker in de klas. Geen ADHD’er, maar wel druk.”

Op zijn basisschool in Bussum ging alles goed, tot begin dit jaar. „We werden aangesproken door iemand van school. Daar schrokken we van. Lodewijk was achteruitgegaan bij zijn toetsen. Wij wilden weten hoe dat kwam en wat we konden doen. Maar daar kwam geen antwoord op.” Na een test bleek dat Lodewijk bovengemiddeld slim is. In een klas van 30 leerlingen kon hij echter niet voldoende uitdaging vinden.

De oplossing? Lodewijk gaat vanaf komende maandag naar de private basisschool Florencius, samen met drie andere leerlingen. Mogelijk komen er dit jaar nog drie kinderen bij.

Florencius begint in een wijkcentrum in Bussum, maar de school moet uiteindelijk uitgroeien tot een landelijke keten van privaat gefinancierde basisscholen. Ouders betalen 12.500 euro per kind per jaar. Binnen vijf à zes jaar moeten de scholen quitte draaien. Dat is de afspraak met de investeringsmaatschappij die er geld in steekt.

Florencius is niet de eerste private basisschool van Nederland, zegt oprichter en directeur Peter van Kranenburg. In Nederland volgen 568 van de circa 1,5 miljoen basisscholieren privéonderwijs, voornamelijk kinderen met een religieuze achtergrond. Maar Florencius zou wel de eerste keten van private basisscholen worden.

Op Florencius is de intake streng. Kinderen met een gedragsstoornis komen er niet op. Kinderen met leerproblemen weer wel. Op de school komt meer aandacht voor taal en rekenen, maar ook voor sport, toneel, cultuur en het leren bespelen van muziekinstrumenten. Van Kranenburg: „Er is vier tot zes uur extra les per week. En extra aandacht voor hoogbegaafdheid, dyslexie en dyscalculi.”

Vervolg Privéscholen: pagina 1

Nooit meer in een te grote klas, of op een vieze wc

Privéscholen

Vervolg Privéscholen van pagina 1

Van Kranenburg: „Op Florencius hebben we remedial teachers en een psycholoog. En we stellen hogere eisen dan de overheid.”

Peter van Kranenburg komt zelf uit het onderwijs. Hij zette in 1997 basisschool De Omnibus op in Almere. Die school begon ook klein, met twaalf kinderen, maar groeide uit tot een megaschool van 1.100 leerlingen.

„Het was en is een goede school, De Omnibus. Met bevlogen leerkrachten en goede rapporten van de inspectie”, zegt Van Kranenburg. „Maar het is voor een reguliere school onmogelijk om alle kinderen zorg op maat te bieden. Reguliere basisscholen in Nederland kampen vaak met grote problemen.”

Van Kranenburg somt op: „Altijd te weinig geld voor een écht mooi, schoon gebouw. Grote klassen, vieze wc’s en onderwijs voor de middenmoot omdat er niet genoeg individuele begeleiding is. Rekenen en taal wordt er niet meer goed aangeleerd.”

De beloofde individuele aandacht op Florencius, vooral dát gaf de doorslag voor Petra Vriens, de moeder van Lodewijk. Op de scholen die zij kent, is er volgens haar te weinig individuele aandacht. „Er is geen maatwerk. Er is weinig aandacht voor andere manieren van leren, creatieve vakken, sport. Er zijn beperkte middelen, slechts twee computers per klas. De kwaliteit van het onderwijzend personeel is onvoldoende”, vindt zij.

Dat vindt ook Ad Blankenstijn. Hij begon vijf jaar geleden met particulier onderwijs voor oudere basisscholieren. Het gaat dit jaar om 16 leerlingen, en de school vraagt 18.000 euro per jaar. Ook Blankenstijn doet meer aan rekenen, spellen en lezen dan het reguliere onderwijs. „Kinderen weten tegenwoordig niks, ze kunnen niks, dat weet iedereen”, zegt Blankenstijn. „Maar het ministerie zegt dat er niets aan hand is. Het onderwijs is te modern geworden. De nadruk op kennis is verschoven naar babbelen. Kinderen praten over de ozonlaag terwijl ze niet weten wat ozon is.”

Onderwijssocioloog Sjoerd Karsten van de Universiteit van Amsterdam begrijpt het wel. Het particuliere onderwijs is volgens hem „een reactie op de alom aanwezige onvrede over het publieke onderwijs”. „In de VS leidt het tot een enorme groei van het thuisonderwijs. Dat gaat daar al om 1,5 miljoen kinderen.”

Florencius probeert aan alle onvrede tegemoet te komen, zegt Karsten. Maar de vraag is of dat op alle fronten zal slagen. „Want dyslexie – om maar iets te noemen – is iets anders dan hoogbegaafdheid. En dat vergt dus een ander soort zorg.” Toch staat Karsten niet onwelwillend tegenover het idee. „De pluriformiteit van het onderwijs, die is er helemaal niet. Een beetje liberalisering zou best wenselijk zijn.”

Kete Kervezee, voorzitter van de nieuwe raad voor primair onderwijs, de PO-Raad, denkt daar heel anders over. Zij noemt het initiatief van Florencius „niet nodig, niet dringend en niet wenselijk”. Natuurlijk, Kervezee onderschrijft de huidige zorg over de kwaliteit van het basisonderwijs. „Daar werken we nu hard aan. Maar het is absoluut niet zo dat dit soort scholen nodig is omdat er niet meer genoeg goede scholen in Nederland zouden zijn. Integendeel. Driekwart van de scholen in Nederland is gewoon goed. Zeker in Bussum, waar het initiatief start.”

Kervezee vindt het initiatief verder „niet wenselijk” omdat ze de school „te eenzijdig” vindt. „Juist op de basisschoolleeftijd is het belangrijk dat leerlingen ervaringen opdoen met kinderen uit allerlei groeperingen uit de samenleving.”

Kamerlid Jasper van Dijk (SP) heeft uit bezorgdheid vragen gesteld over Florencius, omdat „privéscholen met kleine klassen en intensieve begeleiding” niet toegankelijk zijn voor ouders met een laag inkomen. Maar het ministerie van Onderwijs reageert terughoudend. Binnen het bekostigd onderwijs worden vergelijkbare faciliteiten aangeboden voor leerlingen met speciale behoeften, meldt een woordvoerder.

Van Kranenburg wil best toegeven dat hij inspeelt op de negatieve geluiden over het basisonderwijs. „Ik wil met dit initiatief ook een signaal geven aan de overheid dat het onderwijs anders kan.”

Maar een school stichten via de reguliere weg duurt te lang en legt te veel beperkingen op. „Als je een reguliere school wilt starten moet je in het aanbod van de gemeente passen”, zegt Van Kranenburg. „Daarnaast heb je een minimum aantal kinderen nodig om een school te stichten en dan wordt zo’n school en de klassen dus weer te groot. Die bureaucratische weg wilde ik niet nog een keer bewandelen.”

De keerzijde zijn natuurlijk de kosten per leerling. De ouders van Lodewijk bijvoorbeeld, zullen „niet langer op dezelfde manier op vakantie” kunnen. Daarom hoopt Van Kranenburg dat banken en bedrijven geld in zijn school willen stoppen, zodat ook minder bedeelde kinderen kunnen meedoen.

Onderwijssocioloog Karsten verwacht dat het privébasisonderwijs zal groeien, als het algemeen bijzonder onderwijs onvoldoende kwaliteit blijft bieden. „Het is eigenlijk een variant op politieke stromingen. Als de PvdA niet links genoeg is, zal de SP groeien.”

    • Marieke van Twillert
    • Japke-d. Bouma