Raketschild splijt alliantie

Na Tsjechië heeft nu ook Polen een overeenkomst met de VS gesloten over het Amerikaanse raketschild. Premier Tusk heeft dankzij Georgië het onderste uit de kan weten te halen.

Stéphane Alonso

De Poolse premier Donald Tusk voorspelde het al, meteen na het uitbreken van het conflict in de Kaukasus: dit geeft Polen nieuwe munitie in de moeizame onderhandelingen met de Amerikanen over de plaatsing van een raketschild.

Terwijl de crisis tussen Rusland en Georgië escaleerde, oefende Warschau extra druk uit op Washington. En gisteren lag er opeens een akkoord over de plaatsing van tien onderscheppingsraketten op Poolse bodem.

De overeenkomst bevat ongekende bilaterale veiligheidsgaranties van Washington aan Warschau en kan gelezen worden als een Poolse motie van wantrouwen tegen de NAVO en de Europese Unie.

In ruil voor het raketschild beloven de Amerikanen de Polen te hulp te zullen schieten in het geval van „militair en niet-militair gevaar”. De Poolse minister van Buitenlandse Zaken Radoslaw Sikorski noemde dat gisteren „een soort van versteviging van Artikel 5” van het NAVO-verdrag. Daarin staat dat een aanval tegen een NAVO-lid geldt als een aanval tegen de gehele alliantie en het recht geeft op collectieve zelfverdediging. Maar kennelijk is die garantie niet meer voldoende voor Polen.

„We geloven in de kracht van de NAVO en de EU”, zei premier Tusk gisteren beleefd „maar we weten ook hoeveel tijd het kost om die machine in beweging te brengen. We willen deel uitmaken van een bondgenootschap dat in een eventueel conflict vanaf het eerste uur in actie komt en niet pas als er alleen nog dode mensen te redden vallen.”

De Polen zijn ontdaan over de harde Russische reactie op de strijd die in Georgië losbarstte.

Vervolg Raketschild: pagina 5

Oorlog Georgië heeft oud zeer losgemaakt in Midden-Europa

Maar de Polen zijn wellicht nog wel meer bezorgd over het schijnbare onvermogen van de Europese Unie en de NAVO om eendrachtig en daadkrachtig op te treden in het conflict in Georgië en in andere internationale kwesties. „Wij zijn de Rubicon overgestoken”, zei Tusk gisteren en de onderliggende boodschap was duidelijk: West-Europa moest dat ook maar doen.

In harde onderhandelingen met de VS wist Polen de extra veiligheidsgaranties te bedingen – anders dan de Tsjechen, die eerder dit jaar al een akkoord tekenden zonder daar veel voor terug te krijgen. Met een radarbasis in Tsjechië en raketten in Polen kunnen de Verenigde Staten naar eigen zeggen inkomende projectielen uit ‘schurkenstaten’ in het Midden-Oosten en Azië onderscheppen.

Maar de angst voor Iran is voor Polen niet doorslaggevend geweest. Wel de angst voor Rusland. Na het machtsvertoon in de Kaukasus kan volgens de Poolse regering niemand meer beweren dat Rusland een tandeloze tijger is. Het conflict heeft er ook voor gezorgd dat de geringe animo voor het raketschild onder de Poolse bevolking nu veel groter is. Het zal Tusk weinig moeite kosten om het project aan het publiek te verkopen.

De oorlog in Georgië heeft in Midden-Europa veel oud zeer losgemaakt. Dinsdag togen vijf presidenten uit Litouwen, Letland, Estland, Polen en Oekraïne naar Tbilisi om hun ambtgenoot Saakasjvili en het Georgische volk een hart onder de riem te steken. Allemaal landen die een halve eeuw onder het sovjetjuk zaten en het nu nog steeds geregeld aan de stok hebben met Moskou.

Het voormalige Oostblok voelt zich niet serieus genomen door West-Europa. Landen als Duitsland en Nederland doen op energiegebied enthousiast bilateraal zaken met Rusland – Gazprom wil samen met Duitse en Nederlandse bedrijven een gaspijpleiding in de Oostzee bouwen. Maar intussen regent het pesterijen in het oosten en ten oosten van de EU: Estland en Litouwen hadden al te maken met cyberattacks vanuit Rusland, Polen met een voedselboycot en te pas en te onpas worden gas- en oliekranen richting Midden-Europa dichtgedraaid.

De Poolse president Lech Kaczynski was dinsdag in Tbilisi het meest uitgesproken. Zijn missie, zei hij, is „om de strijd aan te gaan en nee te zeggen tegen Russische dominantie”. In eigen land leverde die toespraak hem veel kritiek op. De president zou zich als een oorlogshitser en niet als een staatsman hebben gedragen en het Poolse buitenlandse beleid een slechte dienst hebben bewezen. Maar in essentie was iedereen het wel met hem eens.

De onderhandelingen met de Amerikanen over het raketschild hebben uiteindelijk meer dan vijftien maanden geduurd. Ze werden bemoeilijkt omdat Tusk en Kaczynski ruzie kregen over de onderhandelingsstrategie. Kaczynski vond dat Polen het project zonder morren moest omarmen, zoals Tsjechië dat deed. Maar Tusk stelde hoge veiligheidseisen, helemaal na het Russische dreigement om raketten op Polen te richten in antwoord op het raketschild.

Moskou voelt zich bedreigd door het project, ondanks de verzekering van Washington, dat het gericht is tegen landen als Noord-Korea en Iran. Als antwoord op de Russische dreigementen drong Tusk aan op de aanwezigheid van Patriotraketten op Poolse bodem, maar de VS hadden weinig zin om zulk kostbaar wapentuig met de Polen te delen.

Nu zijn de Amerikanen alsnog overstag gegaan. Vanaf volgend jaar beschikt Polen over in ieder geval één Amerikaanse batterij Patriotraketten.

    • Stéphane Alonso