Eindelijk even tijd voor een kopje koffie met de patiënt

De thuiszorg verkeert in een crisis en verliest in hoog tempo verpleegkundigen. Die beginnen voor zichzelf. Dan kunnen ze patiënten echt helpen en kost het ook minder.

Blekman zegt de verstandelijk en lichamelijk gehandicapte Merel (13) betere hulp te kunnen geven als zelfstandige. Foto Evelyn Jacq Europa, Nederland,Maarssen, 13-08-2008 Thuiszorg. Een verpleegkundige verzorgt een meervoudig gehandicapt meisje bij haar thuis s'avonds. foto: Evelyne Jacq Jacq, Evelyne

Thuiszorg geven was lopendebandwerk geworden. De instelling schreef Annelies Blekman tot in detail voor hoe en welke ze hulp mocht geven, terwijl haar patiënten vroegen om andere hulp. Gewoon een praatje bij een kopje koffie. Dus begon Blekman, die verpleegkundige is, vorig jaar voor zichzelf.

Veel personeel in de thuiszorg is ontevreden. De laatste jaren legde de overheid de hulp tot in detail vast en liet steeds meer werk doen door lageropgeleide werknemers. Dat is goedkoper. Bijna de helft van de verzorgenden en verpleegkundigen zegt onvoldoende tijd te krijgen klanten persoonlijke aandacht te geven, bleek vorig jaar uit onderzoek van het Landelijk Expertisecentrum Verpleging & Verzorging (Levv). Eenderde van de ondervraagden stelt dat ze te weinig verzorging kunnen geven.

Bij werknemers in de thuiszorg is de onvrede het grootst: in 2006 ging daar 17 procent van de 40.000 verplegers en verzorgers weg. Ter vergelijking: slechts 6 procent van hun collega’s in ziekenhuizen vertrok. „Naar verhouding haken veel jongeren binnen een jaar af”, zegt Blekman. „Omdat ze teleurgesteld zijn over de thuiszorg.”

Een groot deel van die afhakers gaat verder als zelfstandige, net als Blekman. Zij bepalen dan zelf welke thuiszorgorganisatie hen kan inhuren. Zelfstandige verpleegkundigen zijn gewild bij klanten met een pgb (persoonsgebonden budget). „Ze willen niet steeds iemand anders, zoals bij thuiszorgorganisaties”, weet Blekman. „Dat tast de privacy aan, belangrijk bij het aankleden en douchen.” Niet de overheid bepaalt waar de klant zijn pgb aan besteedt. „Dat is vaak gewoon tien minuten kletsen met een kopje koffie”, is Blekmans ervaring.

Blekman verdient nu evenveel als in vaste dienst bij een thuiszorginstelling. Maar het gaat haar en andere opgestapte collega’s niet om het salaris. „Je kiest dit beroep niet om rijk te worden. Zorgverleners willen gewoon goede hulp geven. Ik krijg nu wel heel veel immaterieel loon.” Overigens heeft ze financieel niets te klagen, omdat de vraag naar dit type hulp groot is. „Mijn agenda is overvol. De meeste verzoeken speel ik door naar andere zelfstandigen.”

Dat doorschuiven wordt steeds makkelijker, want het aantal zelfstandige praktijken van verzorgenden en verpleegkundigen groeit de laatste twee jaar snel. Blekman schat dat 5.000 à 7.000 verplegers en verzorgers uit de zorg in die periode voor zichzelf zijn begonnen. Naar verhouding de meesten komen volgens haar uit de thuiszorg. Directeur Jos de Blok van de alternatieve thuiszorginstantie Buurtzorg praat over een „dramatische situatie in de thuiszorg. Het personeel stroomt daar aan alle kanten uit.”

Hij kan het weten, want hij begon anderhalf jaar geleden Buurtzorg, dat de capaciteiten van de verplegers en verzorgers probeert te benutten. Daarom komen ze naar hem. De Blok heeft al 44 teams van twaalf verplegers en verzorgers. Werven is niet nodig, ze komen vanzelf. „Ze doen in de thuiszorg vaker dingen die compleet indruisen tegen hun beroepsopvatting.” Zoals zorg verlenen, zonder voldoende de mening en expertise van de verpleegkundigen in te zetten.

Zo polste laatst iemand bij De Blok of werken bij Buurtzorg prettig was. „Ze vroeg me: ‘Mag ik bij jullie met collega’s overleggen? Bij haar kon dat eens in de dertig weken. Ze kreeg elke dag een lijst mee met dingen die ze mocht doen bij haar klanten.” Terwijl Buurtzorg juist die vakkennis en opleiding inzet. Dat is beter voor de klanten en het is efficiënter, stelt De Blok. Omdat zijn hulpverleners zelf hun werk inrichten, zijn er geen managers nodig. Dat bespaart veel overheadkosten, vertelt hij tijdens een autorit vanuit Nootdorp. Daar sprak hij met negen verpleegsters die afgelopen mei tegelijk overstapten van een traditionele thuiszorginstelling naar Buurtzorg.

De thuiszorgorganisaties erkennen de problemen, laat directeur Aad Koster van branchevereniging Actiz weten. Hij kan niet zeggen hoeveel medewerkers vertrokken bij zijn leden. Hij wijst er op dat de financieel onzekere toekomst bij thuiszorginstanties een rol speelt. „De sector staat erg onder druk”, zegt Koster. „We krijgen bezuiniging na bezuiniging te verwerken. Je kunt rustig stellen dat sprake is van een crisisachtige situatie. Dat is geen goed klimaat voor het behouden van personeel.”

Een verpleegster in de thuiszorg klaagt in de enquête van Levv: „Ik wil minder afhankelijk zijn van de grillen in de politiek; meer zekerheid van werk op lange termijn.” In vergelijking met eenzelfde onderzoek in 2005, trekt Levv de conclusie: „De ontevredenheid neemt toe, de werkdruk wordt groter en de kwaliteit van de zorg lijkt meer onder druk te staan.”

Zelfstandige zorgverleners profiteren. Beroepsorganisatie V&VN presenteert volgende maand een servicepakket die overstappers een handje helpt met het opzetten van het eigen bedrijfje en alle administratieve rompslomp die daarbij komt kijken. De maand daarna begint Annelies Blekman met het geven van workshops. De woordvoerder van V&VN: „Overstappen wordt alleen maar makkelijker.”

    • Frits Baltesen