De prijs van het verleden is hoog

Kamerlid Duyvendak, die zichzelf in opspraak bracht, is gisterenavond afgetreden.

Maar heeft hij daarmee de onrust binnen zijn partij GroenLinks nu bezworen?

Actie bij kerncentrale Borssele, 26 april 1987. Foto Leo van Velzen Velzen, Leo van

Gisteravond was GroenLinks-partijvoorzitter Herman Nijhof nog op de radio. Hij sprak zijn volste vertrouwen uit in Tweede Kamerlid Wijnand Duyvendak, die die dag opnieuw in opspraak was gekomen vanwege zijn actieverleden. Hij zou indirect betrokken zijn geweest bij bedreiging van ambtenaren. „Oud nieuws”, oordeelde Nijhof, Duyvendak kon parlementariër blijven.

Maar op datzelfde moment belde de voorlichter van GroenLinks journalisten om ze uit te nodigen voor een „belangrijke” persconferentie een uur later. Van Wijnand Duyvendak. En van fractievoorzitter Femke Halsema. In politiek Den Haag was toen al duidelijk: Duyvendak zal de Kamer verlaten.

De golf aan negatieve publiciteit is te veel geworden, zijn positie onhoudbaar, de schade voor de partij te groot. Dat de publicatie van namen en adressen van ambtenaren in het krakersblad Bluf!, waarvoor hij in 1985 verantwoordelijk was, had geleid tot brandstichting bij een topambtenaar vond Duyvendak zelf geen oud nieuws, zeker geen nieuws dat hij kon negeren. „Ik ben me rot geschrokken”, zei hij gisteravond.

Is met deze radicale stap GroenLinks nu uit de problemen? Uiteraard hoopt de partij van wel. Halsema zei tijdens de persconferentie dat ze het effect van de affaire-Duyvendak nog niet kan overzien. Ze noemde het in ieder geval schadelijk dat ze uit de fractie een zo goed Kamerlid ziet vertrekken. „Hij weet zo veel van milieu, toch het belangrijkste onderwerp voor GroenLinks”. Ze zei veel respect te hebben voor zijn besluit, dat hij zelf had genomen. „Maar ik betreur het heel erg. Hij is altijd heel openhartig geweest over zijn verleden. Dat is uitzonderlijk voor zijn generatie. Ik hoop dat anderen hem zullen volgen.” Duyvendak was in de loop van de dag tot conclusie gekomen dat het voor hem en de partij beter was te vertrekken. Tegen de beeldvorming was niet meer te vechten. „Het is alsof ik nog in de jaren tachtig leef. Dat is het beeld waar ik me zo ongelukkig bij voel. Nu heb ik mijn handen vrij om volop in debat te gaan.”

GroenLinks werd sinds vorige week maandag steeds verder in de beerput gezogen waartoe ‘de kwestie-Duyvendak’ zich meer en meer ontwikkelde. De openbare boetedoening van Duyvendak over zijn actieverleden en de publieke, kritische schrobbering van Halsema („Wijnand heeft de partij beschadigd”) waren niet genoeg om het lont snel uit het kruitvat te halen. Dat dat noodzakelijk was, bleek de afgelopen dagen. Langzaam maar zeker werd het persoonlijke mea culpa van Duyvendak over zijn actiejaren een zaak van de hele partij. Het beeld van een gezichtsbepalend Kamerlid dat, verjaard of niet, strafbare feiten pleegt en mensen indirect bedreigd was moeilijk te corrigeren. Er verschenen steeds meer kritische commentaren. En er ontstond binnen GroenLinks nog een andere dynamiek. Een deel van de achterban, ontstaan uit de CPN, de PPR, de PSP en de kleine Evangelische Volkspartij, heeft traditioneel veel affiniteit met het voeren van buitenparlementaire acties. Sympathisanten en partijleden verweten Duyvendak juist te veel afstand te nemen van zijn actieverleden. En, zo was als kritisch geluid in die kringen te horen, wanneer is een actie eigenlijk buitenwettelijk? Zijn er geen argumenten die rechtvaardigen dat je af en toe illegale handelingen pleegt ten dienste van het grotere ideaal? En past dat niet juist beter bij GroenLinks dan het imago van een weliswaar linkse, maar toch vooral wat elitaire grachtengordelpartij?

Zo is de kwestie-Duyvendak meer dan zomaar een incident. Het zet óók de schijnwerpers op een vraag die al veel langer binnen GroenLinks leeft: wat voor beweging willen wij eigenlijk zijn? In het politieke landschap speelt de partij, met zeven zetels in de Kamer, een marginale rol. GroenLinks koos bewust om na de verkiezingen niet te regeren en zit nu in de oppositie tussen de grotere linkse zusjes SP (25 zetels) en regeringspartij PvdA (33 zetels). Ondertussen loopt een deel van het links-liberale electoraat, een vijver waarin GroenLinks traditioneel ook vist, naar het in de peiling sterk groeiende D66. Waar kan GroenLinks nog scoren?

Halsema probeerde recent de aandacht te vergroten met bijvoorbeeld een ‘manifest tegen de consumptiemaatschappij’. En binnenkort publiceert ze een boek met een bredere toekomstvisie. Binnen die strategie en vlak voor de opening van het nieuwe politieke jaar, was er voor een doorziekende interne affaire natuurlijk geen plaats, hoezeer Halsema haar collega gisteren ook prees voor zijn in haar ogen moedige stap.

Openbare verantwoording afleggen over je actieverleden kan een hoge prijs hebben. Duyvendak weet er inmiddels alles van. „Soms kun je beter je mond houden, maar dat heb ik niet willen doen”. Of hij terugkeert in de politiek, kan hij nog niet overzien. Halsema ziet daar, voor een man die „zoveel moed heeft getoond om verantwoording af te leggen” wel ruimte voor, vooral binnen GroenLinks. Maar of de hele partij dat zo ziet is de vraag. Nog meer de vraag is of GroenLinks gelouterd uit de affaire zal komen en of iedereen in de partij wel zo tevreden is hoe de politiek leider met de affaire-Duyvendak is omgegaan.

    • Herman Staal
    • Joost Oranje