Hier wacht ’n zure taak

Deze en komende week praat de ministerraad over de begroting.

De slechte economie zet de onderhandelingen in de coalitie onder grote druk.

In de Trêveszaal moeten de ministers het eens worden over de nieuwe begroting. Foto Hollandse Hoogte Nederland. Den Haag, mei 2002 Een lege Treveszaal aan het Binnenhof, de vaste vergaderplek van het kabinet. De regering komt hier iedere vrijdag bijeen. Politiek. foto bert verhoeff/HH Hollandse Hoogte

Het internationale economische klimaat trekt een zware wissel op het kabinet van premier Balkenende, dat gisteren aan het opstellen van de begroting is begonnen. De economie koelt sneller af dan verwacht. Werknemers, gepensioneerden en mensen met een uitkering zien hun kosten alleen maar verder stijgen. Nu moet blijken hoe de centrum-linkse coalitie zich houdt in zwaarder weer.

Als CDA, PvdA en CU een verdere achteruitgang van de economie willen voorkomen, dan is eensgezindheid over de juiste economische prikkels nodig. Durft de coalitie het aan om impopulaire, maar mogelijk noodzakelijke bezuinigingen af te kondigen? Of ontbrandt er de komende weken vooral een heftige strijd op het Binnenhof om de pijn van het verlies aan koopkracht bij de politieke achterban te compenseren?

De jongste cijfers van het Centraal Planbureau (CPB) zetten de begrotingsbesprekingen extra onder druk. De economische ontwikkelingen vallen op alle fronten méér tegen dan verwacht. De economische groei valt terug van 2,25 procent dit jaar naar een magere 1 procent. Het CPB ging in juni nog uit van 1,25 procent. De inflatie loopt volgend jaar verder op naar 3,8 procent in plaats van de verwachte 3,5 procent. En de koopkracht verslechtert voor alle inkomens. Minister Bos (Financiën, PvdA) zei gisteren niet te kunnen garanderen dat de koopkracht volgend jaar voor iedereen behouden blijft. Vooral de lage inkomens en ouderen met een klein pensioen verliezen volgend jaar meer koopkracht dan de 1 procent die was voorzien. Ook voor de werkenden worden de lasten nauwelijks lichter.

Ieder geval lijkt de belofte van het kabinet, dat na enkele ‘zure’ jaren met zwaardere lasten, het ‘zoet’ in het verschiet ligt, als sneeuw voor de zon te verdampen. De verbetering van de koopkracht van 1 procent in 2009, die het kabinet nog bij zijn aantreden begin 2007 had voorzien, blijkt slechts op 0,25 procent uit te komen. Dan moeten de olieprijs of de kredietcrisis niet voor verdere onaangename verrassingen zorgen.

Eén ding staat vast: iedereen zal het de komende jaren zuiniger aan moeten doen. Dat geldt voor het kabinet net zo goed als voor de burgers. Wil het kabinet de voorgenomen btw-verhoging per 1 januari van 19 naar 20 procent, schrappen – waartoe zelfs Nederlands belangrijkste bankier heeft opgeroepen – dan moet elders in de begroting 2 miljard euro worden bezuinigd. En als de WW-premie wordt verlaagd om het aantrekkelijker te maken mensen in dienst te nemen, dan moet ook dit bekostigd worden.

Al in het voorjaar liet minister Wouter Bos waarschuwende woorden horen. „We moeten ons niet vroegtijdig rijk rekenen”, zei Bos in mei, toen de economie in het eerste kwartaal ruim 3 procent gegroeid was. „Er is geen enkele reden de teugels te laten vieren.” Inmiddels is de groei van de wereldhandel teruggevallen als gevolg van de aanhoudende kredietcrisis, nemen de binnenlandse bestedingen af en voorziet het CPB een afname van de investeringen.

De burger voelt de weerslag van de internationale economische problemen al maanden in zijn portemonnee. Autorijden wordt als gevolg van de hoge benzineprijs een luxe en de stookkosten blijven voorlopig stijgen. Voor kinderopvang zullen Nederlanders, gezien de exploderende kosten vanwege de populaire overheidsregeling, meer geld moeten uittrekken. En ook voorziet het CPB hogere lasten voor gezinnen wegens hogere zorgpremies, het afschaffen van de kinderkorting en een verhoging van de fiscale bijtelling voor de auto van de zaak. Een hogere zorgtoeslag en de overheidsbijdrage ten behoeve van schoolboeken kunnen dit niet compenseren.

Niet verbazingwekkend dat Nout Wellink, de president van De Nederlandsche Bank, zich zorgen maakt over het gevaar van loonsverhogingen. Daardoor zou Nederland in een spiraal van prijsstijgingen en salarisstijgingen terecht komen, wat funest is voor de economie. Wellink deed ook een bruikbare suggestie aan het kabinet: ga met de sociale partners aan tafel zitten, met als uitgangspunt: geen herhaling van 2001 – toen de inflatie op 4,5 procent uitkwam en de economie stagneerde.

    • Michèle de Waard