Minister: sneller ‘duomoeder’

De niet-biologische moeder van een kind binnen een lesbische relatie moet met een eenvoudige erkenningsprocedure juridisch ouder van dat kind kunnen worden. Dat blijkt uit een brief die minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Op dit moment kan de zogenaamde ‘duomoeder’ alleen juridisch ouder worden via een adoptieprocedure bij de rechter.

Hirsch Ballin werkt aan een wetsvoorstel om dat te veranderen. In de nieuwe wet zal ook „uitdrukkelijk aandacht zijn voor de positie van de biologische vader”, schrijft de minister. Een ‘bekende’ biologische vader heeft op grond van het Europees Mensenrechtenverdrag recht op family life, en het kind heeft recht op informatie over zijn afstamming.

Lesbische stellen die gebruik maken van een onbekende donor via kunstmatige inseminatie worden straks automatisch allebei als ouder erkend. Daar geldt het belang van family life voor de biologische vader niet, schrijft de minister.

Een belangrijke reden voor de voorgestelde wijziging, schrijft Hirsch Ballin, is „dat het denken over het juridisch ouderschap zich in de loop der jaren heeft ontwikkeld van een strikt op biologische verhoudingen gerichte rechtsfiguur – men denke aan de aloude ‘wettiging’ van kinderen – tot een meeromvattende regeling waarin ook plaats is voor anderen dan de biologische ouders die bereid zijn het juridisch ouderschap te aanvaarden”. Ook voor niet-biologische ouders is een simpele erkenningsprocedure daarom op zijn plaats, vindt de minister.

Hirsch Ballin volgt met zijn voorstel in grote lijnen het voorstel op van de commissie Kalsbeek. Die concludeerde eind 2007 dat erkenning voor lesbische stellen een betere optie zou zijn dan adoptie: er komt geen rechterlijke toets aan te pas, wat tijd en kosten spaart, en het voorkomt de emotionele belasting van een procedure.

Bij de Eerste Kamer ligt nu een wetsvoorstel met wijzigingen in de adoptieprocedure. Zo komt de eis te vervallen dat een stel drie jaar moet samenwonen voordat het mag adopteren. Ook mag de ‘duomoeder’ in een lesbische relatie volgens dit voorstel een adoptieprocedure beginnen voordat het haar kind is geboren, waardoor zij al bij de geboorte juridisch ouder kan zijn. Deze prenatale adoptie is volgens de minister een tussenoplossing totdat de eenvoudige erkenningsprocedure wettelijk geregeld is.