Migratiedrama jammerlijk vlak

Een elegant geklede Chinese vrouw loopt langs afgebladderde winkels. Het is begin jaren 70. Nachtclubzangeres Rose is met haar twee kinderen naar Australië geëmigreerd, haar liefde achterna. Haar blauwe zijden jurk met bijpassende paraplu contrasteert fel met de trieste achtergrond. Het is duidelijk: deze kokette vrouw past niet in deze treurige omgeving. Regisseur/scenarist Tony Ayres benadrukt haar isolement nog door omstanders verwonderd naar de exotische verschijning te laten kijken. Zo laat Ayres vooral zien dat hij niet helemaal vertrouwt op de kracht van zijn beeld. Ayres maakt wel meer vreemde stilistische keuzes in de verfilming van zijn autobiografie. Hij is de jonge Tom door wiens ogen we het verhaal zien. Hij kijkt mismoedig toe hoe zijn moeder Rose van `oom` naar `oom` gaat, zich in haar glamoureuze verleden wentelt en diverse zelfmoordpogingen doet - een onvervalste drama queen. Ayres vangt dit in langzame camerabewegingen. Daardoor wordt alles geëgaliseerd: de rijder van Rose langs de winkelstraat wordt hetzelfde als de camerabeweging door de gang van het ziekenhuis waar ze ligt na alweer een zelfmoordpoging. Ook het zeer autobiografische verhaal van Ayres wordt in zijn vlakke scenario paradoxaal genoeg vrijwel onpersoonlijk. Jammer, want het verhaal over de mislukte inburgering van een Chinese in Australië heeft ons anno 2008 wel iets te zeggen.

The Home Song Stories. Regie: Tony Ayres. Met: Joan Chen, Yuwu Qi, Joel Lok, Irene Chen, Steven Vidler. In: Kriterion, Amsterdam; Cinerama, Rotterdam.