Het tikkie terug van Balkenende

Minister van Financiën Wouter Bos heeft één troost. Hij was begin dit jaar niet de enige die er lelijk naast zat met zijn relativering van de ernst van de financiële crisis. De effecten ervan op de Nederlandse economie en op het nationale begrotingsbeleid schatte Bos niet dramatisch in. Nederland kon wel „een stootje” hebben, zei Bos.

Dat was in januari. President Wellink van De Nederlandsche Bank had zojuist gesomberd dat de economische groei dit jaar zou afzwakken. De invloed van de financiële crisis, de val van de dollar en de stagnatie van de Amerikaanse economie waren daar volgens Wellink debet aan.

Veel te somber, riepen Bos en premier Balkenende in koor.

Balkenende voorspelde luchtig dat Nederland geen lagere groei zou hebben, ook al zou het „een tikkie” van de financiële crisis meekrijgen. Liever dagdroomde hij van een impuls voor de economie in de vorm van een kunstmatig eiland voor de kust.

Sindsdien zijn daar de stijging van de energie- en voedselprijzen bijgekomen, is de geraamde schade voor de financiële sector opgelopen tot duizend miljard dollar en heeft de stabiliteit van het internationale financiële stelsel een paar keer op de rand van de afgrond gebalanceerd.

Voor 2009, zo lekte gisteren uit, rekent het Centraal Planbureau (CPB) op een magere 1 procent economische groei. Dat is de helft van de groei waarop het kabinet in zijn beleid rekent.

Terug van vakantie en van de opening van de Olympische Spelen beginnen Bos en Balkenende deze week aan de laatste ronde voor de begroting 2009.

Het is er niet eenvoudiger op geworden. De groei valt lager uit, zodat er minder is te verdelen. Gestegen grondstoffenprijzen leiden tot inflatie waardoor de koopkracht in de knel komt. En dan zijn er nog de gebruikelijke claims van bewindslieden.

Het worden dus lastige besprekingen, temeer omdat de twee grootste coalitiepartijen, CDA en PvdA, niet op één lijn zitten. Vrijwel iedereen, ook de PvdA-Kamerfractie, is nu voor uitstel of afstel van de BTW-verhoging die voor 2009 gepland staat. Die wakkert de inflatie verder aan en holt de koopkracht verder uit.

Maar hoe gaat het kabinet een gat van 2 miljard aan de inkomstenkant van de begroting dichten? Afzien van de verlaging van de WW-premies, die het kabinet eveneens voor volgend jaar heeft toegezegd, kan hiervoor worden ingezet. Maar de WW-premies zijn eigenlijk van de sociale partners, niet van de schatkist.

Op nationale schaal ondervindt Nederland wel degelijk de gevolgen van de economische en financiële krachten die wereldwijd neerwaarts aan het werk zijn. Daar helpt geen kunstmatig eilandje voor de kust tegen.

Roel Janssen