Goede voorbereiding, maar stomme pech

Journalisten die naar oorlogsgebieden gaan, bereiden zich uitgebreid voor. Risico’s blijven echter bestaan. „Tegen een bombardement kun je je niet beveiligen.”

Cameraman Stan Storimans (RTL Nieuws) op locatie. Foto’s WFA/RTL Nederland WFA14:NEDERLANDSE CAMERAMAN OMGEKOMEN:DEN HAAG;12AUG2008- ***ARCHIEFFOTO***- Cameraman Stan Storimans van RTL4 is in Georgie om het leven gekomen tijdens een bombardement op de stad Gori.Hij was 39 jaar. Bij de beschietingen raakte verslaggever Jeroen Akkermans gewond aan een been. Foto: Stan Storimans. WFA/wc/str. RTL Nederland WFA WFA

Wendy van Dijk stond klaar. En Robert ten Brink. En Bridget Maasland. Het beloofde gisteren een vrolijke dag te worden in kasteel Hooge Vuursche in Baarn. RTL zou trots z’n najaarsprogrammering presenteren. Het werd echter de zwartste dag in de geschiedenis van RTL Nieuws, zoals hoofdredacteur Harm Taselaar het later zou noemen.

Om kwart voor elf, drie kwartier na de geplande aanvangstijd, maakte RTL-bestuursvoorzitter Bert Habets bekend waarom de presentatie nog niet was begonnen. Die ochtend was in Georgië RTL Nieuws-cameraman Stan Storimans (39) om het leven gekomen. Correspondent Jeroen Akkermans (45) was gewond geraakt aan zijn been. RTL schrapte direct de najaarspresentatie.

Storimans werkte bijna twintig jaar voor RTL Nieuws en was actief in diverse oorlogsgebieden, waaronder Irak en Afghanistan. Een ervaren cameraman, aldus zijn collega’s van RTL Nieuws, die niet alleen de actualiteit in beeld bracht, maar ook dingen regelde en ritselde. „Stomme pech”, noemde Harm Taselaar het gisteren dat Storimans en Akkermans getroffen werden door (waarschijnlijk) Russische mortiervuur. De twee droegen op dat moment niet hun beschermende scherfvesten.

Storimans is bepaald niet de eerste journalist die overlijdt in een oorlogsgebied. Volgens de journalistenvakbond NVJ komen jaarlijks wereldwijd zo’n honderd journalisten om door geweld, maar zelden zijn dit Nederlanders. Hoe kunnen journalisten zich zo goed mogelijk wapenen tegen de gevaren in conflictgebieden?

„Het zijn heel ingewikkelde gebieden”, zegt journalist Peter d’Hamecourt vanuit Moskou over de Kaukasus. „Je weet niet wie het ergens voor het zeggen heeft. Dat maakt het werk van een journalist erg gevaarlijk.” D’Hamecourt werkte als correspondent voor het NOS Journaal en het AD. Nu is hij nog actief voor onder meer Nederlandse actualiteitenrubrieken. „Elke vorm van autoriteit ontbreekt in regio’s als Ossetië en Abchazië. En iedereen heeft wapens.” D’Hamecourt probeert zelf altijd te werken met lokale mensen die de situatie ter plekke kennen en kunnen inschatten of het veilig is om ergens heen te gaan. „Maar we zijn te weinig in zulke gebieden. De berichtgeving is te fragmentarisch. Dat is een extra risico.”

Oorlogsverslaggevers die werken voor de tv hebben het volgens D’Hamecourt moeilijker dan hun schrijvende collega’s. „Wij moeten beelden hebben. Een cameraman moet altijd een stapje extra doen.” Dat beaamt Huub Elzerman, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ). „Je hoort vaak dat schutters dachten dat de camera een wapen was. Je kunt je er iets bij voorstellen dat op grote afstand die twee niet even makkelijk te onderscheiden zijn.”

Elzerman zegt dat het belangrijk is dat journalisten zich goed voorbereiden als ze naar een oorlogsgebied toe gaan, bijvoorbeeld door kennis op te doen over het gebied en goede verzekeringen af te sluiten. „Maar die kosten zijn voor freelancers nauwelijks op te brengen.” Hij voegt er aan toe dat je je tegen een bombardement sowieso nooit volledig kunt beveiligen.

Diverse organisaties geven cursussen aan journalisten om hen voor te bereiden op werk in crisisgebieden. Ex-commando’s van het Britse bedrijf AKE bijvoorbeeld brengen journalisten medische en andere praktische vaardigheden bij. Een verslaggever van Fox News wist dankzij de AKE-cursus onlangs een Amerikaanse militair te redden uit een brandend voertuig.

Het Nederlandse ministerie van Defensie heeft samen met de NVJ inmiddels twee keer een veiligheidstraining georganiseerd voor journalisten die embedded naar Uruzgan gaan. Bij deze tweedaagse trainingen kregen in totaal zo’n twintig journalisten, onder wie NRC-verslaggevers, oefeningen om zich voor te bereiden op gevaarlijke situaties en leerden zij onder meer op welke manier het gedrag van mensen wordt beïnvloed tijdens spannende situaties.

Verslaggever George Marlet van dagblad Trouw volgde zo’n training. Hoewel hij al een hoop ervaring opdeed in oorlogsgebieden als Bosnië, Kosovo en Irak, vond hij de cursus nuttig. „Zo’n training draagt bij aan het bewustzijn over de gevaren die je als journalist kunt lopen in zo’n gebied. Een grote valkuil is dat je nonchalant kunt worden en gevaarlijke situaties niet meer onderkent.”

De NVJ wil naar aanleiding van de dood van Stan Storimans in Georgië samen met Defensie kijken of er ook trainingen voor journalisten kunnen komen met een algemener, breder karakter voor journalisten die naar andere oorlogsgebieden dan Uruzgan gaan. Zo’n cursus zou bijvoorbeeld aandacht kunnen schenken aan hoe journalisten moeten handelen in geval van een gijzeling.

Ondanks de gevaren vindt Peter d’Hamecourt onafhankelijke oorlogsverslaggeving heel belangrijk. „Ik zit hier in Moskou nu al dagen naar de Russische tv te kijken. Heel patriottisch doen zij verslag van de oorlog in Zuid-Ossetië. Je weet zeker dat dat geen onafhankelijke journalistiek is. En niet de hele waarheid.”

    • Jan Benjamin
    • David Haakman