Akkoord N-Korea, Japan

Noord-Korea en Japan hebben afspraken gemaakt over een onderzoek naar de ontvoering door het geïsoleerde communistische land van Japanners in de jaren zeventig en tachtig. Met het akkoord is een belangrijke diplomatiek obstakel verdwenen voor het verwijderen van Noord-Korea van de Amerikaanse lijst van landen die terrorisme ondersteunen.

Noord-Korea bekende in 2002 dertien Japanners te hebben ontvoerd om spionnen op te leiden. Volgens Pyongyang zijn inmiddels vijf mensen overleden en acht naar huis teruggekeerd. Maar Japan houdt vol dat er meer mensen zijn ontvoerd. Japanse onderzoekers krijgen als gevolg van de gemaakte afspraken nu toegang tot documenten, interviews en plekken in Noord-Korea die verband houden met de ontvoeringen die in Japan gevoelig liggen. Als beloning staat Tokio chartervluchten naar Noord-Korea toe en worden de huidige reisbeperkingen opgeheven. Bovendien krijgt Noord-Korea uitzicht op noodhulp van Japan, die hard nodig is omdat in het verarmde land een hongersnood is ontstaan door mislukte oogsten en te geringe voedselimporten.

Het akkoord komt drie dagen nadat de Verenigde Staten na het verlopen van een deadline lieten weten Noord-Korea voorlopig niet van de lijst te zullen halen van landen die terrorisme ondersteunen. De VS willen eerst duidelijkheid over hoe de dit voorjaar door Pyongyang verstrekte informatie over het nucleaire programma van het land gecontroleerd kan worden. Amerika wil zich ervan verzekeren dat Pyongyang volgens afspraak werk maakt van de ontmanteling van zijn nucleaire programma, waarover samen met China, Zuid-Korea, Japan en Rusland in het zespartijenoverleg wordt onderhandeld.

President George W. Bush van de VS doorkruiste eind juni de politiek van Japan, dat Pyongyang al geruime tijd onder druk zet over de ontvoeringskwestie, door aan te kondigen dat hij Noord-Korea van de lijst wil halen van landen die terrorisme steunen. Tokio reageerde destijds onaangenaam verrast op de scherpe draai in het Koreabeleid van Bush, die Pyongyang in 2002 nog bij de ‘As van het kwaad’ indeelde. Daarop verzekerde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice Japan de kwestie van de ontvoerde Japanners niet te zullen vergeten. (BBC, AP, Reuters)