Met een autoaccu je gsm opladen

Nokia doet overal ter wereld onderzoek naar het belgedrag van mensen.

De mobieltjes worden aangepast aan de verschillende behoeften.

De rechterbroekzak. Dat is de plek waar 55 procent van alle mannen zijn telefoon bewaart. Van de vrouwen neemt 56 procent het mobieltje in een tas mee. Omdat ze zo lang zoeken naar de telefoon, zegt Jan Chipchase, missen ze gemiddeld 50 procent van de gesprekken. „Waar mannen slechts 30 procent van de gesprekken missen.”

Chipchase is gedragswetenschapper in dienst van Nokia, ’s werelds grootste fabrikant van mobiele telefoons. Zijn afdeling doet onderzoek naar de manier waarop mensen hun gsm gebruiken. Dat levert waardevolle informatie op voor Nokia, de grootste mobieltjesfabrikant ter wereld, die dit jaar 1,2 miljard telefoons verwacht te verkopen.

Het probleem van vrouwen met de onvindbare mobiel in het tasje is overigens gemakkelijk op te lossen, zegt Chipchase. „We maken een mobieltje met een lampje aan de zijkant. Dat geeft licht als je wordt gebeld.”

De onderzoeken van Chipchase’ afdeling dienen als inspiratiebron voor de Nokia Design Studio, waarvan het hoofdkantoor in hartje Londen is gevestigd. Chipchase woont zelf in Tokio en reist regelmatig de wereld over om onderzoek te doen en te fotograferen. „Als ik mijn werk goed doe, ontwerpen wij nu de telefoons waarmee we over tien tot vijftien jaar zullen bellen.”

Chipchase en zijn collega’s bezoeken de plaatsen waar trends ontstaan: veelal grote steden in Latijns-Amerika, Afrika en Azië. Uit de straatinterviews blijkt dat het gebruik van de gsm wereldwijd nogal verschilt. Bijvoorbeeld de manier waarop het toestel wordt gedragen: in Nederland draagt bijna niemand zijn gsm aan de broekriem, maar in de Chinese stad Jin Li doet 40 procent van de mannelijke ondervraagden dat wel. In het Indiase Hyderabad draagt 45 procent van de mannen de telefoon in zijn borstzak. In Los Angeles is dat nog geen 2 procent.

Nokia heeft grote interesse voor de belcultuur in nieuwe markten. In West-Europa hebben de meeste mensen al één of meer mobieltjes. De penetratiegraad ligt er rond de 100 procent, in Nederland is die zelfs al 120 procent. Azië heeft veel grotere groeimogelijkheden, liet Nokia-directeur Olli-Pekka Kallasvuo afgelopen week nog weten. In China, waar Nokia marktleider is, bellen ‘nog maar’ 600 miljoen van de 1,33 miljard inwoners mobiel. Nokia verkocht er het afgelopen half jaar 38,5 miljoen mobiele telefoons. Ook India is volgens Kallasvuo een interessante groeimarkt, omdat daar nog maar 24 procent van de inwoners mobiel belt. Maar in India wonen wel 280 miljoen analfabeten, zegt Jan Chipchase. „Hoe kun je die leren omgaan met een telefoon?” Dat vraagt specifieke aanpassingen wat betreft de bediening, de menustructuur en de gebruikte symbolen op het toestel, aldus de onderzoeker.

In derdewereldlanden is met name de praktische toepassing van een mobiele telefoon belangrijk. Chipchase deed onderzoek naar de manier waarop de inwoners van een dorpje in Oeganda hun telefoon opladen. „Ze hebben er geen elektriciteit, maar bellen toch mobiel. Een gezin doet ongeveer een maand met een tweedehands autoaccu. Als de accu leeg is, moet hij een paar dorpen verderop worden opgeladen en is er een dag of drie geen stroom in huis.” In Oeganda schiet je dus niets op met een energievretende smartphone. „Dus werken we aan een gsm waarvan je de kleuren kunt uitschakelen.”

Hoewel telefoons steeds slimmer en krachtiger worden, is bij het ontwerpen van een nieuwe gsm de technologische vooruitgang niet het belangrijkst. Chipchase: „Het gaat erom of de telefoon iets relevants toe te voegen heeft aan je leven.”

In een onderzoek naar urbane gebieden reisde Chipchase’ team naar grote steden als Mumbai (India), Rio de Janeiro (Brazilië) en Accra (Ghana). Op die plaatsen kan een mobiele telefoon het leven van de beller veranderen. „Een gsm geeft de mensen ongekende mogelijkheden. Iemand die een sloppenwijk woont, heeft vaak geen officieel adres. De straten hebben er niet eens namen. Maar met een mobieltje en een telefoonnummer ben je opeens bereikbaar. Dat is een randvoorwaarde als je een eigen bedrijfje wilt beginnen.” De telefoon kan als mobiel betaalmiddel worden gebruikt. „Zo heb je geen bank meer nodig als beginnend ondernemer.”

Van de 6,6 miljard mensen op de wereld gebruiken er inmiddels 3,3 miljard een gsm. Eén ding hebben alle bellers met elkaar gemeen, zegt Chipchase. „Waar je ook komt: als je iemand vraagt welke drie dingen hij of zij altijd bij zich heeft, dan luidt het antwoord steevast: geld, sleutels en een telefoon.”

Hij mijmert: „Geld en sleutels zijn praktische zaken. Een telefoon heeft iets magisch. Daarmee kun je tijd en afstand overbruggen. Het is het apparaat waarmee je gesprekken voert met je dierbaren. Dat zijn toch de intiemste momenten uit je leven?”

Rectificatie / Gerectificeerd

correcties en aanvullingen

Nokia

In het kader Nederlandse invloeden (dinsdag 12 augustus, pagina 10 en 11) wordt gsm-ontwerper David Dhondt genoemd. Hij heet Daniël Dhondt .

    • Marc Hijink