Mauretanië wil wél vissen op schelpdieren

In de Waddenzee is kokkelvissen verboden. Greenpeace wil nu ook een verbod in Mauretanië, waar Nederlandse schepen vissen. „Mauretanië is Nederland niet.”

Vrouwen die werken op de vismarkt lopen langs de vishaven in de buitenwijken van de stad Nouakchott in Mauretanië. Foto AP Woman working in the local fishing market walk past near the local fishing port situated on the outskirts of the city of Nouakchott, Mauritania, Saturday, Aug. 9, 2008. The African Union says it has frozen Mauritania's membership in the wake of a coup in the country. (AP Photo/Candace Feit) Associated Press

Nederlandse kokkelvissers, door de milieubeweging weggejaagd uit de Waddenzee, willen nu schelpdieren (venusschelpen) opvissen voor de kust van Mauretanië. Wederom zit de milieubeweging hen op de hielen. Greenpeace bracht vorige maand een alarmerend rapport uit dat in de Tweede Kamer tot vragen heeft geleid. De mechanische schelpdiervisserij is „de meest destructieve vismethode ooit” en zou dus „desastreus” zijn voor het milieu, aldus Greenpeace.

Miljoenen venusschelpen liggen er voor de kust van Mauretanië, tien tot dertig meter onder het heldergroene water dat dit land tot een van de meest visrijke landen ter wereld maakt. Tienduizenden euro’s kunnen ze opleveren. Voor Mauretanië. En voor het bedrijf dat ze met een soort stofzuigers van de zeebodem schraapt. Maar het vissen op venusschelpen zal „de doodsteek voor het mariene ecosysteem betekenen”, beweert Greenpeace, dat zich met het rapport mengt in een conflict dat al enkele jaren duurt.

Ironisch genoeg is het getouwtrek over de Mauretaanse venusschelpen een door Nederlandse biologen aangezwengelde ideeënstrijd die grotendeels uitgevochten wordt door Nederlandse onderzoeksinstituten, milieuactivisten en visserijdeskundigen.

Venusschelpen worden net als kokkels gevist met een zuigkor, een stalen vistuig dat de bovenste laag van de zeebodem schraapt, waarna zand en schelpen via een slang aan boord worden gezogen. Volgens Greenpeace bestaan er geen recente gegevens over de huidige omvang van de venusschelpenbank. De organisatie heeft drie keer gepoogd het gebied in kaart te brengen. De derde en laatste expeditie, in juli, mislukte omdat de golfslag te sterk was om de zeebodem te kunnen filmen. Duikers troffen niet één venusschelp aan, zegt de milieugroep.

Onmogelijk, reageert Abdoulaye Wagué van het Mauretaanse instituut voor oceanografisch onderzoek, IMROP, waarvandaan hij uitkijkt over de zee en de door wind geteisterde kust. De bank met venusschelpen werd voor het eerst beschreven in 1985. Twintig jaar later blijkt uit nieuw onderzoek dat de voorraad onaangetast was. De schelpen die er toen lagen, liggen er nog steeds, ze zijn alleen dikker en ouder geworden, aldus Wagué. Onderzoek wijst uit dat er 300.000 ton venusschelpen gevist kan worden zonder dat de populatie achteruitgaat, zegt hij. In opdracht van visserijbedrijf Holland Shellfish, dat hier actief wil worden, schreef hij een studie over de mogelijke ecologische effecten van de visserij. Hij deed dat samen met twee Nederlandse biologen van het instituut voor visserijonderzoek Imares in IJmuiden.

Vorig jaar hoopte Mauretanië milieuactivisten de wind uit de zeilen te nemen door een onafhankelijke commissie van buitenlandse wetenschappers een plan te laten opstellen voor een ecologisch verantwoorde proefvisserij. De commissie stelt voor om gedurende drie jaar 15.000 ton venusschelpen per jaar op te vissen in een afgebakend gebied dat opgedeeld wordt in vier zones. In drie zones zou opeenvolgend gevist mogen worden, controlezone vier blijft onaangeroerd. Voor, tijdens en na het proefproject wordt het effect van de visserij op de bodemfauna bekeken. Het project zou vallen onder verantwoordelijkheid van het Mauretaanse ministerie van Visserij. Holland Shellfish zou de schepen leveren en de opbrengst krijgen. Probleem is wie het onderzoek gaat financieren. Holland Shellfish wil graag betalen, maar daardoor zou de objectiviteit van de onderzoeksresultaten in twijfel kunnen worden getrokken.

Nederland is bereid „de ontwikkeling van een duurzame visserij in deze regio te ondersteunen”, schreef minister Gerda Verburg (Landbouw, CDA) vorige maand aan de Tweede Kamer als reactie op het Greenpeace-rapport. Zij overweegt mee te betalen aan het milieuonderzoek. Greenpeace maakt echter bezwaar tegen iedere betrokkenheid. Nederland moet juist zorgen dat het plan niet doorgaat, meent de organisatie. In de Waddenzee is de mechanische kokkelvisserij – na een verbeten strijd tussen vissers en milieugroepen – immers ook verboden.

Abdoulaye Wagué vindt dat onzin. „We weten dat deze vorm van visserij elders problemen met zich heeft meegebracht, met name in Nederland, maar de situatie is overal anders en je kunt niet van tevoren zeggen met wat voor problemen je te maken krijgt. Je kunt Mauretanië niet zomaar met de Waddenzee vergelijken.”

Visserijbioloog Ad Corten, die een eigen kantoortje heeft in het IMROP, noemt de opschudding over de venusschelpen overdreven. De havenstad Nouadhibou staat te springen om investeerders die de zieltogende visverwerkende industrie uit het slop kunnen trekken, meent hij. „De hoeveelheid vis die Mauretanië heeft, kun je niet verhogen”, zegt Corten. „Wat je wel kunt doen is zorgen dat je er meer geld voor krijgt.”

De sanitaire controle is een groot probleem, vervolgt Corten. „De Europese Unie dreigt steeds de import van vis stop te zetten.” Holland Shellfish heeft al een loods gekocht voor de verwerking van venusschelpen, maar omdat het langzaam op gang komt, willen ze ook andere vis gaan verwerken. „Zo’n bedrijf brengt knowhow, mensen en machines naar Mauretanië en dat vind ik een goede zaak. Dat we moeten kijken naar de ecologische effecten van de schelpdiervisserij, dat is duidelijk. Maar je moet niet bij voorbaat roepen dat die visserij schadelijk is en er dus geen onderzoek nodig is.”

Kleinschalige vissers vinden het begrijpelijk dat Mauretanië de venusschelp te gelde wil maken. „Er ligt een enorm potentieel”, zegt beroepsvisser Ahmedou Beiyh. Maar van hem hoeven de Nederlandse schepen niet te komen. De lokale vissers zijn bang dat de schelpdiervisserij slecht is voor de octopus, hun belangrijkste inkomstenbron. Octopussen eten venusschelpen. Beiyh: „Wij pleiten ervoor dat de venusschelpvisserij op een duurzame manier gebeurt. Het liefst doen we het zelf, maar daarvoor hebben wij de techniek niet.”

    • Pauline Bax