Fors meer oliewinst voor de dertien OPEC-landen

De dertien olie-exporterende landen die in de OPEC zijn verenigd, hebben in de eerste helft van dit jaar 645 miljard dollar (428,6 miljard euro) verdiend. Dat is bijna net zo veel als ze in heel 2007 verdienden. Toen bedroegen de inkomsten 671 miljard dollar. Dat meldt de Britse zakenkrant Financial Times, op basis van cijfers van het Amerikaanse ministerie van Energie.

De sterke toename van de inkomsten zijn het gevolg van een stijging van zowel de olieproductie als de olieprijzen. Over 2007 bedroeg de prijs van het OPEC-mandje – de gemiddelde prijs van 13 soorten ruwe olie – gemiddeld 69 dollar. Voor 2008 ligt die prijs op 109 dollar.

De OPEC-landen zullen over het hele jaar naar verwachting 1.200 miljard dollar verdienen aan de olie, ruim drie keer zo veel als in 2003. De vloedgolf aan petrodollars wordt onder meer gebruikt voor miljardenprojecten, zoals de bouw van compleet nieuwe steden en industriegebieden. De import van de OPEC-landen is sterk gestegen. Bovendien kopen de landen belangen op in buitenlandse bedrijven.

Van de gestegen uitgaven van de OPEC-landen profiteert vooral China. Daar gaat 11 procent van de petrodollars naartoe. In 1999 was dat nog 4 procent. Het aandeel van Amerika is over die jaren gezakt, van 12 procent in 1999 naar 7,5 procent dit jaar.

In Londen steeg de prijs van een vat Brent-olie uit de Noordzee vanmorgen met 1,5 procent naar 115,10 dollar, als gevolg van het gewapende conflict tussen Rusland en Georgië. Handelaren vrezen dat de olietoevoer in gevaar komt, doordat verschillende oliepijpleidingen door Georgië lopen. De afgelopen weken daalde de olieprijs met circa 30 dollar, vooral door de inzakkende vraag in Amerika.