Weer succes Spaanse wielrennen

Wielrenner Samuel Sanchez zette zaterdag de Spaanse triomfen in de sport voort. Hij won na een zinderende finale de gouden medaille. in de wegwedstrijd

En weer ging de vlag van Spanje in top bij een belangrijke wielerwedstrijd: na een zinderende finale won de dertigjarige wielrenner Samuel Sanchez op de Chinese Muur de wegwedstrijd bij de Olympische Spelen. Na 245 kilometer, als de beste uit een kopgroep van zes renners, vlak voor de jarige Italiaan Davide Rebellin (zilver op zijn 37ste verjaardag) en de Zwitser Fabian Cancellara (brons). Beste Nederlander in Juyongguan, niet ver van Peking, was Robert Gesink, met een tiende plaats. De olympische titel was pas de tweede prijs dit jaar voor Sanchez, na zijn overwinning in een tijdrit in de Ronde van Asturië, een thuiswedstrijd voor de renner uit Oviedo.

De Spanjaarden zijn bezig aan een ongekend succesvol sportjaar. De Tourwinnaar van vorig jaar, Alberto Contador, won in het voorjaar de Ronde van Italië, twee weken geleden schreef Carlos Sastre de Ronde van Frankrijk op zijn naam. Buiten het wielrennen waren er de Europese titel voor de voetbalploeg van Spanje en de successen van tennisser Rafael Nadal, die later deze maand de nummer-één-positie van de Zwitser Roger Federer zal overnemen.

Er wordt weleens gezegd dat de profwielrenners de Olympische Spelen als een tussendoortje beschouwen. Maar wie de blijdschap op de eindstreep zag bij Sanchez, en bij Cancellara, die uit het niets vanuit een groep schijnbaar kansloze achtervolgers naar de bronzen medaille was gereden, en de teleurstelling bij de Luxemburger Andy Schleck, die op zijn stuur sloeg omdat hij een bijna zekere olympische medaille had verspeeld, weet wel beter.

Sanchez maakte bij lastige weersomstandigheden (rond de 26 graden Celsius en een luchtvochtigheid die bij de start 96 procent bedroeg) deel uit van een van de sterkste ploegen in het olympische peloton. Favoriet bij de Spanjaarden, en de kopman van de ploeg, was Alejandro Valverde, die vorige week in eigen land nog de klassieker Clasica San Sebastian had gewonnen. Met de twee Tourwinnaars Sastre en Contador, en Sanchez, zevende in de voorbije Tour de France, beschikte hij over superknechten.

De olympische wegwedstrijd ging van start in Peking en voerde de 143 renners uit 54 landen langs de Verboden Stad en over het Tiananmenplein naar een heuvelachtig parkoers van zeven ronden bij de Muur, en ontwikkelde zich tot een van de mooiste eendaagse wedstrijden van het jaar.

Voordat de laatste 23,7 kilometer lange ronde inging, moest Contador lossen. Hij stapte af en richt zich nu op de Ronde van Spanje, die zaterdag 30 augustus begint.

Vlak voor het einde bleef een kopgroep van vijf over, met Schleck, Sanchez, Rebellin, de Rus Alexander Kolobnev en de Australische oud-wereldkampioen tijdrijden Michael Rogers. De laatste twee moesten lossen en Schleck, Rebellin en Sanchez leken op weg om de olympische medailles te gaan verdelen. Maar Kolobnev en Rogers gaven niet op in hun jacht op het leidende trio.

Vanuit een achtervolgende groep voegde een ontketende Cancellara, de regerend wereldkampioen tijdrijden, zich bij Rogers en Kolobnev. Bij de tolpoort bij de Chinese Muur, nog geen kilometer verwijderd van de finish, kregen de Zwitser, de Australiër en de Rus aansluiting bij de drie koplopers. Met z’n zessen stormden ze op de finish af, met Sanchez, prof sinds 2000 en in dienst bij de ploeg van Euskaltel, als sterkste.

De grootste favorieten, Valverde en de zojuist onttroonde Italiaanse titelhouder Paolo Bettini, moesten genoegen nemen met respectievelijk de dertiende en de achttiende plaats.

Terug naar de olympisch kampioen, die met rugnummer 8 naar de zege reed. Op het erepodium waren er tranen bij Sanchez, tegen een van de mooiste decors uit de wielergeschiedenis.