Turner Zonderland in finale, Harmes staat reserve

Turner Epke Zonderland was dit voorjaar nog geblesseerd aan zijn schouder. Maar hij plaatste zich overtuigend voor de toestelfinale aan rek.

Epke Zonderland gisteren in actie aan rek. Volgende week dinsdag turnt hij de finale. Foto AP Epke Zonderland from the Netherlands performs at the horizontal bar at the Beijing 2008 Olympics in Beijing, Saturday, Aug. 9, 2008. (AP Photo/Julie Jacobson) Associated Press

Is Epke Zonderland zo goed of een aantal van zijn concurrenten zo slecht? De 22-jarige turner constateerde zaterdagavond met lichte verbazing dat hij zich als vierde had geplaatst voor de toestelfinale aan rek. Dat biedt nieuwe perspectieven, realiseerde Zonderland zich. Een medaille is een reële optie geworden.

Zonderlands aanvankelijke scepsis over een finaleplaats was ingegeven door zijn internationale ervaring. Die leerde hem dat een score van 15.750 punten geen zekerheid bood. Het zou er om spannen, meende hij onmiddellijk na zijn oefening. Aangezien de turner in de ochtenduren in de eerste groep moest aantreden, ontbrak op dat moment een referentiekader. Mogelijk was de spanning van de Olympische Spelen andere turners te veel, want er werden de rest van de dag zo veel fouten aan rek gemaakt dat Zonderland geen moment in de rats heeft gezeten.

Nadat ’s avonds om tien uur alle deelnemers hadden geturnd, stelde Zonderland tevreden vast dat hem nog tien dagen resten om de uitgangswaarde van zijn oefening te verhogen. Want de turner veronderstelt dat hij extra risico moet nemen om een medaille te kunnen winnen. De voorzichtigheid van de kwalificatie zal hij volgende week dinsdag in de finale (vanaf 13.30 uur) moeten laten varen.

Daar is Zonderland op voorbereid, want in de aanloop naar de Spelen heeft hij een extra vluchtelement aan zijn oefening toegevoegd, waarmee hij als enige van alle finalisten aan rek een 7.4 als uitgangswaarde heeft. Dat getal geeft aan dat hij de hoogste moeilijkheidsgraad heeft en in het voordeel is bij de aftrek van punten. Alle concurrenten zitten volgens hem minstens drietiende punt lager met hun uitgangswaarde. Een andere voordeel is dat de grote favoriet, de Duitse wereldkampioen Fabian Hambüchen, in de finale als eerste moet turnen. Zonderland, die daarna aan de beurt is, heeft dan een richtpunt. Nadeel is dat de Italiaan Igor Cassina, de olympisch kampioen van vier jaar geleden, de rij sluit.

De goede uitgangspositie in Peking van Zonderland is eigenlijk een klein wonder, want de turner was afgelopen voorjaar als gevolg van een schouderblessure langdurig uit de roulatie en heeft zijn oefening moeten aanpassen. De eerste Nederlandse turner die sinds 1928 (Amsterdam) weer aan de Spelen meedoet, voert het vluchtelement aan één arm (Rybalko) gespiegeld uit, wat door kenners voor onmogelijk werd gehouden.

Daags na het voorlopige succesverhaal van Zonderland verging het Suzanne Harmes minder goed in haar kwalificatiewedstrijd. De 22-jarige turnster zag haar Olympische Spelen van vier jaar geleden in Athene mislukken wegens een rugblessure, waardoor zij als 42ste eindigde. Nu richtte ze zich op een plaats in de meerkampfinale. Daarvoor moest ze op de geschoonde uitslagenlijst – elk land heeft recht op maximaal twee startplaatsen – bij de beste 24 eindigen. En wat gebeurde: Harmes werd 25ste, waarmee ze de eerste reserve is. De ervaring leert dat de kans op een finaleplaats dan reëel is, maar die zekerheid kan in het uiterste geval pas een uur voor de finale van vrijdagochtend worden gegeven.

Harmes turnde geen slechte wedstrijd en eindigde met 57.075 punten als 32ste op de ongeschoonde ranglijst. Maar ze had vooral aan brug en op balk oefeningen van een te laag niveau om probleemloos de finale te kunnen halen. Waar op EK’s of WK’s de concurrentie nog wel eens wil verslappen, was daar gisteren in Peking geen sprake van. Er werd op hoog niveau geturnd.