Onbeheerste agressie

Heeft president Saakasjvili van Georgië een fatale taxatiefout gemaakt door zich ontijdig en ongedekt te laten provoceren tot militaire herovering van de afgescheiden provincie Zuid-Ossetië? Het is een van de vele raadsels waarmee de oorlog in de Kaukasus momenteel wordt omgeven.

Het is zeker dat Georgië vrijdag om 02.45 uur het initiatief nam. Dat daaraan kleinere en grotere provocaties voorafgingen van Zuid-Ossetië, dat op zijn beurt weer werd gedekt door Rusland, staat eveneens buiten kijf. Zoals er ook veel op wijst dat de Rusland heeft gewacht op dit alibi: om Zuid-Ossetië te ‘bevrijden’ én om Georgië op de knieën te bombarderen. Het geweld dat Moskou sinds vrijdag inzet, is namelijk buiten proportie. Die onbeheerste inzet wijst niet alleen op een immens verlangen om de postkoloniale trauma’s, waaraan het sinds de ontmanteling van de Sovjet-Rusland in 1991 lijdt, te wreken. Het kan ook een omineuze voorbode zijn voor wat nog kan komen. Op de Kaukasus met zijn permanente separatisme. Langs de Zwarte Zee met Turkije en Oekraïne als regionale grootmachten. En in Rusland zelf, waar de nadrukkelijke aanwezigheid aan de frontlinie van premier Poetin en de wat ongemakkelijke martiale houding van president Medvedev doet vermoeden dat de oorlog met Georgië een rol gaat spelen in de interne machtsverhoudingen.

Het is nog te vroeg om de schade op te maken. Maar gevoeglijk kan worden aangenomen dat Georgië de strijd in territoriale zin na een paar dagen heeft verloren. Daarbij zal het mogelijk niet blijven. Behalve Zuid-Ossetië zint Abchazië nu daadwerkelijk op een definitieve afscheiding. Georgië is tegen die dreiging militair niet opgewassen. De nu uit Irak teruggekeerde troepen kunnen alleen de territoriale integriteit van het resterende Georgië verdedigen.

Hopelijk is dat laatste niet nodig. Het ligt althans niet voor de hand dat Rusland zo dwaas is dat het serieus voet op Georgische bodem zal zetten. Dat zou de crisis naar een nog gevaarlijker niveau tillen. De internationale implicaties zijn nu al ernstig genoeg.

Sinds vrijdag hangt er immers een sfeer over Europa die herinnert aan de Koude Oorlog. Maar anders dan toen weet de NAVO zich daarmee amper raad. Het Atlantisch bondgenootschap wil Georgië als potentieel kandidaat-lid beschermen, maar spreekt verder niet met één mond. Zo ijveren de Baltische landen en Polen voor harde, politieke confrontatie jegens Rusland, maar proberen Duitsland en Frankrijk te bemiddelen. Dat onvermogen wordt mede veroorzaakt door de tanende machtspositie van president Bush van de VS. Rusland heeft dat vacuüm geroken en wil daar nu gebruik van maken.

De oorlog in de Kaukasus dwingt het Westen dus te erkennen dat de coöperatieve machtsverhoudingen, zoals die zich na de Koude Oorlog hadden ontwikkeld, tot het verleden behoren. Maar wat daarvoor in de plaats komt, is ongewis. Het verloop van de strijd in Georgië zal uitwijzen of met name de EU in deze nieuwe machtsverhoudingen een beslissende factor kan zijn.

Europa zit nu dus dringend verlegen om een eigen politieke rol.