Kan die tetterende reclame op de tv niet wat zachter?

Wim van der Pol uit Delft is een van die Nederlanders die zich wel eens stoort aan lawaaiige tv-reclames. „Is daar niets aan te doen?”

Er ís al wat aan gedaan. In 2002, naar aanleiding van een KRO-onderzoek waaruit bleek dat oorverdovende reclameblokken de grootste ergernis van kijkers waren, zijn de grote reclamebedrijven Ster, IP (RTL) en dat van SBS gaan praten over vermindering van het volume.

Een luidheidsmaximum als zodanig is er nog niet, volgens een woordvoerder van Technicolor dat de uitzendingen voor onder meer Nederland 1, 2 en 3 verzorgt. Sinds kort is er een gestandaardiseerde meetmethode en er zijn inmiddels internationale geluidsnormen opgesteld. Of zenders zich hieraan willen binden, is nog afwachten.

Wel zijn er wettelijke elektromagnetische maxima die het volume indirect begrenzen. Doorgaans wordt tijdens opnamen gestreefd naar het geluidsniveau van de tv in de huiskamer, ongeveer 76 decibel. Is een programma toch te hard, dan kan Technicolor bij uitzondering ingrijpen. Tenminste, zolang het geen automatische uitzending is.

Een avondje tv bestaat verder uit een heleboel los geproduceerde onderdelen (live, studio, animatie, et cetera.) Ieder onderdeel is opgenomen onder verschillende omstandigheden. Voor het oor zijn de overgangen niet altijd even goed afgestemd.

Daarbij zitten sommige reclamespotjes constant op de geluidspiek, volgens Ster-woordvoerder Sabine van Aken: „Als ik HEEL EVEN hard praat, denk je ‘ach, die vrouw wil wat duidelijk maken’. Als ik CONTINU ZO ZOU PRATEN, DAN IS HET WAT MINDER PRETTIG! Ook mijn collega’s kijken wat raar op.”

De Duitse media-econoom Kai Bronner, co-auteur van de bundel Audio-Branding (2007), denkt dat een luid volume niet de beste manier is om aandacht te trekken. „Als alle spotjes hard klinken, val je niet meer op als bedrijf. Mercedes Benz had jaren geleden een opmerkelijk rustige campagne met een prijswinnend spotje: Silence.”

Eppo König