Energiek ondanks ‘die pokke-stoel’

Margot Keune, voormalig actrice en journaliste, belandde op jonge leeftijd in een rolstoel. Ze overleed vrijdag.

Keune in 1988. Foto M. Boyer Boyer, Maurice

Voordat Margot Keune in Amsterdam aan een studie biologie begon, was ze fotomodel en kandidaat-Miss Holland geweest. Ze debuteerde in 1980 als actrice in Spetters (Paul Verhoeven) en speelde een jaar later een rolletje in Een vlucht regenwulpen (Ate de Jong). Ook was ze te zien in een destijds populair reclamespotje voor Giroblauw met John Cleese.

Daarna begon Margot Keune als freelance journaliste. Ze maakte onbevangen interviews, onder meer voor Avenue en Viva, met Monica Vitti, Roman Polanski, Nastassja Kinski en Brigitte Bardot. Ze was redacteur van een talkshow van Tineke de Nooy toen ze, op 26-jarige leeftijd, door een herseninfarct vrijwel volledig verlamd raakte. Ze slaagde er na intensieve revalidatie in haar armen en haar stem weer enigszins te gebruiken.

In 1988 plaatste deze krant een interview met haar, Mijn leven als E.T. stond erboven. Erwin Olaf maakte er een glamourfoto bij. „Ik zit nu in die pokke-stoel en heb die pokke-stem en er gebeurt niks meer”, stelde ze toen vast. „Ik peins er niet over om nog vijftig jaar videoclips te zitten kijken. Zelfmoord is een uiterste oplossing. Liever probeer ik van dit niks toch nog wat te maken.”

En dat deed ze, onwaarschijnlijk energiek. In 1989 poseerde ze voor de Nederlandse Playboy. Daarmee wilde ze bewijzen dat een vrouw in een rolstoel wel degelijk aantrekkelijk kan zijn. In 1990 trad ze samen met Sylvia Millecam op in Playmates, geschreven door Haye van der Heyden, waarin de bevriende actrices lieten zien hoe het is om te leven met een handicap.

Haar grote liefde vond ze in cameraman Geert de Bruin. Ze deelden een interesse voor fotografie en film. Op feestelijke bijeenkomsten in Keunes aangepaste huis bleek hoe hartstochtelijk ze hun geluk omhelsden. Het duurde tien jaar. Geert de Bruin overleed in 1999 aan slokdarmkanker, 42 jaar oud.

Ze schreef een boek over deze ramp, Landschappen van verlangen (Prometheus, 2002). Frits Abrahams prees het in deze krant als ‘een onsentimenteel’ en ‘rauw, woedend boek’. „Mijn woede is op”, noteerde Keune na het tweede Nieuwjaar zonder Geert. „Ik ben bang om grijs en zuur te worden. Een verbitterde ouwe taart, met slaphangende schoudertjes, muizig in haar karretje.”

Ondanks de rolstoel maakte Margot Keune veel reizen. Op een aantal daarvan hoopte ze de verlichting te vinden die Nederlandse artsen haar niet konden bieden. Naarmate dat vaker op een teleurstelling uitliep, verloor ze haar wil om te leven. Ze was bovendien bang door verdere fysieke achteruitgang onmachtig te worden.

Dit voorjaar onderging ze een stamceltherapie in Peking. Op 31 mei schreef ze hierover in het Hollands Dagboek in de bijlage Zaterdag etc. De artsen hadden haar gezegd dat ze de kliniek waarschijnlijk wandelend met een stok zou verlaten. „Voor mij hoeft het niet zo nodig”, schreef ze. „Laat mij maar zitten, ik ben toch lui en strompelen vind ik geen gezicht.” Na terugkomst uit China was ze er beroerder aan toe dan daarvoor. Ze verzocht de artsen met wie ze daarover eerder had gesproken, haar doodswens in te willigen. Vrijdagavond stierf Margot Keune, morgen wordt ze in kleine kring gecremeerd.