VEB naar rechter om prijs C1000

Beleggersvereniging VEB stapt naar de ondernemingskamer van het Amsterdamse Gerechtshof om een hogere prijs te krijgen voor de resterende aandelen in supermarktbedrijf Schuitema, exploitant van ruim 450 C1000-winkels.

De Britse investeringsmaatschappij CVC heeft tien dagen geleden een bod uitgebracht van 20,11 euro per aandeel, naar eigen zeggen evenveel als het eerder aan grootaandeelhouder Ahold heeft betaald. Daarmee kreeg CVC ruim 73 procent van Schuitema in handen. Ook vergaarden de Britten al de 25 procent van een aan Schuitema gelieerde stichting, waarin de franchisenemers zijn vertegenwoordigd.

Volgens de VEB is dat bod van 20,11 euro „veel te laag”. Na eigen onderzoek op basis van „objectieve waarderingsmethoden en alle openbare gegevens” heeft de VEB zelf een prijs berekend van „ten minste” 31,73 euro per aandeel, ruim 57 procent hoger dan het CVC-bod.

In een gisteren ingediend verzoek wil de beleggersvereniging aan de ondernemingskamer vragen een billijke prijs vast te stellen voor de minderheidsaandeelhouders. De VEB heeft de rechter gevraagd het verzoek „met de meeste spoed te behandelen”.

Belangrijkste argument van de VEB is dat de prijs van 20,11 euro die Ahold heeft gekregen, niet alleen uit contanten bestond. Ahold krijgt ook 57 winkels van Schuitema, een deel van de vastgoedportefeuille en preferente aandelen. Daarmee verkrijgt Ahold de komende drie jaar onder meer een vetorecht op belangrijke strategische beslissingen van Schuitema. Bij een grote overname van een ander concern zal Schuitema bovendien nog eens 36 winkels aan Ahold overdragen. Die laatste afspraken zijn volgens de VEB niet in de prijs van 20,11 verwerkt.

Meer over het bod op Schuitema op nrc.nl/economie