Pest verklaard

Pest verklaard (KK) Dit is de woestijn van Kazachstan vanuit de ruimte gezien. Wie Google Earth installeert, kan het plekje terugvinden, honderd kilometer ten noorden van Alma-Ata. De honderden witte stippen, met een diameter van ongeveer 30 meter, geven de plaatsen aan waar gerbils (Rhombomys opimus, een soort woestijnratten) hun gangenstelsels hebben. Daarboven groeien geen planten. Van de stelsels, vaak al generaties lang in gebruik, is doorgaans nog niet de helft bewoond. Het gebied was jarenlang een beruchte verspreidingsbron van de gevaarlijke builenpest. Gerbils dragen vlooien van het geslacht Xenopsylla bij zich waarvan er vele besmet zijn met de pestbacterie Yersinia pestis. Sovjet-onderzoekers hebben veel in het werk gesteld om de uitbraken van builenpest onder controle te krijgen en verzamelden al doende een enorme hoeveelheid informatie over de gerbils en hun besmette vlooien. Het bleek dat pest alleen een epidemische vorm kon aannemen als ten minste eenderde van de stelsels bewoond was. Waarom dat zo was, bleef onduidelijk. Onderzoekers van de Utrechtse faculteit diergeneeskunde presenteren in Nature (31 juli) een theoretisch model dat de drempelwaarde verklaart. De zogenoemde percolatie-theorie, die voor het eerst voor de verspreiding van een infectieziekte wordt gebruikt, verschilt wezenlijk van bestaande verspreidingsmodellen en zou ook andere raadsels kunnen verklaren. (KK) Google Earth

Dit is de woestijn van Kazachstan vanuit de ruimte gezien. Wie Google Earth installeert, kan het plekje terugvinden, honderd kilometer ten noorden van Alma-Ata. De honderden witte stippen, met een diameter van ongeveer 30 meter, geven de plaatsen aan waar gerbils (Rhombomys opimus, een soort woestijnratten) hun gangenstelsels hebben. Daarboven groeien geen planten. Van de stelsels, vaak al generaties lang in gebruik, is doorgaans nog niet de helft bewoond. Het gebied was jarenlang een beruchte verspreidingsbron van de gevaarlijke builenpest. Gerbils dragen vlooien van het geslacht Xenopsylla bij zich waarvan er vele besmet zijn met de pestbacterie Yersinia pestis. Sovjet-onderzoekers hebben veel in het werk gesteld om de uitbraken van builenpest onder controle te krijgen en verzamelden al doende een enorme hoeveelheid informatie over de gerbils en hun besmette vlooien. Het bleek dat pest alleen een epidemische vorm kon aannemen als ten minste eenderde van de stelsels bewoond was. Waarom dat zo was, bleef onduidelijk. Onderzoekers van de Utrechtse faculteit diergeneeskunde presenteren in Nature (31 juli) een theoretisch model dat de drempelwaarde verklaart. De zogenoemde percolatie-theorie, die voor het eerst voor de verspreiding van een infectieziekte wordt gebruikt, verschilt wezenlijk van bestaande verspreidingsmodellen en zou ook andere raadsels kunnen verklaren. (KK)