Olympische seksen

Seksetesten voor olympische sporters zijn gelukkig sinds 1999 afgeschaft.

In 1912 noemde baron Pierre de Coubertin, de oprichter van het Internationaal Olympisch Comité (IOC), deelname van vrouwen aan de Spelen „onpraktisch, oninteressant en ongepast”.

Toen vrouwen er toch aan mochten gaan deelnemen, moest er een onderscheid naar geslacht gemaakt worden, gezien het biologisch voordeel dat mannen, in lengte en spierkracht, dankzij hun testosteron hebben. Bij de oude Grieken was het onderscheid tussen man en vrouw nog simpel. Sporten deed men naakt en als je geen penis had, kreeg je geen toegang. Maar het chromosomale geslacht, het in- en uitwendige geslacht en de gender-identiteit (het zich man of vrouw voelen) gaan niet altijd samen, wat kan samengaan met een veranderde testosteronspiegel. Vrouwen met te veel testosteron kunnen een bedreiging vormen voor de andere vrouwelijke sporters. Pas in de jaren vijftig werd bekend dat Dora (Hermann) Ratjen, een echte man, in de jaren dertig door de nazi’s werd overgehaald zich als een vrouwelijke hoogspringster voor te doen, en vervolgens prijzen behaalde. In 1936 verloor Dora echter.

In 1936 begonnen ook de serieuze problemen, toen bij de Olympische Spelen in Berlijn de Amerikaanse goudenmedaillewinnares op de 100 meter, Helen Stephens, er van beschuldigd werd een man te zijn. Bij inspectie bleek ze toch een vrouw. Ironisch genoeg, toen Stella Walsh, goudenmedaillewinnares van 1932, van wie Stephans in 1936 gewonnen had, later vermoord werd bij een roofoverval, bleek er bij haar juist wel sprake te zijn van een geslacht waarvan het niet duidelijk was of het manlijk of vrouwelijk was. In 1967 kwam een aantal Sovjet-atletes die zich voor een groep gynaecologen moest uitkleden niet opdagen. Ze werden verondersteld door een of andere stoornis te veel testosteron te hebben gehad.

Met een test voor het chromosomale geslacht is getracht oneerlijke competitie in de sport te voorkomen. Dat heeft echter alleen maar onverwachte, persoonlijke ellende veroorzaakt zonder dat het leidde tot een terechte uitsluiting. In een wangslijmvlies uitstrijkje is met microscopisch onderzoek in de celkern het lichaampje van Barr te zien. Dit bewijst de aanwezigheid van een tweede X-chromosoom, en dus dat de persoon in kwestie een vrouw (XX) is. Zo werd de Poolse sprintster Eva Klobubowska uitgesloten en moest ze haar olympische medailles (Tokio 1964) teruggeven. Zij bleek een afwijkend chromosoompatroon te hebben, wist van niets en schoot in een depressie.

Volkomen onterecht werden door deze test ook atleten met een compleet androgeen ongevoeligheidssyndroom, zoals Maria Patino, uitgesloten. Genetisch mannelijke (XY) individuen met dit syndroom ontwikkelen zich tot heteroseksuele vrouwen. Hoewel er in de buikholte testikels worden gevonden, leidt dit niet tot oneerlijke competitie in de sport. Integendeel, want ze missen het effect van testosteron uit de eierstokken en de bijnieren, dat normale vrouwen wel hebben. Paradoxaal genoeg werden meisjes met een lichte vorm van congenitale bijnierhyperplasie door deze test niet uitgesloten, terwijl hun hogere testosteronspiegels juist wel kunnen leiden tot meer spierweefsel. Een nieuwe genetische test (SRY), ingevoerd in de jaren negentig, verbeterde de situatie niet.

Patino sloot zich in eerste instantie af van al haar sociale contacten, maar vocht daarna terug en werd als eerste in 1988 gerehabiliteerd als sportvrouw. Het is niet bekend op basis van welk onderzoek de hardloopster Foekje Dillema, die volgens professor Anton Grootegoeds recente onderzoek wel een vrouw was, maar door een zeldzame chromosomale afwijking ook wat testisweefsel had, in 1950 geschorst werd. Hoe dan ook, Fanny Blankers-Koen raakte hierdoor haar enige concurrente kwijt, en er wordt gefluisterd dat zij, of haar echtgenoot, de hand heeft gehad in het initiatief voor een seksetest door de KNAU. Ook Foekje werd uiteindelijk, zij het postuum, gerehabiliteerd.

Grote ongerustheid ontstond toen enkele van man-naar-vrouw transseksuelen als vrouw aan wedstrijden mee gingen doen. Alsof je de hele ellende van een geslachtsverandering door zou willen maken alleen maar om een medaille te winnen. Renee Richards won een rechtzaak in de VS, die haar het recht gaf in de vrouwencompetitie tennis mee te doen. Op basis van onderzoek van de emeritus hoogleraar in de transseksuologie Louis Gooren mogen sinds 2004 man-naar-vrouw transseksuele sportlieden twee jaar na de geslachtsoperatie meedoen als hun hormonenspiegels ‘normale’ waarden hebben en hun geslacht ook formeel is veranderd. In Peking doet een Canadese transseksuele wielrenster officieel mee, Kristen Worley. In 1999 is besloten de collectieve seksetesten voor de Olympische Spelen af te schaffen, maar er staat wel altijd een team van specialisten klaar om eventuele problemen vakkundig te onderzoeken. Dat is beter dan een simpele, maar foute test voor een heel complex probleem.

Dick Swaab

De auteur is hoogleraar in de neurobiologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is verbonden aan het Nederlands instituut voor Neurowetenschappen. Reacties en vragen kunt u sturen naar zbrieven@nrc.nl