Zijn kapsel is geen kapsel, maar zomaar haar

‘Ik onderzoek de invloed van het hoogst onwaarschijnlijke op ons aller levensloop, en in het bijzonder op de mijne”, antwoordt hij als ik vraag wat hem hier brengt. Zijn ogen wonen achter dikke brillenglazen, in een heel ander land dan de rest van zijn asgrauwe gezicht. Zijn overhemd, bruin met oranje strepen, knelt zijn nek af omdat het maximaal is dichtgeknoopt. Zijn kapsel is geen kapsel maar zomaar haar, dat ook uit zijn kin groeit. Alles aan hem ademt wereldvreemde intelligentie.

Tot nu toe verloopt de avond keurig volgens de regels. De toeter klinkt, men praat met elkaar, na drie minuten klinkt de toeter weer, wij dames staan op en schuiven door, de heren blijven zitten, en allemaal krabbelen we half in het geniep nog snel een plus of een min achter het nummer van onze laatste gesprekspartner.

Iedereen is expat, behalve ik. Ik ben hier omdat een Zwitserse kennis wel wilde, maar in haar eentje niet durfde te komen. Ik durfde best. Op expats zet ik mijn kaarten liever niet vanwege de beperkte houdbaarheidsdatum, maar ik vind ze wel grappig. De Zwitserse heeft zich thuis omgekleed, ik kom recht uit kantoor. „Kom op”, zeg ik tegen haar als ze draalt bij de ingang. „We gaan lol maken.”

Een Indiase bankier blaat over zijn topbaan, tophuis, tophobby’s. Als ik zeg dat mijn hobby’s bankzitten en lezen zijn, betrekt zijn gezicht en komt het niet meer goed tussen ons.

Een Amerikaanse leraar vindt lezen juist cool. Wat lees ik dan zoal? Zelf leest hij Thoreau, Pound, o en Hemingway natuurlijk, de grote Hemingway, wie is er ooit klaar met Hemingway, telkens weer grijpt hij naar Hemingway... Gelukkig. De toeter.

Een Italiaanse vertaler laat foto’s zien. Kijk, zijn nichtje van vier, lief hè? Wat is hij dol op haar. En hier, zijn flat in Rome, groot hè? Er zijn een hééleboel slaapkamers. Ik spied verveeld het café rond, en daar zit hij, met die dikke bril, in zijn eentje. Hij moet overgeslagen zijn. Ik besluit om de volgende ronde bij hem aan te schuiven.

Hij is Hongaar, blijkt, een IT’er, en hij maakt zulke lange werkdagen dat zijn Nederlandse baas hem buiten zijn weten om voor dit speeddate-event heeft opgegeven. „Mijn totale gebrek aan sociaal leven begon hem zorgen te baren”, zegt hij. We giechelen erom totdat de toeter klinkt.

Hij krijgt een plus.

Dit is de laatste column van Sandra. Aaf is maandag terug van vakantie.

Lees de columns van Sandra op nrcnext.nl/sandra

    • Sandra Heerma van Voss