Strategie OMV laat te wensen over

OMV heeft eindelijk de realiteit onder ogen gezien. Het Oostenrijkse olie- en gasconcern heeft zijn bod van 23 miljard dollar van een jaar geleden op zijn Hongaarse concurrent MOL ingetrokken, nadat de Europese Unie zware voorwaarden had gesteld aan een eventuele fusie. Om de transactie te laten slagen, had OMV één of meer raffinaderijen moeten verkopen, waardoor de economische grondslag van de deal zou zijn ondermijnd.

Op het eerste gezicht is dit goed nieuws voor de aandeelhouders van OMV, doordat een jaar van onzekerheid wordt afgesloten en nieuwe jaren van onzekerheid worden vermeden. Ook als de EU zich toeschietelijker had betoond, waren de Hongaren waarschijnlijk niet van plan geweest hun standvastige, soms schandalige verzet te staken. MOL wees een bod af van 32.000 forint per aandeel, om de koers vervolgens te zien kelderen naar 18.175 forint.

Maar de koersstijging van 1 procent van woensdag had vermoedelijk meer te maken met opluchting dan met iets anders. Het mislukken van de transactie trekt de strategie van OMV in twijfel. Dit is immers het tweede stukgelopen bod van OMV in even zoveel jaren, na het falen van een onhandige poging om een nationale kampioen in het leven te roepen via een fusie met Verbund in 2006.

Er zijn nu in de regio geen voor de hand liggende doelwitten meer over. Het bedrijf heeft zijn kapitaal vastgelegd in een belang van 1,7 miljard euro in MOL – iets meer dan wat ervoor is betaald, maar geen klein bedrag voor een concern met een marktwaarde van 13 miljard euro – zonder dat daar een bestuurszetel tegenover staat. Vasthouden aan het belang is geen levensvatbare optie. Wolfgang Ruttenstorfer, de topman van OMV, zegt dat het belang OMV „een route naar consolidatie” biedt. Gezien de houding van MOL tegenover mogelijke transacties is dat louter wensdenken.

Gelukkig voor Ruttenstorfer gaat het goed met de activiteiten van OMV zelf. Het concern is met goede cijfers over het tweede kwartaal gekomen. En OMV heeft een paar andere projecten onder handen, zoals de sanering van zijn Roemeense dochter Petrom en de ontwikkeling van een Midden-Europees knooppunt voor de handel in gas. Maar MOL en Verbund hebben een nare smaak achtergelaten in de monden van beleggers. Voor één mislukte deal in de politiek lastige nutssector zijn nog excuses denkbaar, maar twee mislukkingen op een rij maakt een slordige indruk.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com

    • Fiona Maharg-Bravo