Scherp observator met zwarte humor

De Britse schrijver Simon Gray verzette zich tegen de moderne tijd. Zwarte humor is essentieel in zijn boeken en toneelstukken.

Simon Gray Foto HH Mandatory Credit: Times Newspapers / Rex Features Ltd. SIMON GRAY SIMON GRAY - 1999 PLAYWRIGHT POSED SMOKING CIGARETTE Rex Features;Times Newspapers;Hollandse Hoogte

In het derde deel van The Smoking Diaries, enkele maanden geleden, schreef Simon Gray over de ontdekking van een tumor in zijn longen, vorig jaar. Gray stierf woensdag in Londen, 71 jaar oud.

De in de jaren zeventig doorgebroken toneelschrijver Gray was de laatste jaren vooral actief – en succesvol – als auteur van een reeks memoires en dagboeken. Daarin is een komische en scherpe kettingroker (60 sigaretten per dag) aan het woord, een man die, volgens J.J. Peereboom in deze krant, „even goed was in het uitschelden van zichzelf als van anderen”. Vrolijk kon hij vertellen over zijn oude gewoonte om drie flessen champagne per dag te drinken – in een poging om van de whisky af te komen. Even soepel kon hij overschakelen op de ziekte en dood van zijn favoriete acteur Alan Bates.

Simon Gray werd in 1936 geboren in het zuiden van Engeland, en opgeleid in Canada. Hij gaf jarenlang les aan de Universiteit van Londen. De academie bracht hem ook veel materiaal voor zijn toneelstukken, waarvan Butley (1971), Otherwise engaged (1975) en Quartermaine’s Terms (1981) de bekendste zijn. Zijn zwarte komedies brachten hem grote faam, hoewel ze haaks op de tijdgeest leken te staan. Die schreef een ernstig toneel over maatschappelijke zaken voor. Gray bracht liever de ingewikkelde en soms destructieve gangen van overspelige mannen op het toneel.

Met de moderne tijd had Gray toch al weinig uit te staan: hij reed geen auto, schreef uitsluitend op een typmachine en klaagde steen en been over ‘the bestiality of some parts of English life’. Zijn temperament leverde hem een serie conflicten op: van ruzie met een theatercriticus nadat hij de potentie van die beroepsgroep in twijfel had getrokken tot een ernstiger aanvaring met zijn oude vriend en collega Harold Pinter en een conflict met acteur Stephen Fry die na enkele voorstellingen van Grays toneelstuk Cell Mates in 1995 heimelijk de wijk nam naar België.

Niet veel later werd terminale kanker bij Gray geconstateerd, een diagnose die kort daarna weer werd ingetrokken. „Ik rook en drink nog steeds te veel”, zei Gray kort daarna. „Maar ik ben in elk geval immuun voor het grootste gevaar: de medische stand.” Ruim een decennium later moest hij zich toch gewonnen geven.