Lekker vrijen met datsja-meisjes

Vladimir Makanin combineert absurdisme en een klassiek thema in een roman over het graaiende Rusland van de jaren negentig.

'Melkmeiden', een schilderij (119 bij 229 cm) van Nikolai N. Baskalov uit 1962. Uit Socialist Realist Painting. Yale University Press, 1998 Yale University Press

Vladimir Makanin: Schrik. Uit het Russisch vertaald door Gerard Cruys. De Arbeiderspers, 448 blz. € 19,95

Met de toenemende vergrijzing van de Europese bevolking kon niet uitblijven dat het seksleven van de bejaarde medemens in de literatuur aan de orde komt. De Russische schrijver Vladimir Makanin, inmiddels ook de zeventig gepasseerd, doet dat met veel verve in zijn laatste boek, Schrik, dat onlangs in een prachtige vertaling van Gerard Cruys is verschenen. De hoofdpersoon, Petrovitsj, heeft een onbedwingbare drang om, vooral bij volle maan, naar slapende jonge vrouwen te kijken. In het zomerhuizendorp waar hij woont heeft hij daar volop gelegenheid toe, hij heeft weinig moeite zich toegang tot die houten huisjes te verschaffen. Soms blijft het niet bij kijken want Petrovitsj is voor zijn leeftijd nog behoorlijk potent. De vrouwen zijn er opmerkelijk laconiek onder, hun partners over het algemeen iets minder. Een van hen weet Petrovitsj zelfs enige tijd in een psychiatrische inrichting te krijgen, voor observatie.

Ruim tien jaar geleden verraste Vladimir Makanin, buiten zijn vaderland nauwelijks bekend en vertaald, de wereld met Underground of Een held van onze tijd, een omvangrijke roman waarin de ineenstorting van de Sovjet-Unie en alles waar dat land en de bijbehorende maatschappelijke orde voor stonden, op indringende wijze werd verbeeld.

Schrik is in veel opzichten een voortzetting van Underground. Het vakantiehuizendorp waarin het boek zich grotendeels afspeelt is evenzeer een metafoor van de Russische maatschappij van de jaren negentig als de afzichtelijke woonkazerne uit Underground dat was voor die in de jaren van de perestrojka. Het grote graaien van die tijd wordt mooi gesymboliseerd in de golf van inbraken in het dorp. Alles wat los en vast zit verdwijnt uit de huizen. Men verdenkt de bewoners van een naburig dorp maar het blijken uiteindelijk natuurlijk de eigen mensen te zijn.

Ook enige andere charmes van het leven in die tijd herkent men. Er is wekenlang geen elektriciteit (zodat de dieven het nog gemakkelijker hebben), er wordt op grote schaal illegaal afval gestort. Ook de Afghanistan-veteraan ontbreekt niet: een indrukwekkend portret van een man die onophoudelijk met zijn hoofd ergens tegenaan slaat en die alleen in slaap kan komen in de grafkuilen die hij zelf voortdurend ’s nachts in de tuinen graaft.

Het thema van Schrik is natuurlijk zo oud als de wereld: de sater die badende nimfen bespioneert en door de goden gestraft wordt, zoals bekend uit de Griekse mythologie en vereeuwigd op talrijke schilderijen en in talrijke gedichten uit vele eeuwen. Het gegeven is in de vorige eeuw enigszins in onbruik geraakt. Alleen daarom al is het leuk dat iemand het weer eens oppakt, want waarom zouden de saters, tegenwoordig ook wel voyeurs of oude viezeriken genaamd, uitgestorven zijn? De psychiater naar wie Petrovitsj wordt gestuurd laat hem een hele reeks reproducties met saters zien om hem de gewoonheid van zijn ‘kwaal’ goed in te peperen.

Petrovitsj’ queeste door het datsjadorp brengt hem langs tal van vrouwen, ieder met hun eigen verhaal en hun eigen vriend of echtgenoot, die op hun eigen wijze op de avances van de oude man reageren. Hij komt er niet altijd zonder kleerscheuren vanaf, maar is niet kapot te krijgen. Zelfs niet door de drugsverslaafde Dasja, dochter van een van de nieuwe rijken. Zij neemt Petrovitsj als dekmantel mee naar het Witte Huis in Moskou, op het moment dat dat belegerd wordt, omdat haar dealer daar toevallig ook is.

De hoofdstukken met de onberekenbare, aan afkickverschijnselen lijdende Dasja, en Petrovitsj’ verblijf in het Witte Huis terwijl dat wordt beschoten door tanks tijdens de opstand tegen Jeltsin in 1993 vormen het hoogtepunt in het boek. Hier slaagt Makanin erin een spanning en een gevoel van absurditeit te creëren dat elders in het boek weleens ontbreekt.

Makanin weet als geen ander zo’n cynische, volstrekt amorele oude man als Petrovitsj met al zijn hebbelijkheden neer te zetten, en ook de manier waarop zijn medemensen op hem reageren is raak getekend, maar toch krijg je de indruk dat hij soms wat erg op de automatische piloot schrijft. Vooral het begin van het boek lijdt onder een soort automatisme dat de lezer na tachtig bladzijden vertwijfeld doet afvragen waar dit verhaal heen moet. Want dat is het probleem met dit boek. Een geile, voor zijn leeftijd ongekend viriele oude baas (zonder Viagra!) en allerlei vrouwen, van jong tot middelbaar, dat is natuurlijk leuk en pikant, maar als het daar bij blijft is het toch wat weinig. Gelukkig wordt de volhoudende lezer beloond met bovengenoemde scènes in het Witte Huis en de afwikkeling daarvan.

Daarmee lijkt Schrik wel een beetje op zijn hoofdpersoon: zoals die altijd net op het moment dat hij afgeschreven lijkt weer de kracht bezit om uit zijn as te herrijzen, zo komt ook dit boek net op het ogenblik dat je het voorgoed wilt dichtslaan opeens tot leven en weet je dan alsnog naar een onverwachte climax (om in de dubbelzinnige taal van dit boek te blijven) te voeren.

    • Arthur Langeveld