‘Ik schurk niet aan tegen dit soort acties’

In zijn boek bekent Wijnand Duyvendak, Kamerlid voor GroenLinks, dat hij in 1985 inbrak in een ministerie. Met grote ophef tot gevolg. „Dat is allemaal mijn eigen schuld.”

Politie-optreden bij demonstratie tegen kernenergie bij kerncentrale Dodewaard, 21 september 1981. Als demonstranten verklede agenten trokken op de derde blokkadedag samen met ME’ers op. Foto Bert Verhoeff Verhoeff, Bert

Wijnand Duyvendak baalt. Het GroenLinks-Kamerlid heeft een boek geschreven over zijn grote zorgen over het klimaat en het gebrek aan politieke actie daartegen. Maar deze week, nadat hij een aankondiging over het boek verstuurde, kreeg hij alleen maar vragen over zijn eigen geloofwaardigheid en noemden collega-Kamerleden hem „een ordinaire inbreker”. Duyvendak: „En dat is allemaal mijn eigen schuld.”

Als er iemand is die ervaring heeft met de media is het Duyvendak wel. Al in zijn vroege jaren als milieuactivist trad hij geregeld op in de media, en in de jaren negentig was hij directeur van Milieudefensie, een organisatie die met uitgekiende mediastrategieën werkt. Toch stuurde Duyvendak stuurde deze week een uitnodiging aan de pers met als eerste zinnen: „Mijn eerste milieuactie bij het Binnenhof stamt uit 1985 en was een inbraak in het ministerie van Economische Zaken. De buitgemaakte plannen voor nieuwe kerncentrales sloegen in als een bom. Minister Van Aardenne kwam in het nauw; de actie was een groot succes. Niemand heeft ooit geweten wie er in deze actiegroep zaten.”

Het persbericht zorgde dat vele media aandacht besteedden aan de kwestie, en het leidde tot felle afkeurende reacties van collega-Kamerleden. „Een enorme beoordelingsfout”, zegt Duyvendak. „Dat ik een losstaand citaat de wereld in heb geholpen wekte de indruk dat ik trots ben dat ik dit heb gedaan, dat ik nog steeds aanschurk tegen dit soort acties. Dat is niet zo.”

Duyvendak wilde eigenlijk tot de presentatie van zijn boek Klimaatactivist in de politiek op 20 augustus wachten met het geven van uitleg. „Ik had even de hoop dat het niet zoveel aandacht zou krijgen. Maar het was niet meer houdbaar.” Het was al bekend dat hij andere inbraken had gepleegd. Zo stal hij met zijn kompanen militaire noodoperatiekamers om ze te laten verschepen naar bevrijdingsbewegingen in de Derde Wereld. Hij kreeg in 1984 zes weken celstraf toen hij bij zo’n actie was betrapt. „Los van de inbraak bij het ministerie ben ik altijd heel open geweest over mijn verleden. Ik dacht daarom dat het niet zo’n aandacht zou trekken. Naïef.”

In 1996, kort voordat u de politiek in wilde, zei u in Het Parool dat u niet bij deze inbraak betrokken was.

„Dat klopt. Maar toen heb ik de inbraak wel zelf ter sprake gebracht, en verteld dat ik de buitengemaakte stukken heb gepubliceerd. Daarmee maakte ik me kwetsbaar. Ik had vervolgd kunnen worden voor heling. Maar omdat de inbraak nog niet verjaard was, wilde ik de medeactivisten niet in de problemen brengen.”

Dat maakt een ongeloofwaardige indruk.

„Toch is het zo. Het actiewezen was niet groot. Iedereen wist toen met wie ik had samengewerkt. In dat bewuste interview heb ik juist verantwoording afgelegd over mijn actieverleden. Juist daarom wilde ik de inbraak bij EZ niet onbesproken laten.”

U zegt: ik neem er nu afstand van. Maar wat houdt dat in?

„Ik heb er nu een negatief oordeel over. Als je een maatschappelijke beweging op gang wilt brengen, zijn dit soort acties contraproductief. Nu zijn sommige mensen ongeduldig over het gebrek aan maatregelen tegen de klimaatproblemen, maar als zij gewelddadige acties gaan plegen, dan krijgen we de politiek niet mee. Ik heb nu de volle overtuiging dat je via de politiek de dingen moet veranderen. Dat is een heel ander inzicht dan dat ik 23 jaar geleden had.”

Maar zegt u in feite niet dat het doel de middelen heiligt, dat u de middelen alleen maar veroordeelt omdat die niet tot het gewenste doel leiden?

„Over het doel ben ik niet anders gaan denken, sterker: ik ben er nog meer van overtuigd geraakt dat we de klimaatproblemen moeten aanpakken. Over de middelen ben ik fundamenteel anders gaan denken. De route die ik destijds heb bewandeld tast het hart van de parlementaire democratie aan, en dat wil ik absoluut niet meer.”

Duyvendak is ook in verband gebracht met de gewelddadige acties van RaRa in de jaren tachtig tegen de aanwezigheid van Shell en Makro in Zuid-Afrika. Die beschuldiging kwam deze week terug. Hij ontkent er iets mee te maken te hebben. Duyvendak zegt juist betrokken te zijn geweest bij geweldloze acties tegen Shell, omdat hij toen al geloofde dat imagoschade meer effect zou hebben dan de financiële schade door aanslagen. „Ik wil graag rekenschap afleggen over wat ik gedaan heb. Tegen deze beschuldigingen kan ik me moeilijk verdedigen.”

Kunt u nog als een geloofwaardig politicus functioneren?

„Ik kan me voorstellen dat mensen zich dat afvragen als ze alleen het citaat lezen dat ik de wereld in heb gestuurd. Dan denken ze dat ik met mijn verleden flirt. Maar het beeld over mij zal op zijn pootjes terecht komen als ik goed uitleg welke ontwikkeling ik heb doorgemaakt en hoe ik nu over dit soort acties denk.”

Heeft u deze week overwogen om te stoppen als Kamerlid?

„Nee. Ik ben enorm gemotiveerd om aan het klimaat te werken. Bij de politiek horen tegenslagen.”

    • Herman Staal