‘Gun Chinees z’n glorie’

De nieuwe Chinese rijken staan tijdens de Olympische Spelen pronkend in de etalage. Voor de luxe hotels met galabuffetten parkeren ze hun buitenlandse merkauto’s kriskras over de stoep.

Linda Au bij bad. Foto Willem Offenberg Offenberg, Willem

„Dit is de plek waar Chinese rijken graag zaken doen.” Linda Au, manager van een tot kuuroord (fitness, sauna en massage) omgebouwde verdieping in Pekings nieuwe vijfsterrenhotel Marco Polo, gaat zitten op de rand van een zespersoons jacuzzi. „Een portie kreeft in bad mag best 1500 euro kosten”, zegt ze. „De olympische gelegenheidsprijs is voor hen niet te hoog, 300 euro voor een standaard kamer, oplopend tot duizenden euro’s voor een suite.”

Mao’s opvolger Deng Xiaoping zei het al, precies dertig jaar terug: rijkdom is glorieus. De nieuwe rijken staan tijdens de Olympische Spelen pronkend in de etalage. Dit is hún feestje.

Door de immense hotelhal schrijden ze, zelfbewust en zeer overdressed, naar het galabuffet. Hun buitenlandse merkauto’s laten ze kriskras geparkeerd staan op de stoep.

De extravagantie van China’s nouveaux riches mag spreekwoordelijk heten. Een bevriend zakenman kan zich permitteren de exclusieve openingsceremonie in het olympisch stadion te laten schieten. Louter omdat men in verband met veiligheidscontroles vier uur tevoren aanwezig moet zijn: „Het kan wel veertig graden worden in het Vogelnest en je mag geen drank meenemen!”

Een andere kennis, vastgoedmagnaat, is al twintig jaar in goeden doen – wat in China wil zeggen ‘oud geld’. Het hele blok naast het olympisch stadion met hotels, kantoortorens en luxe appartementen is van hem.

Hij mag graag over de strenge hiërarchie binnen de puissant rijke elite praten. Hij onderscheidt drie smaken: de toplaag, waartoe hij zichzelf rekent, met eigen golfclub en de hoogste contacten binnen de communistische partij. Er net onder het segment dat het nog niet helemáál heeft gemaakt. Daarom prikkelen ze de echte elite door met geld te smijten. Zij zijn het die in het Marco Polo het hele kuuroord afhuren.

Ten slotte heb je de deerniswekkende nieuwe welgestelden die recentelijk, binnen vijf jaar, rijk zijn geworden. Deze klasse verdient ons aller dedain. Zwaar boven hun stand levend hunkeren ze naar aanzien.

„Zakendoen is oorlog”, aldus de magnaat, „en dit mensentype herkent het moment niet eens waarop agressie dient te worden toegepast om te winnen. Een hoofdzonde, net als willen opvallen.”

Weinigen kunnen, volgens hem, echte weelde dragen. Maar ach, het gaat er nu eenmaal om hoe China de wereld versteld laat staan. Zeker buitenlanders moeten daar niet neerbuigend over doen. „Schrijf niet slecht over ons”, zegt hij. „Gun ons dit moment van glorie”. Buiten het hotel houdt hij onopvallend een taxi aan.

    • Willem Offenberg