Citigroup, Merrill erkennen fraude

Bankgiganten Citigroup en Merrill Lynch gaan onder druk van financiële toezichthouders in totaal 20 miljard dollar (13,2 miljard euro) aan zogenoemde veilingobligatieleningen terugkopen van investeerders. Daarmee geven zij expliciet toe beleggers de laatste jaren onjuist te hebben ingelicht over de risico’s van dergelijke beleggingen.

De markt voor deze auction-rate securities (ARS, leningen waarbij de rente periodiek via een veiling wordt vastgesteld) is door de kredietcrisis volledig tot stilstand gekomen. Citigroup bereikte gisteren een akkoord over de terugkoop met de toezichthouder om te voorkomen dat zij wegens het misleiden van investeerders zal worden vervolgd. Het gaat in totaal om 40.000 klanten. De bank schikte de zaak voor 100 miljoen dollar.

De bank gaf tevens aan te zullen „helpen” bij de verkoop van de 12 miljard dollar aan ARS die bij 2.600 institutionele beleggers (zoals pensioenfondsen) uitstaan. Citigroup houdt rekening met een verlies van 500 miljoen dollar op de terugkoop van de obligaties. De bank heeft sinds het begin van de kredietcrisis al bijna 55 miljard dollar afgeschreven op risicovolle obligatieleningen. De eenmaal teruggekochte ARS zullen waarschijnlijk ook voor miljarden moeten worden afgewaardeerd.

Merrill Lynch kondigde direct na de schikking van Citi aan ook ARS terug te kopen. Merrill heeft de leningen, met een waarde van 12 miljard dollar, aan 30.000 klanten verstrekt. Die waarde is waarschijnlijk gezakt tot 10 miljard als de bank start met de terugkoop op 15 januari 2009. Beleggers krijgen een jaar om hun stukken bij de bank aan te bieden, die ze tegen nominale waarde terugkoopt.

De verwachting is dat meer banken het voorbeeld van Citi en Merrill zullen volgen. De totale markt voor veilingobligaties, die 330 miljard dollar bedraagt, kwam in februari tot stilstand. Ook de Zwitserse bank UBS is in gesprek met hoofdofficier van justitie Andrew Cuomo over een schikking.

Meer over de kredietcrisis op nrc.nl/kredietcrisis