Opnieuw komt het leger de democratie redden

Het leger van Mauretanië heeft voor de tweede keer in drie jaar ingegrepen. De militairen zeggen de democratie te beschermen tegen fundamentalisme.

Mauretanië is na de staatsgreep van gisteren in zekere zin terug bij de situatie van 2005.

Militaire coupplegers wierpen in dat jaar Maaouya Sid’Ahmed Ould Taya omver, de president die jarenlang een repressief bewind had gevoerd. De militairen plaveiden de weg voor de eerste democratische verkiezingen in onafhankelijk Mauretanië. Die resulteerden vorig jaar in de benoeming van Sidi Mohamed Ould Cheikh Abdallahi als president.

Abdallahi werd gisteren, net als zijn voorganger in 2005, afgezet door militaire coupplegers. En net als in 2005 kondigden de officieren nieuwe verkiezingen aan. Zelfs de coupleider van gisteren is dezelfde als in 2005: generaal Mohamed Ould Abdel Aziz, hoofd van de presidentiële garde.

Abdallahi werd gisteren tijdens een bliksemactie gearresteerd en opgesloten in zijn paleis in de hoofdstad Nouakchott. In een op de televisie uitgezonden verklaring beloofde de nieuwe ‘militaire raad’ „zo snel mogelijk vrije en transparante verkiezingen” te zullen organiseren. Op de straten van Nouakchott bleef het rustig.

De jongste staatsgreep is het voorlopige hoogtepunt in een maandenlange machtsstrijd in Mauretanië. Tegen een achtergrond van corruptie, stijgende voedselprijzen en malaise in de visserijsector ontwikkelde zich een politiek gevecht dat draait om de banden van president Abdallahi met het regime van voor 2005 en met zijn toenadering tot de fundamentalistisch-islamitische oppositie.

Het gearabiseerde Mauretanië bestaat voor 99 procent uit moslims maar de figuren met wie Abdallahi wilde samenwerken zijn veel te extreem, aldus veel legerleiders en het gros van Abdallahi’s partijgenoten in het parlement. Zij beschuldigen de partners van Abdallahi van banden met terreurnetwerk Al-Qaeda, een gevoelige beschuldiging gezien de toenemende activiteit in nabijgelegen landen van Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb, een fusiepartner van het ‘echte’ Al-Qaeda.

De vrees voor een fundamentalistische opmars werd de afgelopen periode gevoed door diverse incidenten. In februari vond een schietpartij plaats voor de Israëlische ambassade – Mauretanië is een van de weinige Arabische landen die Israël erkennen. In december werden vier Franse toeristen vermoord in een actie die is toegeschreven aan Al-Qaeda en leidde tot de afgelasting van de rally Parijs-Dakar. Tussen de bedrijven door liet Abdallahi diverse terreurverdachten vrij uit de gevangenis.

Voor tientallen partijgenoten van Abdallahi was de maat vol toen de president, een vrome moslim, eerder dit jaar in zijn kabinet plek inruimde voor leden van de Tawassoul-partij, volgens critici een vehikel voor moslimfundamentalisten. In juni dwongen ze Abdallahi een nieuw kabinet te formeren zonder Tawassoul.

Naar verluidt hebben gefrustreerde parlementsleden gemene zaak gemaakt met de legertop die zich, door Abdallahi’s samenwerking met ‘extremisten’, steeds meer zorgen begon te maken over de democratisering. De militairen kwamen gisteren in actie nadat vier kopstukken, onder wie de chef van de presidentiële garde Aziz, waren ontslagen door Abdallahi.

De parlementaire dissidenten verklaarden gisteren officieel: „De leden van het Mauretaanse parlement willen onderstrepen dat het leger dat in 2005 het Mauretaanse volk bevrijdde uit de wurggreep van de dictatuur van president Taya, vandaag opnieuw onze democratische verworvenheden komt beschermen.”