Hoeveel bomen spaart een nee/ja-sticker op de bus?

Annemieke Andressen uit Den Haag heeft een nee/ja-sticker op haar brievenbus, omdat ze bergen folders slecht voor het milieu vindt. „Maar helpt het ook?”, vraagt ze. „Worden er minder folders gedrukt door die sticker?”

We hebben goed nieuws en slecht nieuws voor Annemieke. Om te beginnen met het goede nieuws: zowel de nee/ja-sticker (nee, géén ongeadresseerd reclamedrukwerk en ja, wél huis aan huis bladen) als de nee/nee-sticker (nee, tegen beide) lijkt te werken.

Sinds 1975 was er al een vrijblijvende zwart-oranje sticker tegen „ongeadresseerde zendingen”, zegt Alexander Singewald van de stichting MailDB, de belangenvereniging van drukwerkverspreiders die de stickers uitgeeft. Op aandringen van Milieudefensie kwam in 1993 in gezamenlijk overleg een bindende code voor de twee nieuwe, huidige stickers. De nieuwe nee/ja-sticker was bedongen door de gemeenten, die hechtten aan hun mededelingen in huis-aan-huis bladen.

„Het aantal stickers word regelmatig bijgehouden”, zegt Singewald. „De gemiddelde landelijke dekking is momenteel 13,6 procent. Als je als adverteerder met een bepaalde doelgroep drukwerk wil verspreiden in bijvoorbeeld Amsterdam, de postcodes 1000 tot 1109, dan kan hij aan ons vragen hoeveel folders hij nodig heeft. Mooi, want niet gelezen drukwerk is weggegooid geld.”

Algemeen loopt de bezorging goed. De Reclame Code Commissie krijgt maandelijks zo’n drie klachten over ongewenst papier, volgens een woordvoerster.

Dan nu het slechte nieuws voor Annemieke: folderen is populair. Volgens cijfers van MailDB is de oplage van ongeadresseerd drukwerk in Nederland sinds begin jaren negentig verdrievoudigd van ongeveer 4 miljard folders naar 12,5 miljard stuks in 2007. Milieudefensie spreekt van een jaarlijks totaal van 230 miljoen kilo ‘op de deurmat’, gelijk aan 3,4 miljoen bomen.

Kortom, een sticker helpt. Maar de wereld verander je er niet mee.

Eppo König