Om het ontstaan van stuwmeren te voorkomen

Vakantie.

Ik moet op vakantie.

Het is vakantietijd. Mijn buren zijn op vakantie. Mijn tandarts is op vakantie. Mensen praten over lastminutes, over Japan, over jezelf resetten. Van mijn werk heb ik dagen gekregen om op vakantie te gaan, en geld om tijdens die dagen te besteden.

Dat geld is voor dit jaar alweer op, gelukkig. Dat ging heel fluks. Ik fietste een keer langs een stoffenwinkeltje, hield halt voor de etalage, ging toch maar eventjes naar binnen en kwam weer naar buiten met een bestelling voor vijf nieuwe gordijnen op zak. Twee lange voor achter, drie korte voor voor, en móói! Subtiel Indiaas bestikt, en binnenkort op maat gemaakt door een atelier waar alleen de eigenaresse van de winkel vanaf zegt te weten. Ze komt ze ook nog persoonlijk ophangen. Ik kan niet wachten. Dit gaat al-les veranderen in mijn huis, het licht, de kleuren…

Tot zover het vakantiegeld.

Die dagen zijn lastiger. Ik was deze zomer drie nachtjes in Duitsland, maar dat zet geen zoden aan de dijk. ‘Opnemen!’ mailen de secretaresses op kantoor regelmatig zorgelijk in de rondte. De collega’s en ik vinden het te leuk met elkaar, of misschien vindt gewoon niemand anders ons leuk – hoe dan ook, meerderen van ons slepen een „stuwmeer” aan vakantiedagen met zich mee. Dat is niet goed. Immers: de vakantiedagen mogen niet anders dan in natura worden uitbetaald, en dat moet binnen een jaar gebeuren. Officieel. Om het ontstaan van stuwmeren te voorkomen. Officieel. Maar die zijn er dus wel, stuwmeren. Verder kan ik hier niets over zeggen. Ook noem ik geen namen.

Nu zit ik dus met dagen en geen geld. Zomaar opnemen leidt tot een verzanden in achterstallige administratie gecombineerd met een sitcom-verslaving, weet ik uit ervaring. Dat is niks. Ik zal eruit moeten.

Eruit betekent niet de natuur in, weet ik ook uit ervaring. Ik heb één keer gelogeerd bij een vriendin die naar de stilte is verhuisd, en lag daar wakker omdat ik niks hoorde. Ik hou van rumoer, van licht en leven, het liefst dag en nacht. En van vreemde talen, gesproken en geschreven, en af en toe een internetcafé.

Wacht even. Volgens mij heb ik het.

Rumoerig, licht en levendig, met uitgebreide kiosk- en onlinevoorzieningen plús weidse uitzichten en een betrouwbaar klimaat. En dat alles voor een bodemprijs.

Ik ga naar Schiphol.

Aaf is maandag terug van vakantie.

    • Sandra Heerma van Voss