‘Kindersterfte India daalt te langzaam’

Als India zijn gezondheidszorg niet sterk verbetert, zal de wereld de Millenniumdoelen op het gebied van gezondheid niet halen. Daarvoor waarschuwt Unicef in een gisteren verschenen rapport. Ondanks de snelle economische groei faalt India in het verstrekken van basisgezondheidszorg aan de armste bevolkingsgroepen, aldus de VN-kinderorganisatie.

Door de economische groei leven in grote delen van Azië veel minder mensen in armoede en is de gemiddelde levensstandaard verhoogd, maar „dat heeft de zware economische en sociale realiteit voor honderden miljoenen Aziatische kinderen en families niet verbeterd”. Dat geldt vooral voor Zuid-Azië, waar bijna 500 miljoen mensen nog altijd van minder dan een dollar per dag leven, zegt Unicef. India heeft met 1,1 miljard inwoners de op één na grootste bevolking ter wereld.

Een van de Millenniumdoelen die de VN in 2015 bereikt willen hebben, is de wereldwijde terugdringing van de kindersterfte met tweederde ten opzichte van 1990. Voor Azië betekent dat een daling van negentig sterfgevallen per duizend geboorten naar dertig. In 2006 stierven er 59 kinderen per duizend geborenen. Vanaf nu moet die daling veel sneller, meent Unicef.

In Azië wordt de kloof tussen arm en rijk met „een zorgwekkende snelheid” dieper, en basale medische voorzieningen bereiken vooral de armste groepen niet. Landen als Afghanistan, Birma en Noord-Korea presteren slechter dan India, merkt Unicef op. In China, Thailand, Maleisië, Mongolië, Sri Lanka en Nepal daalt de kindersterfte wel snel, maar Unicef waarschuwt ook daar voor de stijgende ongelijkheid.

Het rapport is te lezen op unicef.org/sapc08