In het nieuwe Amerika wordt de auto verbannen

Amerikanen zoeken naar oplossing voor dure benzine. Steden worden gebouwd naar Europees model zodat er minder gereisd hoeft te worden. De vraag is of dat werkt.

„In zekere zin zijn de hoge benzineprijzen een zegen” , zegt Mike Ragsdale terwijl hij zijn SUV („ik heb vier kinderen”) over de 30-A stuurt, een autoweg langs de kust van Noord-Florida. „Dure benzine zal ons dwingen onze steden slimmer in te richten, waardoor we een betere samenleving krijgen.”

Ragsdale beseft dat hij daarmee een minderheidsstandpunt inneemt in de Verenigde Staten. In een tijd van algehele economische malaise tikken de benzineprijzen voor veel Amerikanen zo zwaar aan, dat ze een goede kans maken tot in november het belangrijkste thema van de presidentsverkiezingen te blijven. In de strijd om het Witte Huis lanceren de kandidaten nu bijna dagelijks nieuwe voorstellen om, zo beloven ze de kiezer, de prijzen aan de pomp snel te laten dalen (zie Brandstofprijzen en de strijd om de kiezers).

Ragsdale maakt echter deel uit van een beperkte groep Amerikanen die uit professioneel oogpunt verheugd is over de dure benzine: de stedenplanners. De uittocht naar de eindeloos uitdijende voorsteden met hun megawinkelcentra, de als gevolg hiervan verpauperde binnensteden en weggevaagde middenstand, het dagelijkse massale woon-werkverkeer – veel planologen is deze ‘urban sprawl’ altijd al een gruwel geweest. Nu Amerika zich opmaakt voor een tijdperk van blijvend dure benzine, hopen ze dat de trend eindelijk keert.

Ragsdale werkt als zelfbenoemd ‘stadevangelist’ voor DPZ, een architectenbureau uit Miami dat een radicaal antwoord op de uitdijende Amerikaanse stad heeft geformuleerd: new urbanism. Het idee is om met duurzame materialen en technieken steden te bouwen die zo zijn opgezet dat woon-, werk- en winkelvoorzieningen allemaal op loop- of fietsafstand van elkaar liggen. Ragsdale: „Alleen door autorijden zo ongemakkelijk mogelijk te maken, worden mensen gedwongen tot een gezonde, sociale en milieuvriendelijke levensstijl.”

Seaside was het eerste dorp dat Andrés Duany – met zijn vrouw Elisabeth Plater-Zyberk de stichter van de new urbanism-beweging – ontwierp. Op 32 hectares land aan de Panhandle, de noordelijke kuststrook van Florida, bouwde hij vanaf 1980 Seaside, ‘The Old Town with New Ways’.

De gebouwen zijn er opgetrokken in een neotraditionele en aangeharkte bouwstijl: gemillimeterde gazons, veranda’s met schommelstoelen, witte en lichtblauw geverfde houten gevels. Grote winkel- en restaurantketens zijn er niet: alleen kleine zelfstandigen zijn welkom in Seaside.

Seaside moet in alles herinneren aan een doorsnee stadje in vooroorlogs Amerika. Uiterlijk slaagt het hier goed in. De makers van The Truman Show zagen het als ideaal decor voor hun film waarin Truman Burbank (Jim Carrey) zonder het te weten de hoofdrol speelt in een tv-serie over zijn leven.

Ook de inwoners doen er veel aan het perfecte dorpsgevoel uit te dragen. De vierjaarlijks verschijnende Seaside Times drukt deze zomer een ingezonden brief af van de kinderen van de lokale school. Ze bedanken de familie Davis voor het beschikbaar stellen van een stukje land voor een moes- en kruidentuin. „En nu gaan we met onze groenten en kruiden zelf leren koken.”

Voor buitenstaanders is het soms even wennen. Een bejaarde toerist op het terras voor de buurtwinkel – Franse wijnen, Italiaanse kazen, rucola – wordt boos op haar man als hij maar niet wil snappen hoe hij het afval van hun lunch over de drie verschillende prullenbakken moeten scheiden.

Maar zelfs in deze zorgvuldig gestileerde idylle zijn de auto’s niet verdwenen. Er wordt gefietst en gelopen, maar nog veel meer autogereden in Seaside.

In het allernieuwste bouwproject – Alys Beach, 32 kilometer verderop – zal DPZ dan ook veel strenger zijn. Een groot deel van het uiterst luxe resortstadje in aanbouw wordt autovrij. De architect heeft zijn ontwerp gebaseerd op een vissersdorpje aan de Middellandse Zee. De straten zullen er zo smal zijn dat auto’s er niet doorheen kunnen rijden.

Maar hoe praktisch is new urbanism als Amerikanen alleen de auto zijn uit te jagen door Europa na te bouwen in een resortpark met strenge regels? In Seaside en soortgelijke nederzettingen langs de Panhandle gaan de huizen niet weg voor minder dan een miljoen dollar. De lokale economie is geheel gericht op toerisme. Als ze niet allang gestopt zijn met werken, zoeken de welvarende inwoners zeker geen baan in een winkel of restaurant. Het zijn de gastarbeiders uit Oost-Europa en Rusland die hier in in de bediening werken.

Ragsdale erkent dat de eentonige economie „nog een probleem is”. Maar hij ziet de Panhandle liever als „een experimenteel laboratorium, waar succesvolle ideeën geboren kunnen worden die ook werken op grotere schaal”. In de oude binnensteden bijvoorbeeld, die verlaten werden toen iedereen naar de buitenwijken trok, maar weer populair worden nu forenzen te tijdrovend en duur wordt. Maar ook in nieuwe steden: naar verwachting groeit de Amerikaanse bevolking in de komende dertig jaar van 300 miljoen naar 400 miljoen inwoners, dus er zal nog veel nieuwbouw bijkomen.

Ragsdale: „ Amerika is een cyclische samenleving. Na de oorlog toen iedereen een auto kreeg, wilde iedereen de stad uit. Had iedereen dit romantische idee van ongebreidelde persoonlijke ruimte. Maar nu voelen velen zich eenzaam en geïsoleerd in de voorsteden. Men mist de openbare ruimte, de kroeg om de hoek en het zondagmiddagconcert in het park. Daarom keert de trend nu. De oude binnensteden vormen niet langer de door misdaad vergeven stadsjungle van twintig jaar terug. Ze worden weer populair bij de jonge, werkende bevolking, die er in investeert.”

Bovendien, zegt hij, blijkt de voorkeur voor new urbanism apolitiek – in ieder geval onder rijke Amerikanen. Vorig jaar gingen Karl Rove en Sheryl Crow nog bijna met elkaar op de vuist tijdens een diner in Washington. Maar aan de Panhandle heeft de voormalig strateeg van president Bush een vakantiehuis slechts enkele kilometers verwijderd van dat van de linkse zangeres.