En ’t baasje heeft Booger terug

De pitbull Booger was een held. Hij redde het leven van Bernann McKinney.

Twee bedrijven hopen geld te verdienen aan het kopiëren van honden.

Met tranen in haar ogen nam de Amerikaanse Bernann McKinney gisteren in Seoul een puppy in haar arm. Hij was een kloon van haar twee jaar geleden overleden pitbull Booger, één van de vijf puppy’s die in Zuid-Korea zijn geproduceerd. De 58-jarige McKinney betaalde 50.000 dollar voor een genetische kopie van haar overleden huisdier – en krijgt er nu vijf.

Booger is, zo claimt het Koreaanse bedrijf RNL Bio, de eerste ‘commercieel gekloonde hond’ ter wereld. Komend jaar hoopt RNL Bio driehonderd honden te klonen voor rijke hondenliefhebbers in de Verenigde Staten en elders. Voor de wetenschap en het bedrijfsleven zijn de afgelopen drie jaar al meer dan dertig honden gekloond.

McKinney sprak gisteren op een persconferentie van RNL Bio in Seoul. De tranen passen in het plaatje. Ze kreeg korting, ze hoefde maar 50.000 in plaats van 150.000 dollar te betalen voor haar hond als ze mee zou werken aan de publiciteitscampagne. Ze heeft ook een mooi verhaal te vertellen over Booger.

Het is net zo’n mooi verhaal als de belangrijkste concurrent van RNL Bio, het Amerikaanse bedrijf BioArts International, vertelt over zijn ‘pet project’. BioArts hield eerder dit jaar een veiling voor de eerste vijf klonen van honden, geprijsd vanaf 140.000 dollar per stuk.

Maar BioArts doet ook één hond gratis, voor de winnaar van een schrijfwedstrijd. En die winnaar is de voormalige politieman James Symington met zijn speurhond Trakr, die volgens Symington hielp om de laatste overlevende te vinden in de puinhopen van het ingestorte World Trade Center in New York na 11 september 2001.

Booger was ook zo’n held. Hij was een straathond, die door Bernann McKinney werd opgepikt en in huis genomen. Ruimte genoeg op haar boerderij in Californië. McKinney, zo vertelde ze in een vraaggesprek met de Amerikaanse krant The Baltimore Sun, nam daarna nog een andere grote hond, een waakhond. Dat werd een ramp.

Die hond werd gestoken door een bij en kreeg een medicijn voorgeschreven. Maar dat werd toegediend in een veel te grote dosis, waarna de hond doordraaide en haar aanviel. Haar linkerarm werd zwaar gehavend. De hond beet in haar been en rukte bijna drie vingers uit haar rechterarm. Hij beet in haar buik, toen McKinney om hulp riep: „Help me, God. Help me, Jesus. Help me, Booger.” De kleine hond kwam, sprong op de grote hond en gaf McKinney voldoende tijd om in haar auto te springen. Ze reed naar de buren, die haar naar het ziekenhuis brachten.

Tijdens de revalidatie werd Booger haar hulphond, die bijvoorbeeld leerde haar kleren uit de wasdroger en frisdrank uit de koelkast te kalen.

Booger kreeg kanker, kort na het nieuws over het eerste succesvolle klonen van een hond in 2005. Het DNA van Booger werd ingevroren en via internet kwam McKinney later in contact met de Koreaanse wetenschapper Byeong Chun Lee. Begin dit jaar is het DNA-materiaal van Booger naar Korea gevlogen.

Tearjerkers als de verhalen over Booger en Trakr moeten een ‘markt’ openbreken die door de twee bedrijven geschat wordt op miljarden dollars. RNL Bio wil bijvoorbeeld ook graag kamelen klonen voor klanten uit het Midden-Oosten. Als de techniek verbetert, zal de prijs per dier dalen, zo voorspellen de wetenschappers die zich er mee bezig houden. Maar zover is het nog niet.

Het Amerikaanse bedrijf CSG, dat inmiddels niet meer bestaat, heeft in 2005 en 2006 een aantal katten gekloond en vroeg daar destijds 32.000 euro per stuk voor. CSG investeerde volgens eigen zeggen 20 miljoen dollar in het onderzoek naar het klonen van dieren. Het bedrijf had ook al een winstgevende divisie: de vrieskisten waarin mensen het DNA van hun huisdieren konden laten opslaan.

De Amerikaanse McKinney is niet geïnteresseerd in de wetenschappelijke waarde van het proces, vertelde ze The Baltimore Sun. „Ik wil gewoon mijn vriend terug.”