Prachtig, dat landelijke hier

nrc.next-redacteuren nemen de bus, trein, tram of metro. En stappen uit bij een eindhalte, ergens in Nederland.

Vandaag: Utrecht, waar platteland nieuwbouw raakt.

Foto David Galjaard en Christian van der Kooy Galjaard, David;Kooy, David van der

Uit het opbergvakje onder de salontafel haalt ze twee landkaarten tevoorschijn. Ze strijkt ze glad en legt ze naast elkaar. Haar vinger glijdt langs een rode snelweg en groene vlakken natuur. Dat was toen.

Toen was ze nog jong, 24. Het was in 1954 dat ze hier kwam wonen. Er was hier niets te bekennen: geen winkels, geen wegen, geen mensen. Het was rustig. Alleen het getjilp van vogels. In de sloot voor het huis kwaakten kikkers.

Als je naar buiten keek, dan zag je alleen weilanden, fruitboomgaarden en land- en tuinbouwkassen. En de andere boerderijen langs de weg.

In die tijd raasde er niet elke tien minuten een trein voorbij. De vloer trilde ook niet als er een vrachtwagen aan kwam bulderen.

Dertig jaar lang stond ze elke ochtend om vier uur op. Samen met haar man werkte ze dan in de kassen. Ze verbouwden bessen, frambozen, kapucijners, verschillende soorten bonen en nog veel meer.

Nu zit de vrouw van 78 vaak alleen in de nieuw aangebouwde veranda. Met een druk op de knop trekt de zonnewering over het puntdak. Ze zit graag in een tuinstoel, naast de stenen egels in de fontein. Het haar is grijs. Ze draagt Crocs, van die ergonomische sandalen.

Veertien jaar geleden overleed haar man. Vanaf dat moment is alles veranderd. Ze wijst weer naar de landkaarten. Ter vergelijking legt ze de kaarten half over elkaar heen. Alles wat hier groen is, is nu oranje. En niet alleen hier waar zij woont, aan de Utrechtseweg, is alles oranje. De hele kaart is oranje. Alles is volgebouwd.

Deze omgeving heet Leidsche Rijn. Het is een vinexlocatie en het is nu een wijk van Utrecht, net als Zuilen, Kanaleneiland en Overvecht. Verschil is dat Leidsche Rijn veel groter is. Het gebied omvat 2.500 hectare. Dat is eenderde van Utrecht en even groot als Leeuwarden. De wijk Leidsche Rijn is opgedeeld in elf deelwijken. Vroeger lagen hier drie dorpen: Vleuten, De Meern en Oudenrijn. Die zijn er nog steeds, maar alle tussengelegen delen zijn volgebouwd. De bouw begon in 1997 en in 2025 moet het af zijn. Dan zijn er 30.000 woningen en wonen hier 80.000 mensen. Nu leven hier 40.000 mensen. 70 procent van de inwoners is autochtoon, 30 procent is allochtoon. De meeste mensen zijn tussen de 25 en 44 jaar oud.

Bus 26 rijdt van Utrecht Centraal naar het midden van Leidsche Rijn en stopt op een zanderig terrein. Dit eindstation ligt één halte na het treinstation Terwijde, hierachter ligt de gelijknamige woonwijk. Tegenover het station ligt de wijk Het Zand. Toepasselijk want het is hier een en al zand. Van dat grijze bouwzand met steentjes en schelpjes erin. De bus rijdt weg, enorme stofwolken stijgen op.

In de verte lopen bouwvakkers met groene helmen en grijze overalls over steigers. Ze bouwen aan een appartementencomplex. De bouwput is afgezet met hekken, een groene hijskraan komt in beweging. Er staan twee houten reclameborden: ‘wonen in dynamiek’ en ‘leven in contrast’.

Achter de bouwplaats liggen drie straten met huizen met oranje bakstenen. De woningen zijn met elkaar verbonden door oranje vlaggetjes. Het waait hard en het geluid van de klapperende vlaggetjes lijkt op een luid applaus. Welkom in Leidsche Rijn.

Dit zijn van die typische vinexhuizen: eentonig in de voorspelbare variatie van aan elkaar geregen huizenblokken. Met kleine tuintjes aan de voorkant met bak- of kiezelstenen, waar alleen bakstenen liggen en een teakhouten bankje staat, óf alleen kiezelstenen zijn gestort. De straten hebben aan weerszijden parkeerplaatsen. Er staan alleen kleine auto’s voor de deur. Ze zijn waarschijnlijk van de thuisblijvende moeders om boodschappen mee te doen. Het is geen vooroordeel om te zeggen dat het vrouwen zijn, ik zie hier alleen vrouwen. In de verte loopt er eentje met een kinderwagen. Een ander komt op de fiets voorbij. En sommigen gluren naar me. Eentje vanachter de koelkastdeur in de keuken. De ander staat boven in de slaapkamer. Ik neem het ze niet kwalijk. Het is hier uitgestorven en dan loopt er opeens iemand met een blocnote door de straat.

Hier wonen alleen jonge stellen die net zijn gaan samenwonen. De kapster op de hoek vertelt het. Er worden dan ook veel kinderen geboren. In de drie straten met oranje bakstenen zijn in één jaar tijd maar liefst 21 baby’s ter wereld gekomen. Zelf heeft ze ook net een kindje van 7 maanden. Daarom staat op haar arm de naam Sem getatoeëerd. Veel stellen trouwen ook, weet de kapster. Zij doet dan het haar van bruid. Ze wijst naar de spiraaltjes met roosjes in de vitrine van haar zaak de Trendy Haircorner. Die steek je zo in het kapsel.

De drie straten grenzen aan de Utrechtseweg. De weg waar de oude boerderijen staan en waar de oude vrouw woont. Elke boerderij heeft een eigen opgang: een witte brug over een slootje. Een boerenhoeve staat te koop. De rood-wit geblokte gordijnen hangen dicht. Niet in de keuken, daar staat een broodtrommel uit de jaren vijftig op de vensterbank en een weegschaal. Naast het huis bladert de verf van de groene staldeuren af. De zonwering hangt gebroken boven het raam. Zonder bewoners lijkt het alsof dit huis zijn ziel heeft verloren. Misschien hielden de bewoners wel veel van hem, maar niet van Leidsche Rijn.

In de achtertuin van de boerderij, aan de andere kant van de sloot, zijn vorig jaar honderden nieuwbouwhuizen verrezen. Het is een enorm contrast: de boerderij en de vinexhuizen. De woningen rechts hebben hout aan de buitenkant, daardoor zien ze er Amerikaans uit. Het oogt sjiek. De woningen links zijn van die aan elkaar geregen betonnen blokken. Dit keer geel.

Naast de vervallen boerderij staat de boerderij van de vrouw op leeftijd. De gemeente kocht de grond van de bewoners hier in 1995. Voor een prikkie, vertelt ze. „We konden er toch niets tegen doen.” Evenmin tegen de annexatie van de dorpen door de gemeente Utrecht.

In het begin was het erg wennen. Al die herrie van dat bouwen. De sloot stonk. Opeens reden er overal auto’s en mensen kwam telkens de weg vragen.

Een bejaard stel aan de overkant overleed en hun boerderij stond vervolgens leeg. Uit de stad kwamen krakers om het huis te bezetten. Ze spoten doodskoppen op de muren en draaiden keiharde muziek tot diep in de nacht. De vrouw belde voor het eerst van haar leven met de politie. Agenten uit Kanaleneiland kwamen kijken. Maar ze deden niets.

Vorig jaar zijn de krakers weggegaan en het huis is gesloopt. Veel woningen in de omgeving zijn begin dit jaar opgeleverd. De rust is een beetje wedergekeerd. Soms wordt de vrouw door buurtbewoners uitgenodigd voor een kopje koffie.

In die sjieke nieuwbouwwoning op de hoek is ze weleens geweest. Het is zo’n huis met van die houten platen. Er woont een stel, hij is 40 en betonstaalvlechter, zij is 37 en heeft haar eigen bedrijfje in planning en presentatie. De man staat buiten te roken. Hij vertelt dat het geen hout is wat tegen de muur zit, het is samengeperst beton. „Onderhoudsvrij.”

Het stel woonde eerst in Utrecht, vrijwel iedereen hier komt uit Utrecht, vertelt de man. Hij loopt naar binnen en gaat aan de eettafel zitten. Zijn vrouw komt erbij. Het huis kostte bijna vier ton. Ze waren meteen weg van de aparte bouw. Binnen zijn verschillende woonlagen, in de muren in het trapportaal zitten creatieve nisjes. Aan de muren plakt zwart en ecru behang met ornamenten. De keuken is design. Buiten hebben ze een steiger bij het water.

Aan de overkant spelen kinderen in een tuin. In deze wijk woont van alles wat, vertelt de vrouw. „Van vuilnismannen tot bankdirecteuren.” Het is hier heerlijk, vinden ze. „We hebben niet het gevoel van een vinexwijk. Dat komt door het uitzicht op die boerderijen. Prachtig dat landelijke hier.”

    • Juliette Vasterman