Moldaviërs in de rij voor EU-visum

Dag en nacht staan er lange rijen voor het Roemeense consulaat in Chisinau. Voor de straatarme Moldaviërs opent een Roemeens visum de poort naar Europa.

Donderdagavond, negen uur. Voor het Roemeense consulaat in Chisinau staan zo’n honderdvijftig Moldaviërs luidruchtig morrend te wachten in de schemering. Het gebouw is al weer drieënhalf uur gesloten. De rij begint voor de gesloten glazen deur, gaat na enkele meters over in een onoverzichtelijke slinger en loopt uit in een mensenmassa waar van logische ordening geen enkele sprake meer is.

„Dit is onmenselijk! Schending van de mensenrechten”, briest Galina Mustea. De blonde vrouw van 45, die in het dagelijks leven muziekles geeft op een kleuterschool in de Moldavische hoofdstad, zit op het muurtje voor het consulaat met een ingevuld aanvraagformulier in haar hand. Als Moldavische heeft ze sinds Roemenië op 1 januari 2007 lid werd van de Europese Unie een visum nodig om het buurland te bezoeken. Dat kost 45 euro, een klein fortuin in een land waar een arts niet meer dan honderd euro verdient. Galina Mustea wachtte de hele dag, maar is niet binnengelaten. „Er is vanmiddag zelfs een gevecht uitgebroken. De politie moest erbij komen.”

Naar huis kan ze ook niet. Haar naam staat, net als die van de andere wachtenden op een lijst. ‘s Nachts worden alle namen omgeroepen. Wie zich niet meldt, wordt van de lijst geschrapt. Daarom slaapt Galina Mustea vannacht op de stoep.

Voor Moldaviërs is het Roemeense consulaat de poort naar de EU. Moldaviërs met een Roemeense pas mogen vrij reizen en werk zoeken in de EU. Sinds de toetreding van Roemenië hebben zo’n 100.000 Moldaviërs het Roemeens staatsburgerschap gekregen. Tot ergernis van de Moldavische regering, die een leegloop ziet: één op de zeven Moldaviërs werkt in het buitenland (tegen één op veertig in 1999) – hoewel lang niet allemaal in Europa.

Vorig jaar nog haalde de Moldavische president Vladimir Voronin fel uit naar Boekarest omdat het te gemakkelijk passen zou verstrekken aan Moldaviërs. Hij sprak van ‘Roemeense agressie’: Roemenië zou Moldaviërs als Roemenen beschouwen. Driekwart van de Moldavische bevolking is van origine Roemeens en spreekt de Roemeense taal. Moldavië behoorde in 1939 tot het Roemeense Bessarabië toen het door de Sovjet-Unie werd bezet. Stalin voegde een deel van Bessarabië later bij Oekraïne; de rest werd een nieuwe sovjetrepubliek: Moldavië, die in 1991 onafhankelijk werd.

Het is niet voor het eerst dat de oostelijke uitbreiding van de EU tot spanning leidt. Dat gebeurde ook toen Polen en Litouwen in 2004 lid werden van de EU. Bewoners van van de Russische enclave Kaliningrad, ingesloten door de twee landen, moesten plotseling in het bezit zijn van visa om naar Rusland te reizen. De toenmalige president Poetin maakte hier vervolgens – met gedeeltelijk succes – ernstig bezwaar tegen op.

Jelena Balkan, een exotische donkere vrouw van 37 uit het zuiden van Moldavië met gouden tanden en in bloemetjesblouse blijft ook slapen bij het consulaat. „Ik sta hier al sinds zondag”, zucht ze. Het wordt haar vijfde nacht. Vanmiddag was ze bijna flauwgevallen in de hitte, de beveiliging heeft haar een glaasje water gebracht. Ze staat nu op nummer twintig op de lijst, denkt ze. „Ik heb een fotokopie. Maar er zijn meerdere lijsten in omloop. Ik ben bang dat ik op de verkeerde sta.”

Het consulaat in Chisinau kan maar 600 visumaanvragen per dag aan. Om de enorme rijen op te kunnen vangen, overwoog de Moldavische regering vorig jaar toestemming te geven voor extra consulaten in de steden Balti en Cahul, maar zag daar – naar verluidt onder druk van Rusland – toch weer van af.

Ook met dat land zijn de relaties op zijn minst gespannen te noemen. Moldavië werd in 1991 onafhankelijk van de Sovjet-Unie maar Moskou ziet het land nog altijd als behorende tot zijn invloedssfeer. In Transnistrië, een dun reepje industriegebied op de linkeroever van de Dnjestr (Nistru) dat zich in 1992 na een kort oorlogje afscheidde van Moldavië en door een meerderheid van Russen wordt bevolkt, is een pro-Russische bewind aan de macht dat door Moskou in woord en daad gesteund wordt – tot ergernis van Chisinau.

En in 2006 verhoogde Moskou de voordelige Russische energieprijzen en stelde tijdelijk een boycot in voor het belangrijkste exportproduct: wijn. Dit omdat de Moldavische wijn gevaarlijk zou zijn voor consumenten. Maar Moldavië zag de maatregel als straf voor zijn nieuwe, pro-westerse koers. Twintig maanden later werd de boycot weer beëindigd.

Voor veel Moldavische arbeidsmigranten is Roemenië niet het eindstation – verderop naar het Westen valt meer te verdienen. Sergej, 28 jaar en gekleed in een stoer T-shirt en driekwartbroek, is in gezelschap van een vriend „met de bus, met de trein en met de auto” naar Chisinau gekomen voor een transitvisum naar Roemenië. Vandaar wil hij doorreizen naar Spanje. In Valencia werkte hij eerder in de bouw. Hij leerde er Spaans, dat niet ver af staat van het Roemeens. „Ik neem aan wat ik krijgen kan. En ik kan alles wel. Spanje is een goed land, rustig, niet zoals hier.”

Sergej wijst op de chaotische mensenmassa, die zich nu op instigatie van een breedgeschouderde jongen met ‘de lijst’ opdeelt in drie groepen. Degenen die gisteren of eerder zijn aangekomen moeten naar links, degenen die voor vandaag een afspraak hadden blijven staan, en de groep die pas morgenochtend zou worden geholpen moet naar rechts.

Onbeholpen en met vragende blikken schuifelen de mensen langs elkaar heen. „Het is de schuld van president Voronin. Waarom kan in dit land niets normaal worden georganiseerd?”, zucht Galina Mustea hoofdschuddend. De kleuterjuf begint te lachen, ondanks het vooruitzicht van nog een nacht wachten. „Ik leef en ben gezond. Misschien kom ik er morgen in.”

    • Thalia Verkade
    • Titia Ketelaar