Middernachtskinderen

In 1993, bij de vijfentwintigste verjaardag van de Booker Prize, koos een hoogst literaire jury uit de voorgaande winnaars de ‘Booker der Bookers’. Salman Rushdie’s Middernachtskinderen (1981) kreeg toen de eervolle titel van beste prijswinnaar aller tijden. Het is nu 15 jaar later, en de prijs viert dit jaar, inmiddels als Man Booker Prize, zijn veertigste verjaardag. Tijd dus voor een nieuwe Booker der Bookers en zoals de tijdgeest wil, mocht het publiek nu meestemmen. Dat loopt meestal niet goed af, maar de organisatie was zo verstandig de shortlist door een jury te laten kiezen. Die koos vier boeken uit de eerste vijfentwintig jaar, aangevuld met twee ‘nieuwe’ titels van Pat Barker, J.M. Coetzee. Internet- noch sms-stemmen veranderden iets aan de geschiedenis. Rushdie mocht zich vorige maand met Middernachtskinderen (Contact, € 49,95) opnieuw de beste winnaar noemen.

De aantrekkingskracht van het verhaal van hoofdpersoon Saleem Sinai blijkt dus onverminderd groot. Deze Sinai deelt zijn geboortedatum tot op de minuut met zijn land: hij is geboren op het moment dat India onafhankelijk werd. Zijn verhaal is, zonder enige bescheidenheid of terughoudendheid, dat van India. Het boek wordt als een van de eerste tot de ‘Empire Writes Back’-literatuur gerekend, van schrijvers uit voormalige Britse kolonies die hun verhaal vertellen en dan nog in het Engels ook.

Middernachtskinderen is groots, poëtisch, magisch-realistisch, caleidoscopisch: kortom, een boek dat net zo eenvoudig onder zijn eigen ambities had kunnen bezwijken. Maar dat gebeurde niet: het boek werd enthousiast ontvangen en Rushdie’s reputatie was in een klap gevestigd.

Vorig weekeinde schreef Rushdie naar aanleiding van deze toekenning in The Guardian over het ontstaan en de publicatie van het boek. Het is een weinig opzienbarend stuk met een hoog zelf-felicitatiegehalte, maar geestig is de ergernis over het zalmkleurige omslag in de VS. Hij is ervan overtuigd dat op dat moment het misverstand rondom de spelling van zijn naam is begonnen: salmon/Salman. Ook memoreert hij dat in India het boek goed werd ontvangen. Hij kreeg zelfs complimenten van illegale uitgevers: ‘Gelukkig Nieuwjaar van De Piraten’. Vooral trots is hij op het feit dat het boek nog steeds jonge lezers trekt – en uit het voorwoord dat Abdelkader Benali schreef bij de recentste Nederlandse editie, blijkt dat dat geen opschepperij is.

Benali herinnert zich dat hij al in de boekhandel, dankzij de eerste zin, was overtuigd: ‘Ik ben geboren in de stad Bombay… eens op een dag’. Het ‘sesam open u van een grote roman die onder zijn eigen gewicht zakt’, aldus Benali die van Rushdie vooral de tomeloze inzet bewondert. ‘Zet bij het schrijven alles op alles’, zo vat hij de les samen die hij uit Middernachtskinderen haalde.

Toef Jaeger

Lees het verhaal van Rushdie op: nrcnext.nl/links