Harde manager in mannenbolwerk

Ans Rietstra stapte dit jaar over van de gemeente Amsterdam naar de politie.

Ze is een van de weinige vrouwelijke korpschefs: 23 van de 26 zijn man.

Ans Rietstra behoort tot de top van de Nederlandse politie. Ze is sinds begin dit jaar korpschef van het politiekorps Noord-Holland Noord in Alkmaar. Rietstra, geboren in 1965, is de derde vrouw in het gezelschap van 26 korpschefs, die samen de raad van hoofdcommissarissen vormen. In de de sollicitatieprocedure versloeg ze vijf mannen.

Piet Bruinooge, korpsbeheerder en burgemeester van Alkmaar, had van tevoren aangegeven dat er ‘in het bijzonder’ naar vrouwelijke kandidaten moest worden gekeken, zegt headhunter Wil van der Kruis van het consultancybureau dat de sollicitatie begeleidde. „Het hielp dat er een brief was van Job Cohen, de burgemeester van Amsterdam en de belangrijkste korpsbeheerder van Nederland. Cohen had Bruinooge nadrukkelijk laten weten dat hij altijd gebeld kon worden over Rietstra.”

Maar, roepen Bruinooge en voormalige collega’s in koor, Rietstra heeft haar benoeming niet te danken aan het vrouwenvoorkeursbeleid dat minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken, PvdA) voor de Nederlandse politietop wil invoeren.

Rietstra zelf waarschuwt de minister voor de risico’s van dergelijk beleid. „Mannen die nu op een tweede plek zitten”, vertelt Rietstra, „zien dat ze niet meer aan de beurt komen. Daar gaan intern de grappen ook over. Ik ben een nieuwe én van buiten. Dan hebben die grappen ook iets venijnigs. Met het risico van uitsluiting. Zo werken de mechanismen in iedere grote ambtelijke organisatie.”

Ter Horst moet volgens Rietstra duidelijkheid bieden aan degenen die moeten opstappen. En ze moet nieuwkomers aan zich weten te binden. Anders creëert ze uitsluitingsmechanismen die weer tot uitval en vertrek leiden. „Als ze alleen vrouwen benoemt en verder niets doet, vergroot ze bij de politie de weerstand tegenover de minister en tegenover het constructieve overleg dat nodig is om de politieorganisatie te professionaliseren. Natuurlijk mag er meer diversiteit in de top komen. Ook bij de korpschefs. Maar het moeten vooral gekwalificeerde mensen met leiderschapskwaliteiten zijn.”

Rietstra studeerde personeelsmanagement in Deventer en Groningen en werkte daarna bij de Arbeidsvoorziening. Op 34-jarige leeftijd werd ze een van de jongste gemeentesecretarissen van Nederland, in Oss, met de verantwoordelijkheid voor een organisatie van 650 medewerkers.

Drie jaar later stapte ze over naar Amsterdam. Die stad zocht in 2002 voor de ‘Dienst stadstoezicht’ een nieuwe directeur, liefst een vrouw, want die hebben in de hoofdstad een ‘streepje voor’. De dienst kende problemen wegens miljoenenfraudes met parkeergelden en vergunningen. Rietstra liet zich overhalen toen een selectieteam, waar burgemeester Job Cohen deel van uitmaakte, haar verzekerde dat die fraudepraktijken tot het verleden behoorden.

Ze slaagde erin de dienst, waar het een ‘puinbak’ was, weer op de rails te krijgen. Intern kreeg ze vooral bekendheid door haar betrokkenheid bij het beleid om zittende topambtenaren te dwingen ruimte te maken voor een nieuwe generatie. „Niet iedereen nam haar dat in dank af”, zegt voormalig gemeentesecretaris Erik Gerritsen van Amsterdam. „Er was een groep oudere topambtenaren die iedere reorganisatie overleefde.”

Rietstra maakte daar intern harde opmerkingen over, vertelt oud-collega Caroline van de Wiel, brandweercommandant van Amsterdam-Amstelland. Van de Wiel: „Ook in aanwezigheid van de betrokken wethouders en burgemeester Cohen. ‘Zouden die reorganisaties misschien niet lukken omdát die heren er nog steeds zitten?’, zei ze fijntjes. Als blikken konden doden, was Ans ter plekke op de grond gevallen. Ans Rietstra is dan messcherp, maar ze herstelt na zo’n uitbarsting wel meteen de menselijke relaties, ook met die topambtenaren. De heren bleven nooit lang boos.”

Zelf was Rietstra toen al op zoek naar een nieuwe baan. „Zou je het leuk vinden als ik bij jullie in de korpsleiding terecht zou komen?”, liet ze zich eens ontvallen tegen plaatsvervangend korpschef Gorissen van Amsterdam-Amstelland.

Inmiddels draait Rietstra een half jaar mee in een mannenbolwerk. „Daar loopt ze risico’s”, waarschuwt Van de Wiel. „In dat blauwe politiewereldje is het moeilijk je als vrouw te handhaven. Maar Rietstra heeft een goede neus voor politieke en bestuurlijke verhoudingen. Ze weet dat dienders heel wat voor hun kiezen krijgen. Ans heeft daar oog voor. Ze is warmbloedig, een mensenmens.”

Headhunter Van der Kruis voorspelt Rietstra een gouden toekomst bij de politie. „Na Noord-Holland Noord een groter korps. Dat kan ze makkelijk aan.” In Amsterdam gokken Van de Wiel van de brandweer en en haar collega’s op een carrière in het hoofdstedelijke politiekorps. „Dat hebben we ook gezegd: na deze klus volg je Welten op. Ze is nog jong en heeft een schat aan ervaring. Amsterdam zou ze aankunnen.” Gerritsen is voorzichtiger: „Noem nooit een naam als opvolger van Welten. Dat wordt een ‘kroonprins’ en die valt meestal af.”

    • Jos Verlaan
    • Barbara Rijlaarsdam