De goddelijke missie van Ildar Chanov

In Kazan leven diverse religies vreedzaam naast elkaar. Maar niet iedereen is enthousiast over een nieuw multireligieus godshuis.

Deel vier van een reeks reportages langs de Wolga.

„Het begon op de Dag van de Kosmonauten, in 1995”, zegt Ildar Chanov. „Toen kwam Christus in een droom tot mij en zei dat ik op één meter afstand van mijn geboortehuis een Kerk voor de Kosmos moest bouwen. Ik merkte op dat ik daar geen geld voor had. Maar Christus antwoordde: ‘Begin nu maar gewoon, dan helpen de mensen je vanzelf.’”

Dertien jaar later staat die Kerk van de Kosmos in een buitenwijk van Kazan, de hoofdstad van de republiek Tatarstan. Het kerkgebouw is een sprookjespaleis uit de Efteling, met een bontgekleurde verzameling torens en minaretten, die elk het symbool van een andere religie dragen: een davidster, een Russisch orthodox kruis, een katholiek kruis, een halve maan. Want de Kerk van de Kosmos is een kerk bedoeld voor alle religies.

Omdat de 70-jarige Ildar Chanov dezer dagen bezig is met de bouw van een synagoge, draagt hij een wit keppeltje op zijn gebruinde Tataarse kop. „En daar komt een Hare Krisjna-tempel”, zegt hij trots, wijzend naar een chaotisch groepje bouwvakkers een eindje verderop, die niet weten waar ze met hun bakstenen naartoe moeten.

Als we in de met fresco’s versierde Hal van Christus komen, wijst hij op een raam, waarachter zijn blauwe houten geboortehuisje schuilt. Het is geheel ingepakt door zijn nieuwe godspaleis. „Ik wilde deze kerk altijd al realiseren”, zegt hij over zijn roeping. „Als kind ben ik in de Tweede Wereldoorlog bijna verhongerd. En juist toen toonde Christus me het paradijs. Vanaf dat moment weet ik dat de Heer er is voor alle religies. Het is mijn taak om die religies te verenigen. Alleen dan kunnen we ons economisch potentieel bundelen en kan er een eind komen aan het geweld in de wereld.”

Inmiddels heeft Chanov voor negen religies de gebedsruimtes bijna voltooid. In totaal moeten het er zestien worden. Voor de verwezenlijking van zijn ideaal krijgt hij, zoals hem in zijn droom is voorspeld, financiële en materiële hulp van allerlei aanhangers. „Dagelijks komen hier zo’n duizend mensen op bezoek”, zegt hij. „Soms nemen ze zelfs bakstenen mee. En mijn broer, die moslim is, heeft de iconen geschilderd.” Wat ook helpt is dat zijn vrouw architect is en een bouwonderneming leidt.

„De president van Zuid-Korea heeft mij dat boeddhabeeld gestuurd”, zegt hij als we de boeddhistische gebedsruimte betreden, die tevens zijn atelier is. Want behalve een man met een missie is Chanov ook beeldend kunstenaar. „Ik wil een schilderij van driehonderd meter lang maken over de geschiedenis van de mensheid.”

In het atelier staat ook een maquette van het uiteindelijke complex. Behalve de kerk voor alle religies bevat het een bibliotheek, een theater, een operagebouw, een rehabilitatiecentrum voor alcoholisten, prostituees en drugsverslaafden, een literatuurinstituut voor kinderen, een jachthaven, een observatorium, een sportcomplex, een Egyptische piramide en een eigen elektriciteitscentrale. „Ik hoop dat alle regeringsleiders ter wereld me willen helpen om het te voltooien”, zegt hij.

Dan neemt hij afscheid, want de wachtkamer van zijn kerk zit vol smekelingen, die uit heel Rusland naar Kazan zijn gereisd. „De meesten komen hier voor medische en psychische hulpverlening”, zegt hij. „Ze hebben kanker of zijn aan de drank. En ik ben weliswaar geen arts, maar ik help hen met bio-energetica en massage.”

Een van de 40 wachtenden is de vijftigjarige Zoja Loeznikova uit het Siberische Kemerovo. Ze wil Chanov hulp vragen voor haar twee zoons, Ilja en Grisja. Ilja is een zestienjarige kettingroker. „Dankzij Ildar rookt hij tegenwoordig nog maar één pakje per dag in plaats van twee pakjes”, zegt zijn moeder dankbaar. „Maar met Grisja is het erger gesteld, want sinds zijn vrouw een kind heeft gebaard, praat hij niet meer en is hij in de stress. Kom Grisja, geef die meneer eens een hand.” Grisja staart als een zombie wezenloos voor zich uit. „Ziet u nu? Ildar is mijn laatste hoop voor hem.”

Naast haar staat Zoja Ivanova uit Kazan. Zij komt raad vragen omdat ze niet meer weet wat ze met haar alcoholistische echtgenoot aan moet. „Drank is het grootste probleem in dit land”, bromt ze. „We gaan er nog eens aan ten onder.”

De 19-jarige Daria Vagel uit Krasnojarsk heeft een andere reden voor haar bezoek. „Ik ben hier voor de tweede keer”, zegt ze. „En ik kom hier alleen voor de positieve energie die Ildar uitstraalt. Ik wil met hem praten over allerlei kleine problemen.”

In Kazan, waar moslims, Joden, orthodoxe christenen, katholieken en baptisten al eeuwen vreedzaam naast elkaar leven, wordt door vertegenwoordigers van die religies verschillend over Ildar Chanov gedacht. Door vader Joelian bijvoorbeeld, de priester van de Russisch-orthodoxe en vrolijk beschilderde Petrus- en Pauluskerk in het centrum van de stad. „Het is onzin wat die Ildar doet”, zegt hij resoluut. „De mensen gaan naar hem toe, omdat ze de weg naar God niet kennen. Maar de Russische orthodoxie is in dit land nu eenmaal onze traditie. Natuurlijk is God er voor iedereen, maar ons geloof is de enige juiste weg naar Hem.”

Achter de façade van religieuze harmonie bevindt zich volgens Vader Joelian een andere werkelijkheid. „De verhoudingen tussen de verschillende religies in Kazan zijn goed, ook met de islam”, zegt hij. „Maar soms speelt de overheid ons tegen elkaar uit. Zo wilden we de historische klokkentoren terug in de centrale Baumanstraat. De overheid hield dat tegen. Als argument werd aangevoerd dat we dan de hele dag die klokken zouden luiden en de moslims in onze stad zich eraan zouden storen.”

Fania Sabir, de orthodox islamitische hoofdredacteur van het islamitische tijdschrift El Kibla (De richting) is veel milder in haar oordeel over Chanov. „Het is goed dat hij wil aantonen dat alle religies met elkaar moeten samenleven”, zegt ze in een zaal van de Noeroelk-moskee in de Kirovstraat. „Alle geloven hebben in Tatarstan altijd in vrede met elkaar samengeleefd, dus waarom zou hij geen succes hebben?”

Sabir is, sinds ze zes jaar geleden op Hadj’ naar Mekka ging, een orthodoxe moslima geworden. Religie is voor haar bovenal een kwestie van moraal. „Over het algemeen hebben religieuze mensen altijd een goede moraal en vertonen ze goed gedrag”, zegt ze. „De religieuze verdraagzaamheid die Ildar propageert is daarom het beste wat je kunt hebben.”

Ook voorzitter Arjeh Ostrovski van de joodse gemeente in Kazan neemt een verdraagzaam standpunt in tegenover Chanovs kerk. „Wel lijkt zijn streven me een utopie”, zegt hij. „We hebben het tijdens de Tweede Wereldoorlog al eens in Moskou geprobeerd toen we met zijn allen loopgraven aanlegden, maar ook toen bleef er toch een duidelijke afstand tussen al die religies bestaan. En kijk maar naar Israël: als twee geloven te dichtbij elkaar komen, kun je tolerantie wel vergeten.”

Fotoserie op weblog over Wolga-reis: nrc.nl/moskou