Cirkel

Na een drukke nacht op de verloskamers, stap ik in mijn auto op het ziekenhuisterrein. Ik heb in 24 uur tien gezonde kinderen op de wereld geholpen. Moe, met een lekker gevoel, rijd ik weg. Een lijkwagen staat zodanig bij het mortuarium dat ik even moet wachten. Op een baar komt onder een laken een lichaam naar buiten. De contouren zijn duidelijk; hoofd, romp en voeten. Nadat de begrafenisondernemer de stoffelijke resten in de wagen heeft geschoven, schroeft hij een ijzeren plankje tegen de voeten aan en slaat het portier dicht. Hij sluit de deur van het mortuarium, roept ‘groetjes’ en rijdt weg. Groggy sla ik het gade , zielsblij met mijn beroep.

Mieke Kerkhof

    • Mieke Kerkhof