Van den Hoogenband: alles of niets in Peking

Pieter van den Hoogenband heeft besloten de 200 vrij in Peking te laten schieten. Alles staat voor de Nederlander in het teken van de verwezenlijking van zijn droom op de 100 vrij.

Anderhalf jaar spookte een duivels dilemma door het hoofd van Pieter van den Hoogenband. Moest hij een bijna zekere medaille opgeven om zijn kansen op een andere medaille te vergroten?

Tijdens het laatste trainingskamp voor de Olympische Spelen hakte hij afgelopen weekeinde in Hongkong de knoop door: de beste Nederlandse zwemmer aller tijden komt in Peking niet uit op de 200 meter vrije slag, het nummer waarop hij tijdens de Spelen van Sydney (2000) nog een gouden medaille behaalde. Vier jaar later werd hij tweede achter de Australiër Ian Thorpe.

Van den Hoogenband wil het nummer in Peking overslaan om krachten te sparen voor zijn favoriete afstand, de 100 meter vrij. Hij kan in Peking de eerste zwemmer worden die drie achtereenvolgende Spelen het koningsnummer op zijn naam schrijft.

Het grote dilemma voor de 30-jarige Van den Hoogenband is de wetenschap dat hij tijdens zijn laatste olympische toernooi op de 200 meter vrij beduidend grotere kansen heeft op een medaille dan op de 100 vrij, waarop de concurrentie in de internationale top moordend is.

Op de 200 meter vrij lijken Van den Hoogenbands kansen op een gouden medaille overigens ook niet groot. Tijdens de WK, vorig jaar in Melbourne, kreeg de Nederlander in de finale nog net geen zwemles van de Amerikaan Michael Phelps, maar het verschil tussen de nummers één en twee was ontmoedigend groot voor de Nederlander. Een zilveren medaille op de 200 vrij was echter wel een realistisch uitzicht voor Van den Hoogenband. Maar beide zwemnummers liggen tijdens het olympische programma te dicht op elkaar. De finale van de 200 vrij wordt dinsdag 12 augustus om 10.16 uur (lokale tijd) gezwommen. Acht uur later volgen de series van de 100 meter vrij.

„Dit besluit neem ik met pijn in mijn hart”, zei Van den Hoogenband gisteren in een vraaggesprek met de Telegraaf. „Ik weet dat ik op de 200 vrij normaal gesproken alleen Michael Phelps voor me hoef te dulden. Maar ook die is niet onverslaanbaar. De 100 vrij is echter een afstand waar ik bezeten van ben. Om mijn ultieme droom op dat nummer na te jagen, moet alles wijken. Zelfs een medaille die me op een ander nummer niet lijkt te kunnen ontgaan.”

Overigens is Van den Hoogenband niet de enige die de 200 meter vrij laat lopen. Zijn concurrenten op de 100 vrij laten zich op de dubbele afstand ook niet zien. Phelps zwemt wel de 200 vrij, maar hij slaat de olympische 100 vrij over omdat zijn programma in Peking – hij zet in op een record van acht gouden medailles – al vol genoeg is.

Van den Hoogenband neemt met zijn besluit bewust het risico dat hij tijdens zijn laatste Olympische Spelen met lege handen komt te staan. De concurrentie op het populairste zwemnummer is de laatste jaren zo sterk toegenomen dat zelfs een plaats in de finale allerminst is gegarandeerd.

Een jaar geleden was Van den Hoogenband nog de enige zwemmer die onder de 48 seconden was gedoken (47,84 tijdens de Spelen van Sydney), twaalf maanden later is het gezelschap in de ‘club van 47’ gegroeid tot zeven zwemmers.

Afgelopen voorjaar raakte Van den Hoogenband zijn wereldrecord kwijt aan de Fransman Alain Bernard (47,50), nota bene tijdens de EK in Eindhoven, terwijl de onttroonde Nederlander zich ziek had moeten afmelden.

Mede dankzij de introductie van het revolutionaire Speedo-zwempak LZR Racer vlogen ook de Australiër Eamon Sullivan (47,52), de Amerikanen Jason Lezak (47,58) en Garrett Weber-Gale (47,78) onder Van den Hoogenband door. Andere vaste concurrenten zijn de Italiaan Filippo Magnini en de Zweed Stefan Nystrand.

Juist het nieuwe Speedo-pak, waarin sinds de introductie eerder dit jaar al tientallen wereldrecords zijn gezwommen, geeft Van den Hoogenband het gevoel dat hij zichzelf ook nog kan verbeteren. Hij stapte deze zomer over van het pak van zijn sponsor Nike naar het veelgevraagde Speedo-pak, zoals Magnini zijn pak van Arena ervoor inleverde.

„Ik ga zeker een persoonlijk record zwemmen”, zei Van den Hoogenband afgelopen weekeinde in Hongkong tegen het persbureau ANP in Hongkong. „Ik zwem in de trainingen mijn beste tijden ooit. Dat heeft ook wel met het nieuwe pak te maken. Maar het gevoel en de vorm zijn goed.”

Hoewel Van den Hoogenband niet meer tot de favorieten wordt gerekend, weet de zwemmer zelf één ding: hij heeft op zijn vierde olympische toernooi veel meer ervaring dan de rest. En hij heeft met zijn drie gouden medaille bewezen dat hij als geen ander in staat is te pieken tijdens de Olympische Spelen. „De Spelen zitten in mijn systeem”, weet Van den Hoogenband, die in 1996 in Atlanta zijn olympische debuut maakte. „Andere toernooien gaan nog wel eens op de automatische piloot, maar voor de Spelen heb ik nog een paar extra stappen kunnen maken.”

    • Rob Schoof