Een bijna-auto in het grote verkeer

Een brommobiel moet de grote weg op, tussen auto’s die 70 tot 80 kilometer per uur rijden. Zestienjarigen zijn dol op de ‘45 km-auto’. „Veiliger dan een scooter.”

Lisa Kasteel rijdt een rondje in haar nieuwe brommobiel. Met een bromfietscertificaat mag zij met haar brommobiel de weg op. Foto NRC Handelsblad, Maurice Boyer Lisa Kraan in haar brommobiel Foto NRC H'Blad Maurice Boyer 31-07-2008 Boyer, Maurice

„Toch wel raar, dat je hier geen rijbewijs voor nodig hebt”, zegt Anneke Kasteel uit Wassenaar. Haar dochter Lisa (16) zit achter het stuur van haar zojuist aangeschafte brommobiel en rijdt een rondje op het parkeerterrein van de dealer. Nog wat onwennig, want het is de eerste keer. „Net een echte auto eigenlijk”, zegt haar moeder.

Vanaf volgende maand rijdt Lisa elke dag zo naar school. Maar niet op het fietspad. Dat is verboden terrein voor een brommobiel, heeft ze net gehoord. Een beetje verbaasd is ze. Een brommobiel valt toch onder dezelfde regels als een brommer en scooter? Buiten de bebouwde kom niet. Het voertuig moet de grote weg op, tussen auto’s die soms 70 of 80 kilometer per uur rijden. Anneke Kasteel fronst haar wenkbrauwen. „Misschien toch een goed idee wat rijlessen te volgen. Of nog even goed oefenen op een parkeerterrein.”

Voor jongeren onder de achttien geldt de brommobiel vaak als een ‘bijna-auto’. Van een suf imago is geen sprake, stelt Lisa Kasteel. „Bij ons op school is het heel cool om er een te hebben, want je bent 16 en je hebt al een auto.” Zij en haar zus Claudia zien steeds vaker leeftijdgenoten in een brommobiel rijden.

Het leek eerst een hype, een paar jaar geleden begonnen in Friesland en Groningen. Jongeren die via Marktplaats een tweedehands brommobiel of invalidenvoertuig kochten, de ‘45 km’-autootjes eigenhandig opknapten en ermee naar school reden. De reacties waren soms schamper. Wie wil gezien worden in zo’n langzaam karretje? Nu, een paar jaar later, is een middelbare scholier die in een brommobiel naar school komt geen uitzondering meer.

Wettelijk is een brommobiel een bromfiets op vier wielen. Maar het citroengele wagentje van Linda Kasteel doet niet onder voor een reguliere auto: een volwaardig dashboard, een achteruitkijkspiegel en twee zijspiegels, een gaspedaal en een rempedaal. Schakelen hoeft niet, zoals bij een automaat; het pookje in het midden heeft twee standen, vooruit en achteruit. Eén belangrijk verschil is er wel: het wagentje gaat niet harder dan 45 kilometer per uur. Er is weinig ruimte, maar een extra passagier en een flinke weekendtas kunnen wel mee.

In de showroom van Minicar Centre in Amsterdam staan de nieuwste modellen brommobielen. Sommige zijn groter dan een Smart-auto. Bedrijfsleider Mario Boots ziet wel wat in een speciaal rijbewijs voor brommobielen. „Nu heb je alleen een bromfietsrijbewijs nodig. Maar je kunt dit toch niet vergelijken met een bromfiets.”

Volgens verschillende garagehouders staan ouders vaak achter de keuze van hun zoon of dochter. Wim Both van het gelijknamige brommobielcentrum in Lekkerkerk: „Meisjes in de zorg die nachtdiensten moeten draaien voelen zich ’s avonds veiliger in een brommobiel dan op een scooter, waar ze vanaf kunnen worden getrokken. De gesloten constructie geeft iets veiligs.”

Veilig Verkeer Nederland (VVN) zet daarentegen vraagtekens bij de veiligheid van de brommobiel en andere ‘speciale voertuigen’. VVN-medewerker Luc Veeger zag laatst „ook weer een jongere op een 80 km-weg in een brommobiel rijden met een file auto’s erachter”. Volgens Veeger lopen brommobielrijders tussen auto’s een groter risico. „Een brommobiel is veel kwetsbaarder, want hij hoeft niet aan dezelfde veiligheidseisen. Een botsing met een auto overleeft de brommobielbestuurder vaak niet.” Veeger vindt dat het tijd is om brommobielen tegen het licht te houden. „Het is vreemd dat een brommobiel aan andere eisen moet voldoen dan een vergelijkbaar voertuig.”

De brommobiel werd in 1995 in Nederland geïntroduceerd. Volgens Harold Bresser van de RAI Vereniging afdeling speciale voertuigen rijden er voornamelijk ouderen en „sociaal zwakkeren” in het autootje. De brommobiel wordt soms ook aangeduid als ‘invalidenvoertuig’. Ten onrechte, zegt Patrick van Manen van de grootste verkoper van ‘45 km’-auto’s in Nederland, Waaijenberg. Invalidenvoertuigen hebben dezelfde snelheidsbeperking, maar verschillen in omvang en vallen onder andere regels. Omdat ze smaller zijn dan 1 meter 10 mogen ze wel op het fietspad rijden. Er is geen brommerrijbewijs voor nodig om erin te rijden en parkeren mag op de stoep.

De Rijksdienst Wegverkeer (RDW) is sinds vorig jaar begonnen met verplichte kentekens voor brommers en brommobielen. De cijfers van het RDW laten een duidelijke piek zien in het aantal geregistreerde brommobielen onder 16- en 17-jarigen vergeleken met de categorie jongeren tussen 18 en 27 jaar. Toch is het niet aannemelijk dat jongeren massaal overstappen op de brommobiel, want het voertuig is relatief duur. Een nieuwe brommobiel kost ruim 10.000 euro. Een tweedehands model komt al gauw op 5.000 euro, de prijs van een nieuwe scooter.

Zonder een financiële bijdrage van hun ouders is een brommobiel voor jongeren dan ook vaak onbetaalbaar. Lisa Kasteel had geluk; een deel van het aankoopbedrag betaalde ze van haar eigen zakcenten, de rest legden haar ouders bij. „Misschien blijft de brommobiel beperkt tot welvarende buurten, Wassenaar en ’t Gooi”, zegt haar moeder Anneke Kasteel.

    • Willemien Veldman