Als de drugskoerier de dienst uitmaakt

Vijf jaar geleden had Afrika, op wat cannabishandel in Marokko na, nog helemaal geen problemen met drugs.

Nu helpen zelfs soldaten met het inladen van cocaïne.

Illustratie Sebe Emmelot West Afrika dreigt een wetteloos gebied te worden door een florerende drugshandel Emmelot, Sebe

West-Afrika ligt onder vuur. Het gebied is tegenwoordig een knooppunt voor de cocaïnesmokkel van Latijns-Amerika naar Europa. Landen waarvan we zelden horen, zoals Guinee-Bissau en het aangrenzende Guinee, lopen het gevaar te worden overgenomen door drugkartels die samenspannen met corrupte krachten in het leger en de regering.

Met uitzondering van de cannabis in Marokko had Afrika nooit een drugsprobleem. Maar dat is de laatste vijf jaar veranderd. Jaarlijks wordt via West-Afrika zo’n 50 ton cocaïne uit de Andeslanden naar Europa verscheept – en dat is een voorzichtige schatting. De feitelijke hoeveelheden zouden nog wel vijf keer zo hoog kunnen zijn. De onderschepte hoeveelheid loopt sterk op: van 266 kilo in 2003 via 3161 in 2006 tot 6458 in 2007.

De profiteurs van deze illegale handel – veelal maar niet alleen Latino’s – vallen op in de straten van West-Afrikaanse steden. Ze rijden in dure auto’s, kopen de beste hotels op en bouwen haciënda’s en andere voorbeelden van weelderige ‘narcotectuur’.

Wetshandhavers staan machteloos tegen deze aanslag. De drugsvliegtuigen hoeven niet onder de radar te vliegen, want in de meeste gevallen is er niet eens een radar (of zelfs elektriciteit). Soms krijgen smokkelaars hulp van soldaten, die luchthavens sluiten en vliegtuigen uitladen. Achtervolgende politieauto’s komen zonder benzine te staan of leggen het af tegen de terreinwagens van de smokkelaars.

Er is geen lokale marine om de schepen uit Latijns-Amerika te onderscheppen, of de boten te achtervolgen die de drugs met 2000 pk naar de kust van Europa brengen. Handelaars komen zelden voor de rechter – soms zijn er geen gevangenissen om ze op te bergen. Zelfs als ze worden vervolgd, worden ze meestal weer vrijgelaten omdat er geen bewijsmateriaal wordt verzameld of de benodigde wetgeving ontbreekt.

De drugs zijn inmiddels een veiligheidsvraagstuk. Het drugsgeld ontregelt de zwakke economieën in het gebied. In sommige gevallen is de waarde van de verhandelde drugs hoger dan het nationale inkomen van een land. De invloed die dit oplevert, tast deze broze landen aan; de handelaars kopen gunsten en bescherming van kandidaten bij verkiezingen.

Snel ingrijpen door de internationale gemeenschap verhinderde vijf jaar geleden een crisis in Kaapverdië, maar de kartels hebben hun operaties gewoon naar Guinee-Bissau verplaatst. Nu wordt ook Guinee bedreigd; Guinee’s buurland Sierra Leone zou de volgende kunnen zijn. Zonder een regionale oplossing zal het probleem zich van land naar land verplaatsen.

Het zal niet eenvoudig zijn om deze dreiging te bedwingen. Het grootste probleem is de armoede. Deze landen scoren het laagst op de index van de menselijke ontwikkeling. Werkloze en wanhopige jongeren zijn gemakkelijk als loopjongens voor misdadige groeperingen te rekruteren.

Door samenwerking van douane, grensbewaking, politie en narcoticabrigades – in havens en op vliegvelden bijvoorbeeld – is Kaapverdië voor drugshandelaars een minder aantrekkelijk doorvoerpunt geworden. Dezelfde aanpak zou nu ook elders moeten worden gevolgd.

Omdat de drugshandel zich niets van grenzen aantrekt, is regionale samenwerking en vooral informatie-uitwisseling essentieel. Een sterkere juridische samenwerking tussen de West-Afrikaanse landen zou de mogelijkheid openen tot doeltreffender uitlevering, wederzijdse juridische hulp en inbeslagneming van criminele opbrengsten.

In sommige gevallen wordt gewerkt aan mechanismen voor de uitwisseling van informatie. Maar de maatregelen en zelfs de wetgeving om de georganiseerde misdaad en de corruptie te bestrijden zullen zinloos zijn zonder de politieke wil en het vermogen om ze uit te voeren. Maar al te vaak verdwijnen onderschepte drugs in plaats van te worden vernietigd. Rechters, politie en getuigen worden geïntimideerd. Veiligheidsdiensten knijpen een oogje toe of helpen een handje bij de smokkel.

De hoogste autoriteiten moeten beseffen wat hier op het spel staat. Het probleem van de drugshandel is in West-Afrika nog vrij klein, vergeleken bij West-Azië, het Caribisch gebied of Latijns-Amerika. Maar het groeit exponentieel en dreigt van het gebied een centrum van wetteloosheid te maken. Een dergelijke instabiliteit is het laatste wat Afrika kan gebruiken. De getroffen landen en de internationale gemeenschap moeten ingrijpen voordat de toestand onbeheersbaar wordt.

Antonio Maria Costa is verbonden aan het Agentschap voor Drugs en Misdaad van de Verenigde Naties (UNOCD).

    • Antonio Maria Costa