Vrouwen in kabinet Japan

De Japanse premier Yasuo Fukuda heeft gisteren twee vrouwelijke ministers benoemd in zijn kabinet. Een opmerkelijke stap in een land waar mannen de politiek domineren. De leider van regeringspartij LDP verving gisteren dertien van zijn zeventien ministers in een poging zijn populariteit onder de Japanners te vergroten. Momenteel steunt minder dan eenderde van de bevolking Fukuda’s regering, die er niet in slaagt haar beleid uit te voeren omdat de oppositie het hogerhuis beheerst en daar steeds besluiten blokkeert.

De nieuwe minister van Consumentenzaken is het populaire parlementslid Seiko Noda, die lang gold als kandidaat voor de eerste vrouwelijke premier van Japan. Zij zal eind augustus of begin september tijdens een speciale zitting van het parlement de plannen moeten verdedigen voor de vestiging van een nieuw agentschap voor consumentenzaken.

Kyoko Nakayama wordt als minister verantwoordelijk voor emancipatie en het gevoelige dossier van de in de jaren zestig en zeventig door Noord-Korea ontvoerde Japanners. Ondanks verzoeken van Tokio om een onderzoek, houdt Pyongyang vol dat van de dertien ontvoerde Japanners er vijf zijn teruggekeerd en acht overleden.

Kabinetschef Nobutaka Machimura behoudt zijn functie, ondanks de kritiek dat hij bepaalde beleidszaken niet goed afhandelt en door Fukuda op afstand zou worden gehouden. De minister van Buitenlandse Zaken Masahiko Komura behoudt net als zijn collega op Binnenlandse Zaken Hiroya Masuda zijn baan. Hetzelfde geldt voor de minister van Gezondheid en Sociale Zaken Yoichi Masuzoe.

De belangrijkste benoeming van Fukuda gisteren vond buiten het kabinet plaats. De president van de LDP stelde zijn populaire en charismatische rivaal Taro Aso aan als secretaris-generaal van de partij. Naar verwachting gaat de voormalige minister van Buitenlandse Zaken Aso vanuit zijn nieuwe positie een belangrijke rol vervullen bij de verkiezingen, mogelijk nog dit jaar. (AP, Reuters)