Wie niet weg is, is gezien

De vlag kan uit bij De Nederlandsche Bank (DNB). Deze week is een conceptwetsvoorstel verstuurd waarin geregeld wordt dat DNB – en DNB alleen – de toezichthouder is die bij fusies tussen financiële instellingen gaat over het afgeven van de verklaring van geen bezwaar (vvgb). Tot nu toe was dat een taak van het ministerie van Financiën in overleg met DNB, maar het ministerie schrijft zichzelf er op last van een Europese richtlijn uit 2007 tussenuit.

Dat betekent dat DNB-president Nout Wellink vanuit zijn rol als prudentieel toezichthouder in de toekomst de vvgb afgeeft. Vorig jaar ten tijde van de overnamestrijd om ABN Amro, is daar veel over te doen geweest. DNB had Financiën al in een vroeg stadium gewaarschuwd voor de risico’s die er aan een overname door het trio van Royal Bank of Scotland, Santander en Fortis kleefden, maar kon uiteindelijk niets doen. De minister was degene de de verklaring afgaf, en daarbij had DNB ook weer niet zulke grondige bezwaren dat er geen verklaring afgegeven kon worden. Daarbij wilde Bos, en met hem premier Balkenende, niet het (politieke) verwijt krijgen zich uit nationalistische overwegingen tegen de overname uit te spreken. Hij ging dus akkoord.

Betrokkenen melden dat er tijdens de overnamestrijd om ABN al gekeken is naar de nieuwe regels, zoals nu in het wetsvoorstel vervat. De ontluisterende conclusie was destijds dat onder het nieuwe regime de toezichthouders eigenlijk nog minder in te brengen zouden hebben dan nu. Dat wordt door Financiën ontkend: in plaats van drie vage criteria gelden er nu vijf hele concrete regels, aldus het ministerie.

De richtlijn is vooral bedoeld om politieke inmenging bij financiële megaovernames te beperken. Nou valt het in Nederland allemaal nogal mee wat die inmenging betreft, maar hoe zuidelijker in Europa je komt, des te groter de rol van politici in dit soort kwesties is. ABN Amro liep daar tegenaan toen zij in 2005 Antonveneta overnam – die casus was een van de redenen dat de richtlijn er überhaupt kwam. Die overname zou overigens makkelijker zijn gegaan onder het nieuwe regime, zei toenmalig minister Zalm begin 2007 in de Kamer. Ook bij de faude bij Société Générale riep de Franse minister van Financiën direct dat ‘SocGen’ geen overnamekandidaat was.

De vraag is of de huidige richtlijn, die uiterlijk maart 2009 ingevoerd moet zijn, een einde maakt aan de politieke druk op overnames. Nu politici formeel niets meer te zeggen hebben, zijn ze des te vrijer om maar wat te roepen: ze gaan er toch niet over.

Een voordeel is er wel: bij een volgende fusie hoeft Balkenende geen verstoppertje meer te spelen als Wellink hem wil spreken.

Egbert Kalse