Er valt niks te mopperen, alleen samen te smakken

De avond begint met een mandje brood met goede olie, boter en zoutvlokken. Simpel maar heerlijk.

De daarop volgende gangen smaken minstens zo lekker.

De zaaknaam ‘Contrast’ slaat vooral op de zwarte stoelen en wit gedekte tafels. Foto’s Jørgen Krielen © Jorgen Krielen / Amsterdam, 27-06-2008 / Restaurant Contrast horeca restaurants bar Krielen, Jorgen

Na een paar keer pech word je voorzichtig. De laatste keren dat we in Amsterdam uit eten gingen, zijn we steeds teleurgesteld. Wéér een slappe carpaccio, koude koffie verkeerd, chagrijnige bediening of een exorbitant hoge rekening. „Misschien kunnen we voortaan beter zelf koken”, verzuchten we, om het een paar weken later toch maar opnieuw te proberen.

Ik beschik over het talent altijd restaurantjes uit te kiezen die het nét niet zijn. Het blijkt meestal al als ik reserveer en ze diezelfde avond „waarschijnlijk nog wel een plekje hebben”, waarna het etablissement op twee sikkeneurige dames in de hoek na leeg blijkt. Eigenlijk moet je dan rechtsomkeert maken, maar dat staat ook zo onvriendelijk. Daarom vaar ik dit keer toch maar liever op recensies.

Na wat speuren op het web valt de keuze op restaurant Contrast, in de Ferdinand Bolstraat. Pas een paar maanden open, en op iens.nl bovenaan in het lijstje ‘beste bediening Amsterdam’. Dat belooft veel goeds.

Bij binnenkomst moeten we even wennen. ‘Contrast’ blijkt vooral te slaan op de tegenstelling tussen de zwarte buisframe stoelen en wit gedekte tafels. Het publiek is net zo koel en zakelijk: een internationaal gezelschap van zakenlui, wat mantelpakjes. Gelukkig krijgen wij een plekje tegen de moderne variant van een schrootjeswand, waar het warmer oogt.

Dan de kaart. We kunnen kiezen uit een drie- of viergangenmenu (37,50 of 42,50 euro), of gangen van het menu vervangen door gerechten van de kaart. Om te beginnen zet de serveerster een mandje brood neer, met goede olie, boter en zoutvlokken. Simpel, maar het brood smaakt versgebakken en de boter is beter dan alle aioli’s, tapenades en andere smeersels die we het afgelopen jaar gegeten hebben.

Ik begin met een in tempura gefrituurde coquille met gekarameliseerde rode ui. Ook mijn vriend eet coquilles, in een salade. In beide gerechten is het schelpdierenvlees lekker sappig gebleven. Als tussengerecht nemen we beiden de gegrilde roodbaars, een stevig visje op een simpele stevige puree. We praten weinig. Er valt niks te mopperen, alleen samen te smakken.

Als hoofdgerecht kies ik een op de huid gebakken schelvis met kreeftensaus. De filets zijn dik en zout, de saus zoet. Mijn vriend neemt de gegrilde kalfsribeye met risotto, waarin paddenstoelen zijn verwerkt. Voor het eerst in tijden moet hij bekennen: dit kan ik zelf niet beter. Het is met afstand de beste risotto die hij ooit geproefd heeft. We lachen. Eindelijk uit eten zoals het hoort. De zaak mag dan wat kil ogen en de bediening is vriendelijk maar onopvallend: het eten is verrukkelijk, en daar gaat het om.

Als dessert is er voor mij een chocoladereep met vossenbessenjam. Dat is precies wat de kaart zegt, al is de donkere chocolade wat gesmolten. Het geheel ligt wat zwaar op de maag, maar de zure bessen smaken er goed bij. Het andere toetje is een vanillehangop met tuttifrutti.

We zijn voldaan, en ook opgelucht: uit eten gaan wint het nog steeds van thuis koken, als je maar het goede restaurant kiest. Recensent en schrik van de Amsterdamse horeca Johannes van Dam blijkt later maar een magere 7- voor Contrast over te hebben. Hij noemt het in een wat zuur stukje in het Parool ‘een zaak door wannabees voor wannabees’. Het kan ons weinig schelen. Contrast heeft ons vertrouwen in restaurants hersteld. Dan zijn we maar wannabees.

Voor meer informatie zie www.restaurantcontrast.nl

    • Janna Laeven