Een Catalaanse Ajacied met politieke ideeën

De nieuwe Ajaxverdediger Oleguer (28) is in Spanje even bekend om zijn acties op als buiten het veld. De Catalaan schrijft boeken en heeft een uitgesproken mening over politiek.

Met het succes van FC Barcelona heeft de stad eindelijk het juk van generaal Franco van zich afgeworpen. Het was alsof wij voetballers de tanks en kogels een halt toeriepen met onze lofzang. Met onze vreugde werd het fascistische tijdperk voorgoed uitgeluid.

Marco van Basten doet er goed aan Cami d’Itaca (De weg naar Ithaka) een keer te lezen. Toen een NOS-verslaggever hem enkele dagen geleden vroeg of hij wist dat zijn nieuwe verdediger Oleguer Presas boeken schrijft, keek de Ajax-trainer hem ietwat glazig aan. „O ja? Ik weet nergens van. Waar schrijft hij over?”

Voor Van Basten is het te hopen dat hij zich van de domme hield. Want Oleguer, die onlangs voor 3 miljoen euro overstapte van Barcelona naar Amsterdam, is in eigen land minstens zo bekend om zijn acties op als buiten het veld. Zijn debuut Cami d’Itaca (2006) leverde de doctorandus economie een grote schare fans én critici op. En verkoopcijfers waar de gemiddelde auteur jaloers op zou zijn.

De meeste recensenten konden weinig met Oleguers constatering dat Spanje met de successen van FC Barcelona „eindelijk het juk van generaal Franco van zich af heeft geworpen”. Noch met zijn lange uiteenzettingen over prostitutie, racisme, de Europese eenwording, anorexia en drugsgebruik. Op internetfora wordt de maatschappelijke betrokkenheid van de voetballer vaak afgedaan met „mietjesgedrag”. „Het kan geen toeval zijn dat Oleguer een baard heeft”, luidt een van de commentaren.

Maar in Catalonië wordt de voormalige vaste kracht van coach Rijkaard op handen gedragen. Sinds zijn geruchtmakende publicatie in de Baskische krant Berria in februari vorig jaar, wordt hij als spreekbuis van De Zaak beschouwd. Want wie zijn carrière op het spel durft te zetten door het publiekelijk op te nemen voor een veroordeelde ETA-terrorist – zij het met de nodige slagen om de arm – moet over lef beschikken, zo is de gedachte.

Oleguer ziet dat anders. „Natuurlijk was het makkelijker geweest om mijn mond te houden”, verklaarde hij in een interview. „Maar als we de wereld willen verbeteren, moeten we onze mouwen opstropen. De consequenties van mijn daad vallen in het niet bij het leed dat veel andere Catalanen doormaken. Er kleeft een geur van hypocrisie aan deze rechtstaat.”

Door zijn controversiële pennenvruchten verloor Oleguer een paar jaar geleden in Spanje zijn sponsorcontract. Maar de independentistas bezorgden hem via een online petitie al snel een alternatief, de Italiaanse kledingfabrikant Diadora. Oleguer, die bekendstaat om zijn sobere levensstijl (hij reed in Spanje in een Volkswagenbusje) leek het allemaal weinig uit te maken. Meer zorgen maakte de Catalaan zich over het feit dat zijn artikel niet op waarde werd geschat. „Het doet mij pijn dat weinig mensen het stuk echt hebben gelezen”, verklaarde hij. „Ik ben voor een dialoog als mensen met steekhoudende argumenten komen. Maar daar heb ik tot nu toe weinigen op kunnen betrappen.”

Barcelona-voorzitter Joan Laporta en de inmidels ontslagen coach Frank Rijkaard namen openlijk afstand van het standpunt van Oleguer, die een fikse vermaning kreeg. En ook de patriottische spits Salvador Ballesta Vialcho, een voetballer met extreem-rechtse sympathieën, zei „meer respect te hebben voor een hondendrol dan voor Oleguer”.

De moeizame houding van de voetballer ten opzichte van de federale regering in Madrid speelt een belangrijke rol bij zijn weigering voor het Spaanse elftal uit te komen. Hoewel Oleguer twee jaar geleden het aanbod van bondscoach Aragones accepteerde om een trainingskamp bij te wonen, heeft hij besloten niet voor Spanje te spelen. „Want er is maar één nationaal team: het Catalaanse.”